Blog: Casper de Gier

Naam: Casper de Gier
Sport: Skeeleren en schaatsen
Geboortedatum: 17-01-1996
Afkomstig uit: Laag Keppel
Behaalde doelen: Zesvoudig Nederlands kampioen Skeeler Jeugd

Twitter  |  Facebook  |  Instagram

30-08-2019: EK in Pamplona

Casper is momenteel in Pamplona voor het EK en jullie zijn races live volgen via deze link!

Vanavond start hij om ongeveer 20:00u op de 10 kilometer puntenkoers op het snelle wegparcours in Pamplona. Daarna wordt bepaald wie er op de 15 kilometer afvalkoers mag starten op zaterdagavond.

Zondagochtend staat Casper zeker weten aan de start op de afsluitende marathon.

15-08-2019: Een laatste keer opladen!

Wegens tijdgebrek deze keer een wat kort maar krachtige blog. Na een geslaagd trainingskamp in Ostrava, Tsjechië was het terug zijn in Nederland gevoelsmatig van korte duur. Na terugkomst stond er namelijk een verhuizing op de planning! Na drie dagen flink gas te geven samen met mijn beide ouders is het appartement volledig opgeknapt en zijn alle spullen volledig van appartement gewisseld in Heerenveen. Na vier dagen flink klussen, afgewisseld met wat training, is de meeste drukte achter de rug. Het sluitstuk van die drukte van afgelopen week was de jaarlijks terugkerende Flanders Grand Prix. Dit is negende en afsluitende wedstrijd van de Europa Cup-cyclus waarin achtereenvolgens skeeleraccomodaties in Spanje, Portugal, Duitsland, Nederland, Oostenrijk, Italië en afgelopen weekend dus België zijn aangedaan. Zaterdag, vlak voor het middaguur, trapte ik ‘m aan vanuit Laag-Keppel voor een flitsretour naar Oostende, België, om mij aldaar in de strijd te gooien met vele Europese toppers!

Zaterdagavond stond er een 8 kilometer in-line op het programma. Simpel maar letterlijk vertaald: 8 kilometer in-lijn. Je start met het voltallige peloton op een 200-meter-lange piste om na 40 rondjes af te sprinten. Geen afvallingen, geen punten, simpelweg de eindsprint die telt! Voor mij was dit sinds lange tijd weer een koers op de piste, wat mij niet verkeerd afging. Na een wat hectische finale rolde ik op positie 11 over de finish. Naar omstandigheden een degelijke uitslag, op naar de volgende dag, de zondagochtend. Tijd voor de klassieke marathonkoers over de klinkers in Oostende!

\

Focus tijdens de altijd hectische wedstrijden op de piste.
*Foto: Flanders Grand Prix

Direct na de pistewedstrijd werden de frames rap gewisseld – van de 4 maal 110 millimeters in wielgrootte voor op de piste, terug naar 3 maal 125 millimeter in wielgrootte wat alleen toegestaan is tijdens marathonwedstrijden – en hebben we nog een korte avondrolsessie gedaan om weer te wennen aan de nieuwe set-up. De volgende dag was het koers: 30 kilometer over het al jarenlang hetzelfde gebleven en unieke marathonparcours, grotendeels gaande over de klinkerstraten vlak naast de skeelerpiste. Er stonden 15 ronden van 2 kilometer op ons te wachten. Met ruim 100 man aan de start (drie categorieën bij elkaar: junioren B, junioren A en senioren) een mooi gevuld peloton! De hele race (40 minuten!) is terug te kijken vanuit het peloton gefilmd door, en met live commentaar van oud-wereldkampioen Pascal Briand. Check onderstaande video voor de liefhebbers:

Voor degenen die snel voorbij het filmpje zijn gescrold en geen zin hebben om veertig minuten naar een beeldscherm te koekeloeren, hierbij een beknopte samenvatting: Direct vanuit de start – met nog 15 ronden op het rondebord – ontstond er een kopgroep van een Belg en een Fransman. Zelf heb ik één maal geprobeerd om weg te geraken van het peloton, maar ik kreeg een groepje van 6 a 7 man mee die niet wilden overnemen. Vervolgens lukte het een Nieuw-Zeelander wel om de oversteek te maken. Een tweetal ronden later – met nog 11 ronden op de teller – kwam ik solo weg van het peloton en kletste ik het gat naar de koplopers in grofweg één ronde dicht. De Fransman moest lossen, waarna niet veel later de Nieuw-Zeelander ook zijn muntje in de parkeermeter gooide. Ik bleef over met de Belg en kop over kop bleven we met een voorsprong van plusminus 25 seconden voort op het peloton. Met nog twee ronden te gaan was er een andere Nieuw Zeelander – Peter Michael, bij een aantal van jullie wellicht bekend van het langebaanschaatsen en tevens ploeggenoot van de Belg met wie ik in de ontsnapping zat – onderweg naar ons. Hij sloot aan en demarreerde vervolgens een tweetal keer afgewisseld met zijn ploegmakker om van mij af te geraken. Dat lukte niet en na het pareren van zijn tweede demarrage – met op dit moment nog één-en-een-kwart ronde te gaan – ging ik er vol gas overheen omdat we al te lang aan het hollen en stilstaan waren en het peloton weer dichterbij kwam. De Belg moest lossen en Peter Michael kon zijn karretje nog aanhaken, maar wilde niet meer overnemen. Door het geklungel in de laatste twee ronden slonk onze voorsprong te rap en werden we helaas ingelopen met nog een halve ronde te gaan. Een flinke teleurstelling na een prima koers met een bijna-zekere podiumplek en strijd voor de overwinning die ik ben misgelopen. Schrale troostprijs waren de onderweg opgepikte premies waarmee de benzinekosten voor het retourtje België weer terugverdiend waren.


Samen met mijn Belgische vluchtmakker in de ontsnapping, stuiterend over de Oostendse klinkerstraten.
*Foto: Dixs Pixels

Zaterdag aanstaande staat er nog één nationale wedstrijd op het programma als laatste voorbereidingskoers voorafgaand aan vertrek naar Pamplona. Aldaar zal het Free-Wheel oranje weer ingeruild worden voor het oranje van de Nationale equipe om op de lange afstanden op het wegparcours en de afsluitende marathon in actie te komen tijdens de Europese Kampioenschappen. Nog één laatste keer de batterijen 110% opladen om keihard te gaan knappen in Pamplona! Vrijdag 30 augustus staat de puntenkoers op het programma, zaterdag 31 augustus de afvalkoers en zondag 1 september de afsluitende marathon. Te zijner tijd zal er naar verwachting een livestream online gaan waarop de koersen te volgen zijn. Houd mijn Instagram-account in de gaten voor updates en informatie, of check www.schaatsen.nl waarop hoogstwaarschijnlijk ook wel e.e.a. gepubliceerd zal worden!

Na het EK in Pamplona wordt de frituurpan nog niet linea recta aangezwengeld. Nee! Want op 7 september staat het Open Nederlands Kampioenschap van Hallum nog op het programma. Een koers over 100 kilometer die – net als voorgaande jaren – live uitgezonden wordt door PodiumTV en via internet te volgen is. Tegen die tijd volgt er wel weer een update. Voor nu: adios!

02-08-2019: Tsjechische Trainingskamptaferelen

In een propvolgepakte auto met twee sportkameraden, een voorwiel van een wielrenfiets in mijn nek en de voedzame lucht inademend van de zelf gefabriceerde lunchpaketten, schrijf ik deze keer mijn blog. Vaak krijg ik te horen dat ik op zeer uiteenlopende plaatsen op de wereldbol verzeild raak vanwege mijn topsportactiviteiten. Nou, het zojuist afgelopen trainingskamp in Ostrava viel zeer zeker ook in deze categorie.

Ostrava is een Oost-Tsjechische industriestad. Daarmee is wat betreft beleving alles gezegd, maar deze industriestad is wel gastheer van een zeer professionele skeelerlocatie die uit de grond is gestampt met behulp van Europese Uniegelden. In tegenstelling tot de meeste professionele en zeer schaars zijnde topskeelerlocaties op Europese ondergrond, is toegang tot het complex in Ostrava volledig gratis (ter vergelijking: in Heerenveen betaal ik een tientje per losse toegang buiten de publieksuren). Trainingslocatie: check!

Mede dit maakte de lange reistijd naar deze Oost-Europese uithoek zeer de moeite waard, want in een (nog) niet-Olympische sport waarin alles uit eigen investering betaald moet worden is het topsport an sich om met zo weinig mogelijk budget een zo professioneel mogelijk kamp te kunnen draaien. En deze uitdaging gaan we jaar in, jaar uit al met elkaar aan.

Het is een feit dat samen reizen gezelliger is, maar als er naast flink wat kilo’s aan ruimbagage ook nog zes wielrenfietsen mee moeten en er per vlucht, per fietskoffer een aanzienlijk bedrag betaald moet worden, hebben we er voor gekozen om ons met drie man in een grote, geleende familieauto te zetelen die fungeerde als volgepropte transport-unit. De rest reisde per vliegtuig met op tijd en goedkoop geboekte vluchten. Transport: check!

Dan resteren er twee belangrijke zaken: voeding en verblijf. Het creëren van gezonde, sportwaardige maaltijden is tijdens zware trainingskampen logischerwijs erg belangrijk. Voeding is de brandstof van je lichaam, dus zonder volwaardige sportmaaltijd, geen volwaardige sportprestaties. Uit eigen interesse en na het organiseren van heel wat trainingskampen is het managen van voldoende en kwalitatief goede voeding geen enkel probleem meer. Daarbij komend dat de Lidl op loopafstand van het huisje te vinden was maakte dat we elke dag weer een andere sportmaaltijd voorgeschoteld kregen die keer op keer met plezier verorberd werd door de groep. Voeding: check!

Dan resteert het laatste belangrijke punt: het verblijf. In een land als Tsjechië is het geen kunst om je ergens goedkoop te nestelen. Wel is het van belang om als sporter goed te kunnen rusten en slapen en – terugkomend op het vorige punt – een goede keuken te hebben. Na de nodige afstruinuurtjes op internet vonden we een vijf-persoons locatie die voldeed aan de door ons gestelde voorwaarden. Met het nodige geregel en veel creativiteit hadden wij daar als groep een perfect zeven persoons onderkomen aan. En dat op drie minuten lopen van de skeelerlocatie. Verblijf: check!

Zo waren alle randvoorwaarden daar en werd elke minuut van de dag benut. De dag werd afgetrapt met om half 7 a 7 uur een stevige bak havermout met nootjes en fruit waarna alle groenten voor de middagmaaltijd werden voorgesneden. Daarna volgde de vaak wat langer durende ochtendtraining: Een lange fiets- of skeelertraining of een krachttraining gecombineerd met een korte skeelersessie. Bij thuiskomst werden de uitgezwete zouten afgespoeld onder de douche en weer aangevuld tezamen met voldoende eiwitten, vetten en koolhydraten die in de middagmaaltijd verwerkt waren. Training afgerond, herstelvoer binnen en opgefrist. Tijd voor een flinke powernap om hersteld aan het middag- en avondprogramma te beginnen!

Na ontwaken werd er een bak koffie gezet door de hobby-barista in onze trainingsgroep en volgde er een kleine maaltijd voorafgaand aan de namiddag-/avondtraining. Er werden weer wat groenten voorgesneden ter voorbereiding op de avondmaaltijd waarna we ons weer naar het skeelercomplex begaven voor een doorgaans korte, specifieke maar zeer intensieve skeelertraining. Uitgewoond en wel was het bij terugkomst weer kokkerellen, herstellen, opfrissen en naar bed. Cliché maar waar, elke dag was het weer een kwestie van eat, sleep, train, repeat!

De rustdag die de twee trainingsweken opsplitste werd benut met een indrukwekkend en onwerkelijk bezoek aan de concentratiekampen van Auschwitz net over de grens in Polen. Op een dag als deze is het besef maar al te goed daar dat we van geluk mogen spreken om grenzeloos en vrij ons (sport-)leven in te vullen op de manier hoe we dat nu doen.

Wij vervolgen onze reis richting de lage landen. Tot de volgende keer! Ahoj!

18-07-2019: Terugblik op het WK

Maandagmiddag 8 juli zette ik mijn eerste stappen op Catalaanse ondergrond, in Barcelona om precies te zijn. Nadat de taxichauffeur mij al slalommend tussen de verkeersdrukte door veilig en wel afzette bij het hotel waar we als Nationaal team verbleven, drong het langzamerhand tot me door dat ik over een aantal dagen mijn eerste WK-afstand zou gaan rijden op de weg. De hieropvolgende ochtend reed ik voor het eerst met een E-bike naar de baan toe, ons vervoer voor de rest van de week. De route was niet al te moeilijk: fietsen tot aan het strand, linksaf slaan en vervolgens het strand blijven volgen totdat er geen strand meer zou zijn, waar op een klein evenemententerrein de pop-up piste en het omliggende wegparcours te vinden waren.


Inline Speed Skating is sinds drie jaar onderdeel van de World Roller Games. Een soort van mini-olympische spelen waar alle wereldkampioenschappen van skateboarden, inlinen, downhill, slalom, inline-hockey, en noem maar op gecombineerd worden. Voor het speed-gedeelte hebben ze de op de foto weergegeven locatie uitgezocht aan de Barcelaanse playa en er een zogenoemde pop-up piste gebouwd op een constructie van stalen frames en platen. Het idee leek geweldig, om de skeelersport overal naar toe te kunnen brengen, maar de uitvoering laat nog te wensen over. Het wegparcours is om de piste heen getekend. De rijderstenten zijn geheel links op de foto te zien.

Gezien het wegparcours rond de piste loopt en gedurende de pistewedstrijden de jurytenten en technische apparatuur geplaatst waren op het wegparcours, was het onmogelijk om te kunnen trainen op het wegparcours voorafgaande aan de wedstrijd. De donderdagochtend – de ochtend van mijn eerste wedstrijddag – reed ik mijn eerste rondjes op het wegparcours om rond het middaguur (naar omstandigheden) zo goed mogelijk voorbereid aan de start te staan van mijn kwalificatie voor de puntenkoers. Eerste indruk: een technisch maar razendsnel wegparcours.

Bij de senioren mannen waren er voor de puntenkoers drie kwalificatieheats waarbij de top-12 van elke heat zich plaatste voor de finale. Door een prima kwalificatie te rijden en vlak voor halverwege koers naar de kopgroep toe te springen, sprokkelde ik in de afsluitende eindsprint één punt. Dit was genoeg om mij als nummer 10 voor de finale te plaatsen later diezelfde avond. Teammakker Ruurd Dijkstra kwam ook door zijn heat. Beiden moeten we normaliter wat op gang komen en na de eerste ronden schoven we in de finale elke ronde 3 a 4 plaatsen op. Eenmaal vooraan het peloton plaatste ik een aanval, waar Ruurd het controleerde vooraan het peloton. Op weg naar punten. Althans, zo leek het. Na een halve ronde zagen we beiden dat er twee man vooruit reed en slechts twee man ontvangen elke ronde punten op de streep. Het gat was té groot om te overbruggen, een achteraf nutteloos geplaatste aanval dus. Op dit WK-niveau heb je maar één kans, of zoals de Belgen zo mooi zeggen: slechts één cartouche om te verschieten. Ik kwam terug in het peloton maar merkte dat ik geen energie meer over had om nogmaals een vergelijkbare actie uit te kunnen voeren. Een snelle koers waarin ik géén punten pakte resulteerde voor mij in een acceptabele 17e plek. Voor een eerste WK-koers gezien de omstandigheden een prima debuut.

 

De races op het technische wegparcours vastgelegd op beeld van Eline Hooghiemstra & Diccon Scrivens

De hieropvolgende vrijdag stond in het teken van de afvalkoers. Een afstand waarbij de snelheid doorgaans lager ligt en er minder sprake is van natuurlijke selectie op fysiek niveau. Het is voornamelijk een kwestie van goed positioneren en zorgen dat je uit het gedrang blijft achteraan de koers, waar de afvallingen plaatsvinden. Tot halverwege mijn kwalificatieheat lukte dit aardig. Ik kon mij handhaven rond positie 10 in het peloton totdat ik halverwege koers naar achteren in het gedrang terecht kwam en mijn koersfocus plaatsmaakte voor het idee dat ik staan moest blijven. Een welbekend manco waarin ik vaak terugval gedurende een afvalkoers en wederom nekte het mij deze keer en moest ik als één-na-laatste niet gekwalificeerde rijder uit koers. Als je naar een WK gaat ben je het aan je stand verplicht om op z’n minst door de kwalificaties te komen en een rol te kunnen spelen in de finale. Echter haalde ik deze keer de finale niet eens…

Ik voelde me behoorlijk kansloos en logischerwijs was het flink balen alvorens de focus omsloeg naar de afsluitende marathon op zondag. De frames werden diezelfde avond nog omgezet van vier-110-millimeter-grote-wielen naar drie-125-millimeter-grote-wielen en het eerste rondje was al snel weer gemaakt. De volgende dag was er een extra rustdag (slechts een 100-meter op het programma voor de sprinters) waarop we nog rustig konden toeren op de andere, grotere wielen en de afstelling tot in de puntjes fine-te-tunen was. Een goede pasta naar binnen en vroeg op bed!

De wekker ging om 06u30. Voor het ontbijt nog snel een rondje hardlopen om wakker te worden en scherpte te kweken door alle naar huis sloffende nachtbrakers te ontwijken. Vervolgens een standaard koersontbijt: een dikke bak havermout met fruit en daarnaast een bak koffie. Bij terugkomst in de hotelkamer de tas inpakken en op de E-bike richting het marathonparcours waar we volgens planning met een groep van dik 400 man om 10u00 weg werden geschoten voor de start van 42,195 kilometer koers. Normaliter kan je het parcours in zijn geheel een keer verkennen, maar gezien ze de straten in een wereldstad als Barcelona zo lang als mogelijk vrij willen houden voor verkeer was dat nu niet mogelijk. De eerste van de 5 ronden was dan ook de allereerste ‘verkenningsronde’ die we konden rijden. Waar we allereerst dachten dat een U-turn midden op de brede weg het probleem ging zijn, viel dat allemaal wel mee. Hetgeen wat wel direct op viel was de slechte staat van het asfalt aan de achterzijde van het parcours, dichtbij het Barcelona voetbalstadion. Scheuren en gaten waar je met je wielen compleet ik weg kon zakken. In de eerste ronde was het direct raak en om de haverklap was het noodzakelijk om crashende atleten te ontwijken. Naarmate de koers vervolgde en de vermoeidheid bij velen ging tellen werden de valpartijen steeds gekker. Op twee punten werden er flesjes water aangegeven door vrijwilligers van de organisatie, mensen die geen idee hebben hoe ze een tegemoetkomend peloton met een snelheid van tussen de 40 en 50 km/u van waterflesjes moeten voorzien. Niet meedraaiende met de skaters werd een vrouwtje onderuitgeslingerd doordat haar arm naar achteren sloeg, vervolgens viel hier weer een aantal man overheen. Meermaals stapten er skaters in de al eerder genoemde gaten en scheuren in het asfalt waarna ze het asfalt toucheerden. Een aantal keer ging daar weer volk overheen, waardoor er een waaier van op het asfalt belande skaters lag. Je kan je voorstellen dat als daar een peloton langs, overheen of doorheen moet denderen het een kettingreactie teweeg brengt. We hebben immers geen remmen. Zo gebeurde dat ook en met het ontwijken van de valpartijen zag ik renners tegen bomen, lantarenpalen of bushokjes klappen. Nogmaals: met een gangetje van tussen de 40 en 50 km/u, een lapje stof om je heen en een helm op je kop. Langzamerhand maakte bij mij de resultaatgerichte focus plaats voor de blijven-staan-focus. Iets waar je tijdens een wedstrijd never en nooit aan moet denken. Het killer-instinct moet je blind maken voor gevaar. Je moet uit zijn op de overwinning en alles moet daar voor wijken (uiteraard wél op een sportieve manier). Naar het einde van de koers toe zat ik achter het treintje van de Colombianen, die relatief laat naar voren zouden schuiven, wat mogelijk was gezien de breedte van het parcours. Al meeschuivende in de laatste kilometer zou ik mijn eigen sprint kunnen rijden, want onze kopman Gary Hekman was net als vele anderen hard gecrasht. Door wederom een gekke manoeuvre belandde er vlak voor mij een aantal man in de plantenbakken parallel-lopende aan onze racerichting en was ik mijn plek achter de Colombiaanse trein kwijt. In de laatste ronde verlieten we het parcours en was het éénmaal rechtsaf slaan om in de drukke Passeig de Gràcia downhill naar de finish te sprinten. Dit was ook de plek waar we gestart waren en ik wist dat we slechts 300 meter hadden om uit te rollen na de finishlijn. Bij een downhill-finishsprint als deze klapte de snelheid ruim boven de 60 km/u, dan is 300 meter snel voorbij… Gezien ik niet meer sprintte voor een top-10 klassering kwam ik al sleepremmend over de finish op positie 33. Vooraan klapten de eerste drie rijders door de hekken heen waar het resterende rijders over heen konden springen, rechtstreeks het drukke verkeer in. We kunnen van geluk spreken dat daarbij niets ergs gebeurd is.

Verliep de race maar zo mooi als doet lijken op deze plaatjes…
*Foto’s van: Eline Hooghiemstra, Diccon Scrivens en J. Monfort

Waar mijn favoriete afstand – de marathon – een mooie afsluiter had moeten worden van het WK, was het voor heel team Nederland een behoorlijke anti-climax. Dit is natuurlijk niet de manier hoe je een toernooi wilt eindigen. Na het drinken van één of meer borrels was het dan ook tijd om weer naar huis te gaan. Nu ik twee rustdagen heb gehad en langzaam aan weer start met gestructureerd trainen, gaat de focus langzaam maar zeker weer op voor deel twee van het zomerseizoen. Er zijn nog een aantal wedstrijden die verreden worden, startend bij de marathonklassieker in Otterlo zaterdag aanstaande. Zondag zal ik nog een mooi feestje meepikken op de Zwarte Cross om vervolgens maandag al weer naar Ostrava, Tsjechië af te reizen – waar een machtig mooi skeelercomplex schijnt te liggen die vrij toegankelijk is – om daar met een vijftal sportkameraden twee weken op trainingskamp te gaan. Na terugkomst resteert één nationale baanwedstrijd, het EK, het Open Nederlands Kampioenschap in Hallum en de traditioneel seizoensafsluitende wereldbeker-marathon in Berlijn.
Voor nu kruip ik uit de rustmodus om een goed trainingskamp te draaien en het skeelerseizoen sterk af te sluiten. Het seizoen heeft me al veel gebracht en er zijn genoeg kansen om er nog meer uit te halen!

05-07-2019: meten is weten

Aanstaande zaterdag staan er in de hoofdstad van onze zuiderburen 176 profwielrenners in fitte, afgetrainde en parate staat klaar aan de start van de 106e Tour de France. Eenentwintig etappes zullen ze elke kilometer de ballen uit hun broek rijden om prachtige sportmomenten te creëren die wij – lui vanaf de bank – kunnen en mogen aanschouwen. Zelf ga ik tussen mijn eigen sportdrukte door weer genieten van prachtige televisie waar de aandacht in de live-uitzending en alle talkshows de laatste paar jaren steeds meer verschuift van de prachtige natuur, de talloze Franse kastelen en het uitzinnige publiek naar: bandendruk, aerodynamica en wattages. Ontzettend interessant allemaal, maar hoe weet een renner precies wat voor een wattage hij kan én moet wegtrappen op een bepaalde klim? Daar probeer ik je aan de hand van mijn eigen ondergane sporttest antwoord op te geven!

Afgelopen donderdag stond er weer een periodieke sporttest op het programma. Zie het als een soort APK voor ons als sporters. Naast het meten en analyseren van veel gezondheidswaarden (bloedwaarden, rusthartslag, bloeddruk, etc.) is het aan ons als sporters de taak om ons zo maximaal als mogelijk in te spannen op een testfiets om daar vervolgens trainingswaarden uit te kunnen halen. Per sporter wordt de testfiets ingesteld op een uniek protocol (gebaseerd op eventuele eerdere testen, het gewicht en een aantal andere factoren) waarbij het te leveren wattage (lees: vermogen = energie per tijdseenheid) met verloop van tijd steeds hoger wordt. In jip-en-janneketaal wordt de weerstand die nodig is om de pedalen rond te krijgen steeds groter en zullen we dus steeds harder op de pedalen moeten stampen om eenzelfde aantal omwentelingen vast te kunnen houden. Voor ons resteert na de start slechts één simpele taak: om het zo lang als mogelijk vol te houden.

Na afloop van de test kan de sportarts door analyse van alle gemeten waarden verkregen uit de ademgasanalyse (dat masker), de hartslag (alle plakkers op m’n lichaam) en het geleverde vermogen (op de testfiets) mijn trainingszones berekenen. Vaak hoor je sporters praten over het trainen in bepaalde zones. Per zone heb je logischerwijs weer een ander gewenst trainingseffect, zo kan je met behulp van deze trainingszones (gebaseerd op hartslag of vermogen) zeer gericht trainingen schrijven en uitvoeren. Deze zones kunnen dus zo nauwkeurig mogelijk bepaald worden door bijvoorbeeld een sporttest als hierboven weergeven en omschreven uit te voeren. Zo is ook het omslagpunt ofwel de anaerobe drempel tot op een aantal hartslagen en een aantal wattages nauwkeurig te bepalen. Terugkomend op de vraag waarom een Tour de France-renner steeds maar weer op zijn fietscomputer kijkt: de anaerobe drempel is het punt (kan zowel gebaseerd worden op hartslag als wattage, de renners kijken naar het wattage) waarop je lichaam het door inspanning ontstane melkzuur niet meer kan verwerken met behulp van zuurstof. Bij inspanningen boven de anaerobe drempel helt de balans simpel omschreven over: er wordt meer melkzuur geproduceerd dan dat het lichaam kan verwerken met behulp van zuurstof, je benen verzuren meer en meer totdat je lichaam gaat protesteren en vervolgens als het ware blokkeert en je gedwongen wordt om weer minder vermogen te gaan leveren. Een renner kan dus zien aan de weergegeven waarden op zijn fietscomputer of hij een bepaalde inspanning relatief lang (onder de anaerobe drempel) of relatief kort (op of over de anaerobe drempel) vol kan houden. Dat is dus de reden waarom veel renners zich scheel staren op dat kleine computertje op het stuur.

Nu mijn trainingszones weer helemaal up-to-date zijn en ik sinds drie weken met steun van Giant Bicycles en Van Slingerland Tweewielers uit Keijenborg eigenaar ben van dit prachtig fietsje mét wattagemeter…

… kan ik zeer gericht aan de slag met het inrichten mijn fietstrainingen. Maar nee, ik ga niet en zal ook nooit als een robot op mijn stuur blijven turen naar alle getalletjes op de fietscomputer. Het heerlijke van fietsen is het opgaan in de omgeving en genieten van alles om je heen. Wél ga ik aan de slag met alle waarden die ik weer kan verwerken in mijn trainingslogboek en is het natuurlijk een doel om bij elke training betere waarden te gaan trappen. Nieuw materiaal is goed voor ‘t moraal. Zo ook deze wattagemeter op de nieuwe fiets!

Het flinke afzien tijdens de sporttest werd beloond met waarden die ik nooit eerder heb getrapt, persoonlijke records dus! Weer een stap in de goede richting. Aanstaande maandag zal ik met een goed gevoel het vliegtuig instappen om na twee-en-een-half uur vliegen in Barcelona te landen. Vanaf het moment dat ik op Spaanse grond sta maak ik deel uit van het Nederlandse team dat deelneemt aan het Wereldkampioenschap Skeeleren. Zelf zal ik uitkomen op de lange afstanden op de weg (11 en 12 juli) en de afsluitende marathon (14 juli).

Wat betreft deelnemers, programma, uitslagen etc. kan je het beste hier kijken. Alle finales zijn vervolgens hier live te zien. Dus kan je niet live aanwezig zijn of ben je elders op vakantie? Dan nog kan je het volgen vanuit je heerlijke luie vakantiezetel!

 

21-06-2019: De ene week is de andere niet

Waar mijn vorige blog in het teken stond van de nationale titel op de puntenkoers op de weg, verliep de meest recente nationale titelstrijd op de marathonafstand niet zoals gehoopt. Na sterke marathons te hebben gereden gedurende het eerste deel van het skeelerseizoen, reed ik vanaf het begin achter de feitjes aan. In ronde drie (van de 48 af te leggen rondjes) ontsnapte de beslissende kopgroep al, waar ik spijtig genoeg geen onderdeel van uitmaakte…

Waar de drie grote ploegen allen vertegenwoordigd waren in de kopgroep en in de tweede groep wat te veel naar elkaar en de favorieten gekeken werd, zat er al snel een sleur in de tweede groep die deed smaken naar een verloren wedstrijd. Er waren nog wat pogingen om weg te rijden of te jumpen, maar een echte achtervolging kwam logischerwijs niet op gang. Zodoende was het al voor halverwege wedstrijd duidelijk dat de voorste groep zou gaan uitmaken wie de rood-wit-blauwe marathontrui mee naar huis kon nemen.

Zelf had ik meer van deze wedstrijd gehoopt. Zoals aangegeven in de titel van deze blog is de ene week de andere niet. Waar dik twee weken geleden euforie, blijdschap en verbazing de keywords waren na het binnenhalen van mijn eerste nationale seniorentitel, was het afgelopen zaterdag een flinke teleurstelling. Als sporter zit je meest recent gereden wedstrijd altijd het meest vers in je geheugen en weegt deze vaak het ‘zwaarst’. Zodoende is het moeilijk om snel om te schakelen en terug te denken aan de wedstrijden voorafgaande aan je laatst gereden wedstrijd. Na een avondje flink balen is dit wel gelukt en kijk ik vol trots terug op mijn titel. De dag na de NK marathon was het tijd om te ‘unwinden’ en even niet met sport bezig te zijn. Met familie en vrienden heb ik een heerlijke dag rondgebanjerd op het festivalterrein van Mañana Mañana in Vorden, dat was samen te vatten in één woord: genieten!

Na een aantal dagen wat rustiger aan te hebben gedaan staat de focus er nu weer vol op. De voorbereidingen voor het WK skeeleren in Barcelona zijn in volle gang. Komende week gaan we met de marathonschaatsploeg nog op mini-trainingskamp in Tecklenburg waarna ik op 8 juli afreis naar Barcelona om daar op de wegonderdelen en de afsluitende marathon zo sterk en fit mogelijk aan de start te staan. Tot de volgende keer, adios!

07-06-2019: Na (diepe) dalen volgen HOGE PIEKEN!

Mijn 50ste blog voor de Zwarte Cross Talententuin is een bijzondere. Afgelopen zaterdag ben ik op de 10 kilometer puntenkoers op de weg in Medemblik voor het eerst NATIONAAL KAMPIOEN geworden bij de senioren! Een titel die voor mij veel meer betekent dan alleen de gouden medaille om m’n nek en een rood-wit-blauwe trui om de schouders.

We gaan een dik jaar terug in de tijd, de skeelerzomer van 2018 begon vroeg. In januari reisde ik af naar Colombia en Mexico voor een twee maanden durend trainingskamp. Ik trainde bijzonder veel en hard aldaar en zette na terugkomst in Nederland ditzelfde straffe trainingsregime koste wat het kost door. Ik voelde me sterker dan ooit en zat goed in m’n sportcoconnetje. Trainen, eten, slapen, tussendoor nog wat werken maar wat dat betreft weinig tijd makend voor andere (hele belangrijke) dingen. Ik kreeg bevestiging dat ik sterk en fit was en behaalde twee zilveren NK-medailles (mijn eerste NK-medailles in de seniorencategorie), waarmee ik me kwalificeerde voor de Wereldkampioenschappen in eigen land en de Europese Kampioenschappen in Oostende, België. Na het eerste piekmoment, het NK, volgden al snel wéér twee piekmomenten. Zowel op dit WK en EK moest ik even goed, dan wel niet beter in vorm zijn dan op het NK. Er was geen tijd om even uit die cocon te kruipen en te relaxen. Nee, doorgaan in die topsportfocus en op naar de volgende piekmomenten. En dat kostte eerlijk gezegd geen enkele moeite.

Mijn eerste WK en EK zaten erop en na slechts één korte rustweek om volledig afstand te nemen van de sport en even bij te komen, begon het weer te prikkelen. Er kwam een mooie wereldbekerwedstrijd aan, de traditionele seizoensafsluiter op het razendsnelle marathonparcours van Berlijn. De allergrootste inline-skatewedstrijd ter wereld waar zo’n 8000 inline-skaters aan de start staan. Ondanks dat ik me had voorgenomen dit evenement te beschouwen als relaxte seizoensafsluiter, begon het langzamerhand te groeien en vormde het zich om naar wederom een belangrijke wedstrijd waar ik wéér goed wilde presteren. Met tientallen wereldkampioenen aan de start is het immers een mooi moment om je te kunnen meten. Na me toch maar weer specifiek voor te bereiden op deze wedstrijd en weer een trainingsblok in te lassen, ging ook deze marathon weer prima met een 13e plaats en het rijden van een officieus Nederlands Record van 58 minuten en 19 seconden (43,42 kilometer per uur gemiddeld).

Zonder te accepteren en het besef toe te laten dat het zowel mentaal als fysiek een lang, zwaar en intens seizoen was geweest, denderde ik ‘gewoon’ weer door. Het schaatsseizoen kwam eraan en voor ik het wist zat ik met de marathonschaatsploeg in Erfurt voor het eerste trainingskamp. Voorafgaand aan het seizoen had ik me voorgenomen dat het komende marathonschaatsseizoen (mijn derde) het laatste seizoen zou zijn in de beloftencategorie. Afgelopen winter had ik mijn eerste wedstrijd in de beloftencategorie al gewonnen en met mijn uit-de-zomer-meegenomen fitheid en fysieke vorm zou het niet anders lopen dan dat ik ook op de schaatsen weer een sprong voorwaarts zou gaan maken. In vergelijking met de zomer ging ik wat minder trainen om meer te kunnen werken. Dat lukte prima, ik plande mijn ochtendtraining vroeg in, ging naar m’n werk, trainde bij terugkomst thuis ná het avondeten nogmaals en de dag was weer voorbij. Nog steeds doorgaand in het inmiddels normaal geworden ritme, alleen nu dus met minder trainingsuren en meer werkuren. De resultaten bleven komen, dus de doelstelling om een contractje te bemachtigen bij een topdivisieploeg leek gedurende het seizoen realistisch te zijn. Na een aantal goede uitslagen en een aantal hele mooie overwinning tijdens de schaatswinter van 2018 op 2019, met als hoogtepunten de dubbele overwinning in de marathonvierdaagse, de derde plaats bij de eerste Natuurijswedstrijd in Haaksbergen en een sportief zeer succesvolle natuurijsweek op de Weissensee in Oostenrijk, kwamen er veel topdivisieploegen op me af. Ze zagen allen potentie en wilden me graag bij de ploeg hebben. Vlak na het schaatsseizoen wilde ik mijn rust pakken, maar ging de sleur in een andere vorm door. Veel afspraken, onderhandelingen, gesprekken hier, gesprekken daar. En na afloop was ik en ben ik ontzettend blij met de beslissing om op het vertrouwde nest te blijven en de stap naar de Topdivisie in een vertrouwde omgeving te kunnen maken bij marathonschaatsteam BouwSelect, waar ik van de beloftenploeg doorstroom naar de Topdivisieploeg.

Weer een behaald doel en een hoofdstuk afgesloten, terwijl het volgende hoofdstuk ‘Skeelerseizoen 2019’ alweer begonnen was. De sleur ging zonder dat ik het opmerkte gewoon weer door. Ik trok me weer terug in mijn topsportcoconnetje en gunde mezelf weinig tijd om te relaxen en bij te komen van een goede skeelerzomer en de aaneengesloten goede schaatswinter. Ik was erg blij en tevreden, maar gaf mezelf niet veel tijd om te genieten van het sportieve succes en de bijbehorende euforie, vrolijkheid en blijdschap te delen met m’n familie, kameraden en kennissen. Maar aangezien het volgende sportieve hoofdstuk al weer begonnen was, was ik hier bij wijze van spreken ‘blind’ voor en was de topsportfocus weer gericht op de volgende doelen.

Stukje bij beetje begon het besef er te komen dat ik op moest passen, rustige momenten in moest lassen en meer aan mezelf moest gaan denken. Iets was ik deed door weer verder te gaan met mijn trainerscursus (die ik al ruim een half jaar af had kunnen hebben en inmiddels – gelukkig – zo goed als klaar heb). Ik pakte weinig rustmomenten, sprak weinig af met kameraden of kennissen, ging niet even een dagje weg en gunde mezelf weinig vrije tijd. Geen tijd dus om te genieten en te beseffen hoe mooi het leven, de sport en de combinatie van beiden kan zijn. Ik hield mezelf weer voor de gek door met de trainerscursus aan de slag te gaan. Die twee a drie keer per week dat ik lekker kon genieten van echte vrije tijd, ging ik maar met de cursus aan de slag. Tot een maand of twee geleden, toen het besef kwam dat ook dit niet de manier was. Sindsdien heb ik duidelijk keuzes gemaakt, wat betreft skeeleren focus ik mij alleen op de weg-onderdelen en laat ik de piste maar even voor wat het is. Want de piste in Heerenveen is – spijtig genoeg – erg moeilijk toegankelijk en al het geregel wat er bij komt kijken en het bijkomende financiële plaatje waren voor mij genoeg reden om hier geen energie aan te ‘verspillen’. Ik bleef wel gewoon mijn trainingsuurtjes maken, maar vulde alles veel relaxter in. Als vanouds zocht ik weer vaker goede sportkameraden op om trainingen te combineren, een relaxed koffierondje te maken op de fiets of na een zware training met een groep een gezonde herstelmaaltijd te maken. Hele kleine dingen waar ik in de periode daarvoor weinig tijd voor maakte. Als het even paste, ging ik ook weer lekker terug naar m’n ouders in de mooie Achterhoek en genoot ik weer van de momentjes thuis. Een hele bende oude fietsen opknappen met vaders, de hond uitlaten met m’n broer of avondeten maken met moeders. Hele simpele dingen waarvan ik besefte dat ik ze het afgelopen jaar met terugwerkende kracht wel echt heb gemist en waar ik soms bewust, soms onbewust geen tijd voor maakte. Want op veel momenten besteedde ik die tijd op ‘planeet Casper’. Iedereen om me heen was druk in de weer om deze planeet draaiende te houden, wat zogezegd ook erg goed lukte en veel sportieve successen opleverde, zonder dat ik veel aandacht en tijd teruggaf aan al die lieve, aardige en mooie mensen.

Dat besef kwam een maand of twee geleden en sindsdien heb ik het mezelf eigen gemaakte Colombiaanse en Mexicaanse trainingsritme niet bijzonder veel aangepast maar vooral veer vrijblijvender ingericht. Ik ga er minder strikt en veel luchtiger mee om. Waar het even kan tijd vrijmaken voor familie, kameraden, kennissen en anderen. Niet gestrest zijn als het een keer onoverkomelijk is dat ik een training moet missen, of er een keer bewust voor kies niet te trainen maar leuke dingen te ondernemen. Een vrije namiddag invullen door in het zonnetje een boekje te lezen en de trainerscursus even links te laten liggen. Genieten van kleine momentjes, genieten van elke training die je doet, elke training die je kan en mag doen en het delen van deze kleine geluksmomentjes met de mensen om me heen. De balans was een beetje zoekgeraakt en is nu weer teruggevonden. En dat blijkt!

Nationale kampioenschappen
Afgelopen week begon op donderdag 30 mei het Nederlands Kampioenschap baan/weg in Wervershoof en Medemblik. De eerste twee dagen werden de pisteafstanden verreden op de 200-meter-lange en gecoate piste in Wervershoof. Voor mij stond er een 10 kilometer punten-/afvalkoers en een 10 kilometer afvalkoers op het menu. Zoals gezegd heb ik de keuze gemaakt weinig op de piste te trainen en had ik voor en tijdens het toernooi niet écht de juiste overtuiging en focus om met de weinige pistetrainingen toch goede resultaten neer te zetten. Ik werd 10e op de puntenkoers en 7e op de afvalkoers, waarbij die 7e plaats op de afvalkoers gek genoeg wél voelde als een opsteker. Een opsteker die ik goed kon gebruiken voor de laatste dag van het Nederlands Kampioenschap. De laatste en enige dag waarop we koersten op het 410-meter-lange, uitgezette wegparcours in Medemblik. Eén kans dus om een goed resultaat neer te zetten.

Op deze 400-meter-lange skeelerbaan (vergelijkbaar met een schaatsbaan) werden een aantal obstakels geplaatst en werd er één chicane ingebouwd om het een mooi en uitdagend wegparcours te maken die waardig was voor een Nationaal Kampioenschap. Wederom stond er een 10 kilometer puntenkoers op het programma. Het onderdeel waarop ik vorige zomer mijn eerste senioren NK-medaille behaalde, een zilveren. Afgelopen jaar heb ik bij alle wegwedstrijden ofwel podium gereden ofwel de overwinning behaald door relatief laat in de wedstrijd aan te vallen en ‘de brommer aan te zetten’, om vervolgens zo veel mogelijk punten op te rapen in een kleine kopgroep of alleen. Ik bedacht me dat ik niet één-op-één dezelfde strategie zou moeten hanteren, omdat meerderen hier wellicht rekening mee hielden, wat logischerwijs de kans op succes verkleinde. Na ongeveer 4 a 5 puntensprints (van de in totaal 21) besloot ik mijn aanval relatief vroeg te plaatsen en kreeg ik Staphorster skeelertalent Ronald Haasjes (komende winter ploegmaat bij marathonschaatsteam BouwSelect) mee. De eerste twee ronden verdeelden we om-en-om de punten waarna ik vervolgens de gashendel nog een tikkie verder opendraaide en Ronald achterliet. Ik sprokkelde veel punten bij elkaar, waarna Jordy van Workum (eerstejaars senior, afgelopen seizoen wereldkampioen junioren) en Gary Hekman na een jump vanuit het peloton aansloten aan kop van de koers. Nog drie maal kon ik punten afsnoepen met een spagaatje of een sprint, waarna ik mijn limiet echt had bereikt. Met nog vijf ronden te gaan was het voor mij zaak om weer aan te pikken achteraan het peloton en door te blijven rijden tot de koers erop zat. Achteraf bleek er een groot digitaal scherm te hangen boven de start-/finishboog met daarop weergeven de verdeelde punten. Deze heb ik tijdens koers nooit gezien, omdat ik keer op keer alleen maar gefocust was op het pakken van zo veel mogelijk punten. Ook de speaker heb ik onderweg niet gehoord. Ik kwam leeggereden en met de handen op de knieën over de finish – waar de fotografen al klaar stonden voor een uitbundige viering – maar wist op dat moment nog niet dat ik gewonnen had. Ik bedacht me dat het waarschijnlijk een derde of tweede plaats moest zijn gezien het laatste deel van de koers Marc Middelkoop in een solo-ontsnapping veel punten had opgeraapt…

Maar in de bocht na de finish hoorde ik de speaker dan toch luid omroepen: “En daar is de Nederlands Kampioen puntenkoers bij de senioren heren… CASPER DE GIER!!!”. In onderstaande fotoserie de momenten in de wedstrijd, het moment van besef dat ik Nederlands kampioen geworden ben en de podiumfoto met een heerlijk zittende rood-wit-blauwe trui om de schouders en gouden medaille om de nek. Mijn eerste bij de senioren!

*Foto’s: Hidde Muije / Instaschaats

Met deze nationale titel heb ik mij gekwalificeerd voor de Wereldkampioenschappen die dit jaar in Barcelona verreden worden (7 – 14 juli). Ik zal hier starten op de lange afstanden op de weg en de afsluitende marathon. Check de volledige WK-selectie en andere informatie over het WK via deze link.

Logischerwijs ben ik na een zo-omschreven opslokkende en intense sportperiode donders blij met dit resultaat en de selectie voor het WK. Na afloop van de puntenkoers en de huldiging heb ik samen met een aantal goede sportkameraden direct een vette bak patat en een broodje hamburger gearresteerd: genieten! Genieten van zowel de sport, bijbehorende resultaten en goed gezelschap! Maar toch werd het te vieren feestje niet op een uitbundige manier voortgezet, aangezien er weer een volgend kampioenschap op de planning staat, namelijk het NK Marathon in Staphorst. Vorig jaar veroverde ik tijdens het NK Marathon in Waarland mijn tweede seniorenmedaille (een zilveren) en ook dit jaar kijk ik al een tijdje uit naar deze wedstrijd. Maar samen met mij natuurlijk ook vele anderen. Zo staan er ook weer een aantal marathonspecialisten aan de start die zich tijdens het NK niet hebben laten zien. Het belooft een mooie wedstrijd te worden waar ik absoluut van ga genieten. En ook de dag ná de NK marathon ga ik, ongeacht het resultaat, weer volop genieten. Genieten en ontspannen van het altijd relaxte festivalsfeertje bij Mañana Mañana in Vorden!

Wie weet tot in Staphorst of tot in Vorden!

23-05-2019: het nk staat voor de deur!

Geen uitgebreide blog over wedstrijdresultaten, het opbouwen van oude wielrenfietsen, nieuw materiaal of het maaien van de tuin in Laag-Keppel. Deze keer een kort maar krachtig vooruitzicht op het NK inline-skaten!

Vorig jaar was ik steengoed voorbereid. Zoals een aantal van jullie zich vast nog wel herinneren bivakkeerde ik voorafgaand aan het NK van 2018 twee maanden lang in Colombia en Mexico om daar – onder ideale omstandigheden – hard te trainen ter voorbereiding op dit nationale kampioenschap. Dit jaar is de voorbereiding volledig anders. Geen trainingsstage in het warme Zuid-Amerika, maar slim geplande trainingsblokken tussen alle werkuren door. In zekere zin klinkt dit minder ideaal, maar het verloop en de resultaten van afgelopen marathonwedstrijden hebben uitgewezen dat ik – net als vorig jaar – gewoon weer fit en sterk ben. Door omstandigheden heb ik minder op de piste kunnen trainen en minder pistewedstrijden kunnen rijden. Wat dat betreft zijn de pistewedstrijden dus nog een wat groter vraagteken. Maar, zoals men zegt: “Als je eenmaal begint met fietsen, verleer je het nooit meer”.

Zoals gezegd dus een andere voorbereiding. Niet slechter, niet beter, gewoonweg anders! Tijdens het NK baan (30 en 31 mei op de piste te Wervershoof) ga ik van start op de 10km punten-/afvalkoers en de 15km afvalkoers. Tot slot sluit ik het gecombineerde baan- en wegtoernooi af met de 10km puntenkoers (1 juni op het wegparcours te Medemblik).

Drie dagen koers, met voor mij drie te rijden afstanden. De exacte tijdstippen, deelnemers, een link naar eventuele livestream (!) en andere informatie zijn te vinden op de website van de organiserende vereniging, Radboud Inline-Skating. Check: https://radboud-inlineskating.nl/nk-inline-skaten-2019/

Stiekem kijk ik ook al vooruit naar het NK Marathon wat op het kalendervakje van zaterdag 15 juni staat geschreven en rood omcirkeld in de agenda staat. Maar eerst: het NK baan/weg.

Ik trek m’n skeelers weer aan en vervolg mijn zoektocht naar de puntjes die op de ‘i’ geplaatst moeten worden. Tot snel!

23 mei

09-05-2019: Een PODIUMPLAATS tussen de WERELDTOPPERS

Afgelopen week stond er een drietal wedstrijden op het programma. Allereerst was het op woensdag 1 mei de beurt aan “de Klim van Steenwijk”. In het skeelerpeloton bekend als een zware klassieker onder de Nederlandse skeelermarathons, waarbij we de volledige marathonafstand van 42 kilometer completeren door achttien keer de Klim van Steenwijk betwisten. Hierbij zou uiteindelijk de laatste klim bepalen wie er als winnaar over de streep zou komen.

Zelf reed ik een actieve wedstrijd. Ik was vaak present in verschillende kopgroepen en als ik niet present was in de kopgroep, koos ik voor een geschikt moment om met zo weinig mogelijk man of helemaal alleen naar de kopgroep toe te springen. Ik voelde me fit en kon tijdens de wedstrijd herstellen van de gedane inspanningen. Voor mij een teken dat ik conditioneel in orde ben, wat als sporter zijnde altijd prettig is om bevestigd te krijgen tijdens een wedstrijd. Uiteindelijk kwam het flink uitgedunde peloton in de één-na-laatste ronde weer bijeen, raakte ik aan de binnenzijde ingesloten in de sprint en kwam ik als zevende over de streep. Tevreden met de vorm, wat zich niet geheel weerspiegelde in de uitslag. Maar al met al tevreden.

Als je klimt, heb je logischerwijs ook een afdaling. Aan de andere zijde van het parcours vlogen we met ruim 60 km/u door een 90-graden-bocht. Benieuwd naar de beelden? Voor de liefhebbers: de koers is live uitgezonden op Podium.tv en HIER terug te kijken. Klik in het rechtermenu op “Samenvatting Heren” voor een 4-minuten-lange samenvatting. Of nog beter: klik op “Uitzending Heren (1 van 2)” en “Uitzending Heren (2 van 2)” om de koers in twee delen van 35 minuten terug te kijken.

De dag na Steenwijk stond er direct weer een marathon op de planning. Na wat jaren van afwezigheid op de skeelerkalender werd er weer gekoerst door het centrum van Heerde, het dorp wat de laatste jaren vooral wordt gelinkt aan de Europacup, waarbij er drie dagen lang wordt gekoerst op de piste van Skeelerclub Oost Veluwe, ook in Heerde. Een mooi toernooi wat de dag ná de marathon afgetrapt zou worden. Maar goed, eerst de marathon. Net als in Steenwijk stond er een peloton van zo’n 40 man aan de start, bestaande uit verschillende nationaliteiten, Europees- en Wereldkampioenen. Een mooi deelnemersveld wat te verwachten was aan de vooravond van de Europacup. Het snelle parcours, met daarin een aantal technische bochtjes en verkeersdrempels, werd 33 maal afgelegd. Vanaf de beginfase werd er frequent aangevallen en hard gekoerst, al snel wist iedereen dat het – net als in Steenwijk – een sloopkoers ging worden. Precies halverwege koers plaatste regerend Nederlands Kampioen op de marathon Crispijn Ariëns een ferme demarrage, waar ik samen met een drietal anderen bij aan kon sluiten. Na rondenlang brommeren door het centrum van Heerde bleef ik samen met Crispijn over van de vijf man tellende kopgroep en hadden we met z’n tweeën nog een tiental ronden af te leggen. Vanuit de achterhoede hadden Bart Swings en Gary Hekman met z’n tweeën de achtervolging ingezet. Uiteindelijk sloot Swings bij ons aan, pakte hij gelijk de kop over en spaarde ik in de laatste ronden mijn krachten voor de eindsprint waar ik uiteindelijk als tweede over de finish kwam, achter veelwinnaar Bart Swings. Na de bevestiging tijdens de Klim van Steenwijk dat de conditie in orde is, was de marathon in Heerde wederom een bevestiging – deze keer ook in het eindresultaat –dat ik prima kan mee koersen met de wereldtoppers op de marathon. Logischerwijs was ik – en ben ik nog steeds – dik tevreden over dit resultaat!

Tot slot stond er afgelopen zaterdag nog een tien kilometer lange puntenkoers op het programma tijdens de Europa Cup op de piste in Heerde, een driedaags baantoernooi dat jaarlijks wordt georganiseerd door Skeelerclub Oost Veluwe. De vrijdag vóór deze laatste koersdag stonden er alleen sprintafstanden op het programma, maar voor mij fungeerde deze vrijdag als hersteldag na twee zware marathonkoersen. Op zaterdag zelf heb ik de marathonframes met daarin drie wielen van 125 millimeter in wielgrootte nog omgewisseld voor de baanframes met daarin vier wielen van 110 millimeter in wielgrootte. Het was weer even wennen om terug om de kleine wielen te koersen maar een goede en noodzakelijke prikkel ter voorbereiding op het NK baan/weg, waar ook op vier wielen van 110 millimeter gekoerst moet worden. Conditioneel was het prima bij te benen, wat betreft snelheid en het rijden van de vele bochtjes nog even omschakelen. Ik sprokkelde drie punten in de heats en plaatste me veilig voor de finale, waar ik in het grotendeels gelijke internationale deelnemersveld een degelijke dertiende stek behaalde. Het NK baan/weg – waar we zogezegd dus ook op onze vierwielsframes moeten starten – staat op 30/31 mei en 1 juni op de kalender. Rood omcirkeld uiteraard!

EC Heerde 1

Komende zaterdag staat er nog een marathoncupwedstrijd op het programma en wordt het snelle parcours in ’t Harde betwist waar we normaliter binnen het uur finishen (meer als 42 km/u gemiddeld dus!). Hierna definitief over op de vierwielsframes en nog drie kleine weken de tijd om me voor te bereiden op het NK baan / weg. Drie belangrijke weken om de puntjes op de i te zetten, fit te blijven, nog wat noodzakelijke snelheid in de beentjes te krijgen, de fijne kneepjes van het pisterijden op te frissen en uitgerust aan de start te verschijnen. Details die het verschil maken.

Focus d’r op!

25-04-2019: Terug in de Achterhoek!

Afgelopen weekend was ik sinds lange tijd weer eens thuis in Laag-Keppel, écht thuis noem ik dat. Het lange en zonnige paasweekend in de Achterhoek werd hoofdzakelijk opgevuld met – verrassend genoeg – training, sleutelsessies aan oude fietsen, de absurde overwinning van Mathieu van der Poel in de Amstel Gold Race en het belangrijkste: tijd spenderen met de familie.

Heerlijk om weer thuis te zijn
De momenten dat ik mijn broer, vader en moeder zie zijn mede dankzij de dubbele wedstrijdseizoenen op schaatsen en skeelers schaars of – als ze er wel zijn – kort. Juist daarom is het heerlijk om weer eens thuis te zijn als daar tijd voor is, want normaliter is het elke zaterdag raak en staat er aan het einde van de middag of in de avond een wedstrijd op de planning. De ochtend voorafgaande aan de wedstrijd is het dan inwerken of gewoon nog een zware training draaien en de dag na de wedstrijd staat er steevast een lange duur-/hersteltraining op het programma. Want in het weekend hoef ik niet te werken en is de tijd daar om uren te draaien! Al zou ik wel afreizen naar de Achterhoek, dan zou ik na de lange training en de hiernavolgende middaglunch op zondag in goed twee uur kunnen treinen richting de Achterhoek, maar moet ik maandagochtend om 6u15 weer in de krachthal staan in Thialf om vervolgens op tijd op het werk te kunnen verschijnen bij de schaatsenfabriek in Diever. Zondagavond direct weer retour naar het noorden dus. Dat zorgt voor weinig rust, wat in combinatie met hard trainen of herstellen van een zware wedstrijd niet ideaal is. Als ik dan effen aan zou komen steken in de Achterhoek, ben ik er slechts één middagje waarvan ik waarschijnlijk de halve middag nog een training heb ingepland. Daarnaast gooi ik niet effen snel een autootje vol waarna ik later wel zie wat ik nodig heb en wat niet, maar moet ik selectief m’n spullen inpakken in twee rugzakken en de wielrenfiets meeslepen in de trein. En die rugzakken zitten aardig rap vol als je skeelers, wielen, fietskleding, je laptopje en andere dingen mee moet nemen.

Niks mooier dan de Achterhoek
Enfin, om een lang verhaal kort te maken: als ik wel een lang weekend heb, probeer ik het heel graag zo te plannen dat ik kan afreizen naar de Achterhoek en tijd door kan brengen met m’n familie. Als ik dan op m’n wielrenfietsje door de Achterhoek trappel – mét een podcast in de oren – verbaas ik me er weer over hoe veel mazzel we hebben met de veelzijdige omgeving waarin we mogen wonen. En als er dan na het fietsritje een goede herstelmaaltijd klaar staat en we afsluitend een bakje koffie kunnen drinken in de zonnige en door-vaders-perfect-onderhouden achtertuin, besef ik me weer eens wat een bofkont ik ben als ik écht thuis ben in de Achterhoek.

Terug naar mijn roots
Komende vrijdag (26 april), zal ik ook aanwezig zijn bij de ledenvergadering van de Hessenrijders en er vertellen over mijn sportieve belevenissen en avonturen van de afgelopen jaren. Van crossen op mijn Scapino-skates door Laag-Keppel, naar mijn allereerste skeelertraining in de inmiddels platgegooide markthal in Doetinchem. Van mijn eerste schaatstraining in Deventer, naar mijn eerste gesponsorde skeelerpak van skeeler- en schaatsspeciaalzaak Free-Wheel en mijn eerste EK skeeleren in Italië. Inmiddels ben ik al in China, Colombia, Mexico en talloze andere Europese landen geweest en heb ik afgelopen zomer mijn eerste WK gereden bij de senioren. En ook het (marathon-)schaatsen gaat bijzonder goed (zoals afgelopen winter al te lezen was). Een hele reis die al is afgelegd, met nog heel veel bestemmingen, toernooien en successen die komen gaan. Het gaat bijzonder zijn om in gezelschap van oude trainers, trainingspartners en bekenden terug te blikken naar het moment waarop het allemaal begon. Terug naar mijn Keppelse ‘roots‘. Terug naar de club waar mijn sportieve avontuur dik tien jaar geleden is begonnen. Ik ben benieuwd waar ik over nog eens tien jaar op kan en mag terugblikken…

“Dik tien jaar terug in de tijd: een Hessenrijders-training op het mooie asfalt van de Varsselring. Casper op kop in het oranje Fila pakje.”

12-04-’19: Effen wat anders!

De huidige trainingsperiode staat in het teken van uren maken. Uren maken op de skeelers, in de krachthal, op de fiets, op het werk… om later in het skeelerseizoen dondersfit en met een uitgerust lichaam aan de start te staan bij belangrijke wedstrijden. Bij het maken van veel uren is het erg belangrijk om naar het lichaam te luisteren. Dat is trouwens niet alleen bij (top-)sport zo, maar toepasbaar op allerlei facetten in het dagelijks leven. Laten we het gemakshalve nu even bij sporten houden: veel mensen gaan harder en meer trainen met als doel om zo snel mogelijk beter, sterker en sneller te worden. Logischerwijs verwacht men dan (op korte termijn) meer resultaat te behalen, maar vergeet men negen van de tien keer ook meer te rusten. In je rust herstelt je lichaam van alle gedane inspanning en bijbehorende belasting. Simpel gezegd: meer training = meer rusten, anders geen resultaat. Die balans moet ál-tijd gehandhaafd blijven!

Goed, zoals de titel zegt, tijd om effen wat anders aan te kaarten dan het sporten. Om een bruggetje te maken: naast het luisteren naar mijn lichaam luister ik sinds een aantal weken ook veel podcasts. Of dat nu is tijdens het smijten met gewichten, het uren aaneengesloten trappelen op de wielrenfiets of juist vlak voor een powernap, tijdens de lunch of onder het stofzuigen, er staat bijna altijd een podcast op. De meeste podcasts zijn gerelateerd aan sport. Hierbij passeren onderwerpen als: training, inspanningsfysiologie, voeding, slaap, Wim Hof en zijn ademhalingstechnieken, noem maar op. Maar daarnaast vind ik het ook erg interessant om juist naar podcasts te luisteren van o.a. wetenschappers, futurologen, psychologen, paleontologen, sterrenkundigen en mammoetexperts. In mijn dagelijks leven draait het zo goed als altijd om sporten of aanverwante zaken en juist daarom is het heerlijk om even uit die ‘bubbel’ te stappen en na te denken over allerlei uiteenlopende zaken buiten de sport. Voor de liefhebbers en geïnteresseerden, in onderstaand overzicht een aantal van mijn favoriete podcasts met daarbij een kleine beschrijving. Veel luisterplezier!

Als ik Spotify open en zie dat profwielrenner Laurens ten Dam zijn Live Slow Ride Fast podcast heeft geüpdatet, begin ik meteen met luisteren. Hij laat zien dat topsport uit veel meer bestaat dan je ballen eraf draaien in elke training, goed eten en goed slapen. Één van mijn favorieten – die ik meermaals heb geluisterd – is de special met Bram Tankink, bestaande uit twee delen. Onderstaand vind je deel 1 van de Bram Tankink-special, waarna ik zo goed als zeker weet dat je linea recta doorgaat met het luisteren van deel 2, Voila:

Daarnaast luister ik graag naar de Eindbazen-podcast. Een podcast waarbij twee kerels per episode één a twee uur in gesprek gaan met bijzondere mensen op het gebied van sport, wetenschap, cultuur, technologie, of wat dan ook. Elke episode is op een eigen manier leerzaam en eye-opening. Inmiddels heb ik al tientallen uren geluisterd naar vele, totaal uiteenlopende onderwerpen en blijven alle passerende eindbazen me verbazen en/of fascineren. Misschien vind je het helemaal niks, misschien vind je het rete-interessant. Dat zal ook verschillen per episode. Bij deze twee luistertips:

Episode #12 met Kelly Mostard. Gespreksonderwerp is Wim Hof. Voor mensen die deze Iceman niet kennen: hij beklimt de Mount Everest in korte broek, loopt een woestijnmarathon in Namibië zonder één druppel te drinken, zwemt minutenlang onder een ijsplaat door op één ademteug en zit bijna twee uur aaneengesloten in een bak met ijsklontjes. Dat allemaal onder het motto: “Wat ik kan, kan iedereen”. Er passeren ook anekdotes over hoe verwend (lees: verpest) wij hedendaags zijn en onze comfort-zone kleiner en kleiner wordt door een airco, verwarming, altijd aanwezig drinkwater en allerlei andere gecontroleerde factoren. Wat mij betreft fascinerend, maar tegelijkertijd erg zorgwekkend. Het feit dat wij het onszelf zo makkelijk mogelijk maken in het hedendaagse leven, gaat er zonder enige twijfel voor zorgen dat wij het ontzettend moeilijk gaan krijgen in de toekomst. Luister en oordeel zelf:

Episode #124 met mammoetexpert Dick Mol. Een episode die ik al meermaals heb geluisterd en waar ik graag zo min mogelijk over uitleg. De titel maakt je vast en zeker al nieuwsgierig. En terecht. Deze man is één-en-al passie, het onderwerp is leerzaam en tijdens het luisteren heb je meermaals een binnenpretje. Hierbij de link:

Veel luisterplezier. Heb je luistertips voor mij? Laat het me weten!

28-03-’19: Rustig terug op de rollers

Waar mijn vorige blog – die ook te lezen was in de laatste editie van Achterhoek Nieuws – volledig in het teken stond van een succesvol schaatsseizoen en de bijbehorende transfer naar de Topdivisieploeg van Bouwselect, heb ik afgelopen twee weken genoten van twee rustweken. Rustweken klinken als twee weken platliggen en niets doen. Voor veel (top-)sporters is dit ook noodzakelijk en een soort beloning voor het harde werken en/of na een belangrijke wedstrijd of een lang wedstrijdseizoen. Voor mij werkt dat niet, integendeel…
Als ik een kleine week – of meer – verplicht mijn ‘rust moet pakken’ en sporten daarbij ten strengste verboden is, begin ik te stuiteren, is slapen doorgaans onmogelijk en hunker ik naar beweging. Je zou het sporten in die zin kunnen opvatten als een soort verslaving, met de zojuist genoemde symptomen als afkickverschijnselen. Maar ik zie het niet als verslaving, althans, niet in de negatieve zin van het woord. Het is liefhebberij, daarom kost het mij ook geen energie om het dag in, dag uit te doen. En waarom zou ik juist dát dan niet meer mogen doen? Zonder er al te zweverig op in te gaan, is het sporten voor mij een tool om lichaam en geest in balans te houden. Mijn eigen manier om ‘rust te pakken’. Een zogenoemde tool om een simpele switch om te zetten en volledig te kunnen ontspannen: even geen geouwehoer, geen studie, geen werk of wat dan ook aan de kop, maar lekker tijdloos bewegen. Een soort ontsnapping en ontspanning ineen. Voor de één is die tool een Netflix-serie, een lange zit in de sauna of genieten van een bakje koffie op een terras. Voor mij is het sporten, bewegen en avonturieren. Simpelweg actief bezig zijn. Of het nu een skeelertraining is in het zonnetje, een dag lang bezig zijn met het opbouwen van een oude wielrenfiets waarvan het frame al een half jaar in de schuur loopt te verstoffen, het bouwen van fietsroutes en ontdekken van nieuw gebied; allemaal is het tijdloos genieten. Zoals gezegd even geen geouwehoer an de kop, maar simpelweg de liefhebberij die alles doet vergeten.

Zo heb ik mij gedurende de laatste twee rustweken prima kunnen vermaken en waren de weken voorbij voor ik er erg in had. Veel werkuren in het voren maken (bonusuren voor een drukke sportzomer die komen gaat), een tuin omspitten en volstekken met aardbeienplantjes, het zakelijke autootje van de baas APK-klaar maken (simpelweg de achterlichtbehuizing vervangen, wat bij mij als onervaren automonteur niet in een tiental minuten gefikst is), een begin maken met het opbouwen van het verstofte wielrenframe, alle skeelerwielen en materialen organiseren voor komende zomer, het koffiezetapparaat ontkalken en bij schaars tijdoverschot en gebrek aan ander gepruts mezelf in een setje sportkleding hijsen om er effen tussenuit te gaan.

Inmiddels ben ik al weer een week in trainingsmodus en heb ik samen met twee goede sportkameraden het zomerseizoen afgetrapt met een mini-trainingskamp in Limburg. Drie dagen lang hebben we nieuwe wegen, klimmetjes en geitenpaden ontdekt op de wielrenfiets. Drie dagen lang avonturieren, zoals ik dat maar al te graag noem. Want als je er dan toch even tussenuit piept, is de fiets het beste middel om een nieuwe omgeving te verkennen en om je heen te kunnen kijken. Zelf gebruik ik hierbij een zogeheten heatmap. Bij fanatieke sporters gaat er al wel een belletje rinkelen en wordt dit al snel geassocieerd met Strava (een app die middels GPS je hardlooprondje, fietstocht of sneeuwschoenwandelsessie weet vast te leggen). Voor de heatmap op Strava heb je een premium-abonnement nodig, maar er is ook een gratis variant waar je je Strava-account kan koppelen en je een overzicht krijgt van alle routes die je hebt gefietst. Zelf heb ik al flink wat wegen ‘ingekleurd’ in Colombia, Mexico, China, Spanje, Italië… en Nederland, en kan ik alles perfect terugzien. Met in totaal twee midweekjes in Limburg, of een lang weekend in de dichtbijgelegen Duitse Eifel, heb ik inmiddels best een idee van de veelzijdige natuur in het Zuidelijkste puntje van Nederland. Ter illustratie: zo ziet mijn Nederland-heatmap er tot op heden uit:

Wil je zelf ook – zonder premium abonnement – je eigen heatmap maken met je Strava-account? Klik dan hier maak een connectie met Strava en laat je inspireren door de vele mogelijkheden en routes die je dichtbij huis nog niet hebt verkend!

Op de terugreis vanuit Limburg hebben we het (onbekende) skeelercomplex van Venlo bezocht. We wisten dat twee jaar terug de eerste en tot op heden enige landelijke jeugdwedstrijd was verregend en waren benieuwd naar het complex. Na contact met voorzitter Leon van Skatevereniging Venlo was het mogelijk om rond het middaguur een training te beleggen op de 200-meter-piste, de 400-meterbaan en het wielerparcours van 750 meter mét oplopende bochten. Dit allemaal naast elkaar gelegen op hetzelfde complex. Na het skeeleren op alle drie de banen was en is het voor ons een groot vraagteken waarom dit complex zo onbekend is bij skeelerend Nederland en bij piste- of wegwedstrijden nooit wordt aangedaan. Een enthousiaste vereniging die gastvrij is, een prachtig complex tot haar beschikking heeft en met een nabijgelegen Duitse heuvelrug en doorgaans prima temperaturen een perfecte locatie is voor een trainingskamp in eigen land. Een zeldzame combinatie die in elke regio wel wenselijk is. Dus bij deze een oprecht compliment en een stukje promotie voor skatevereniging Venlo. Check hieronder wat beelden van onze zonnige training als impressie van dit skate- en wielercomplex:

*Credits: sportkameraden Kay en Rick Schipper, voor hun skeeler- en filmkunsten en het combineren van beiden.

Bij het zien van deze beelden krijg ik weer zin om de rollers aan te trekken. Eerst nog effen kalm an, dat dan weer wel. Opstarten en stapje voor stapje klaarstomen voor de skeelerwedstrijden die komen gaan!

14-03-’19: Zegevierend naar de TOPDIVISIE!

De zaterdag van 2 maart stond voor marathonschaatsend Nederland in het teken van de grande finale van de KPN-cup: de allerlaatste wedstrijd van een reeks van 14 cupwedstrijden. De één was gebrand op sportief succes, de ander al bezig met de vooraf aangekondigde afterparty. De één al opgebrand na een lang en intensief seizoen, de ander gretig om nog een laatste keer flink gas te geven…

Gezien er interesse was en ik al gesprekken had gevoerd met meerdere topdivisieploegen, realiseerde ik mij voorafgaand aan de wedstrijd dat dit mijn allerlaatste wedstrijd in de beloftencompetitie zou zijn. Na drie seizoenen bij de beloften (eigenlijk tweeënhalf, gezien een skeeleravontuur in Colombia en Mexico afgelopen schaatsseizoen halveerde) zou ik volgend jaar de stap maken naar de topdivisie. Ik was er nog niet uit in welke ‘kleuren’ ik volgend jaar zou gaan rijden en probeerde mijn gedachtestroom daags voor de wedstrijd zo veel mogelijk af te sluiten voor de sleur van het hele transfercircus. Eerst nog een goede wedstrijd rijden, daarna zien we wel weer verder. Een focus die beloond werd.

Het viel tijdens de 100-ronden-lange beloftenwedstrijd geen moment stil. Op kwart-koers keek ik nog op het scorebord, wat aangaf: “Gemiddelde rondetijd: 30,8”. Voor de niet-schaatskenners: dat is razendsnel (ruim 46 kilometer per uur) en vergelijkbaar met een topdivisiekoers. Niet veel later had ik samen met zeventien andere aanvalslustige beloften – waaronder twee ploegmakkers – een ronde voorsprong gepakt op het peloton. Door attent te positioneren, zaten we direct na afsprinten van het peloton alle drie voorin koers, met nog elf ronden te gaan. Het rondebord stond op 9. Ik zag m’n kans, twijfelde geen moment en koos – als sprinter – verrassend vroeg voor de aanval. Het verstand werd op nul gezet. 8… 7… 6… Harkend de ronden aftellen… 5… 4… 3… Zuur tot in m’n kleine teen… 3… 2… 1… en GENIETEN! Solo aankomen en het gehele laatste rechte stuk de tijd hebben om het publiek op te zwepen, dat is iets wat elke marathonschaatser mee wil maken. En als klap op de vuurpijl werden mijn beide ploeggenoten tweede en derde. Een perfecte wedstrijd voor Team Bouwpartners!

*Foto’s: Hidde Muije, Instaschaats

Nu – ruim anderhalve week later – geniet ik er wederom van om mijn wedstrijdbeleving op papier te zetten en de foto’s terug te zien. Een perfecte afsluiter van het winterseizoen én van mijn driejarige periode in het beloftenpeloton. Want afgelopen vrijdag werd mijn transfer naar de topdivisieploeg van Bouwselect bekendgemaakt, allereerst via de Zwarte Cross en Schaatsen.nl. Voor velen een verrassende keuze, maar voor mij een weloverwogen besluit. Na een succesvol beloftenseizoen, waarin ik meerdere wedstrijden won, tweede werd in de eindrangschikking van de cup en de witte trui voor beste jongere in het klassement won, de Trachitol-Trophy marathonvierdaagse won, een derde plek pakte tijdens de eerste en enige marathon op natuurijs in Haaksbergen, top-20 klasseringen noteerde in de doorstroomwedstrijden (waar de top tien van het beloftenklassement de kans krijgt om in de topdivisie mee te koersen) en achtste werd in het topdivisiepeloton op de Weissensee, begin ik komend seizoen weer op ‘nul’.

Ter illustratie kan je de transfer die ik ga maken vergelijken met iemand die net afgestudeerd is: ik heb mijn examen (lees: beloftenperiode) met uitstekende resultaten afgerond en moet nu in de echte wereld opboksen tegen gehaaide, geroutineerde sporters en full-time profs. Eerdergenoemde resultaten zijn absoluut geen garantie voor het rijden van goede uitslagen in de topdivisie, maar wel bruikbare bagage en een teken van gretigheid: de wil om er voor 110% voor te gaan is er.

Komend seizoen zullen er meer faciliteiten toegankelijk zijn en zal ik een onkostenvergoeding ontvangen om een gedeelte van mijn sportmaterialen aan te kunnen schaffen en/of te kunnen onderhouden. De resterende kosten vang ik zo goed als mogelijk op door 25 uur per week in een schaatsenfabriek te werken, waar ik de flexibiliteit heb om mijn uren divers in te delen en zo vaak mogelijk te kunnen trainen. Ik wil ervoor gaan, wil meer en beter trainen en het stapje-voor-stapje beter worden voortzetten. Tot zover heeft mij dat veel gebracht en ik ben ervan overtuigd dat er nog veel meer in zit. Een nieuwe wielrenfiets, nieuwe lagers, trainingskampen in Spanje, Colombia en Duitsland, een nieuwe hartslagmeter, een wattagemeter voor op de fiets, nieuwe schaatsbuizen en ideaal gezien een autootje waarmee ik naar de training kan crossen en niet afhankelijk ben van het OV of vervoer van anderen… Een aantal wensen waarin ik graag zou willen investeren om mij omhoog te knokken in de wereld van de topsport. Wil jij mijn missie ondersteunen en een plekje inpikken op mijn skeeler- en schaatspak? Dan ben je meer dan welkom! Neem contact met me op via casperdegier@msn.com.

15-02-’19: Natuurijs!

Na één tweewekelijkse blog overgeslagen te hebben gaan we weer even terug in de tijd, een kleine vier weken om precies te zijn. Een uitgebreide terugblik op de derde plaats tijdens de eerste natuurijsmarathon in Haaksbergen en de succesvolle Weissensee-week met een voor mij abrupt einde.

De laatste kunstijswedstrijd vóór vertrek naar de Weissensee zat erop. ’s Ochtends straalde het winterzonnetje krachtig, wat mij heeft doen besluiten ter voorbereiding op de Weissensee even de skeelers weer aan te trekken voor een duurritje op de grotendeels droge wegen in Heerenveen en omgeving. Vaste prik rijden we zondagochtend – de ochtend na de zaterdagse koersavond – de beentjes los op de fiets. Een lange duurrit, lekker herstellen en gezien iedereen tijd heeft: kilometers maken om de conditie te onderhouden. Nu koos ik dus voor de skeelers en niet voor de fiets. Naar mijn idee een ideale voorbereiding op de lange rechte stukken van de natuurijsklassiekers in Oostenrijk. Bij terugkomst stond de laptop met het Excel-bestand ‘ultra-uitgebreide-paklijst-sport’ al geopend klaar. Een gecategoriseerde inpaklijst, die ik al jaren gebruik en keer-op-keer uitbreid met nieuwe items, waarin alles staat vermeld wat ik nodig heb als we op trainingskamp gaan. Daarin staat ook een speciaal tabblad, genaamd: WEISSENSEE. Gezien het op de Weissensee gruwelijk koud kan zijn als we in de vroege ochtend moeten starten en de zon nog achter de bergen staat, staan er veel speciale items op die tijdens een normaal trainingskamp niet nodig zijn. Denk hierbij aan warmtezakjes, radiatorfolie (uitleg komt later) en natuurijsbuizen. Want ja, we hebben speciale schaatsen voor op natuurijs. In onderstaande tabel zie je het bovenaanzicht van zowel mijn kunstijs- als mijn natuurijsbuizen, met daaronder een hopelijk niet-al-te-ingewikkelde uitleg:

Gezien we alleen maar bochten linksom moeten rijden is het rechter ijzer ‘gebend’ (letterlijke vertaling: gebogen). Zodoende stuurt het rechter ijzer zelf al mee in de richting van de bocht. Links is niet in de richting van de bocht gebend, gezien je dan afzet mist op het rechte stuk, je schaats stuurt dan namelijk van je weg op de rechte stukken. Veel schaatsers benden het linker ijzer ook, zelf heb ik hem niet gebend. Op natuurijs rijden we voornamelijk lange rechte stukken. Zowel links als rechts is gebend met ‘de punt naar binnen’. Zo stuurt je schaats ondersteunend mee in je zijwaartse afzet op de lange rechte stukken. Zoals gezegd rijden we bijna geen bochten op natuurijs. Wél kunnen de bochten zowel linksom als rechtsom lopen. Voor deze schaars-voorkomende bochten zijn de ijzers dus niet ideaal gebend.

Ondanks dat de afreis naar de Weissensee pas maandagmiddag zou zijn, besloot ik bij het inpakken de buizen al om te zetten. Dan zou ik er ook geen omkijken meer naar hebben in Oostenrijk en kon ik de kunstijsbuizen thuislaten. Goed ingepakt tussen veel zachte kleding in een harde koffer (de buizen mogen natuurlijk niet vervormen tijdens de reis!) stonden de schaatsen al te trappelen om af te reizen naar de Weissensee, totdat…

Maandag 21 januari – Eerste marathon op natuurijs
…Maandagochtend bekend werd gemaakt dat diezelfde avond om 20u00 de eerste marathon op natuurijs gereden zou worden in Haaksbergen. Deze wilde ik niet natuurlijk niet missen, al helemaal gezien ik vroeger in de zomer veel rondjes heb gemaakt op deze skeelerbaan en ik de natuurijsperiode van vorig jaar van een afstand moest volgen vanuit Colombia en Mexico. Vlak na de bekendmaking besloot de ploegleiding dat een gedeelte van de ploeg een dag langer in Nederland zou blijven om te kunnen koersen in Haaksbergen en reisde de andere helft van de ploeg wel volgens schema af naar Oostenrijk. Een onverwachtse maar hele mooie wedstrijd, mét resultaat:

De volledige wedstrijd is hier terug te zien. De wedstrijd van de mannen begint op 1:02:15.

Wat ook zeker vermeld moet worden: petje af voor de organisatie van IJSCH in Haaksbergen! Er lag een kwalitatief zeer goede ijsvloer waar de meeste kunstijsbanen niet aan kunnen tippen. Na een goed resultaat en heel veel reacties te hebben ontvangen, reisde ik de volgende ochtend samen met de ploegleider in de materiaalbus (met daarin de mountainbikes, voeding, rijderstenten voor op het ijs, etc.) vanuit Laag-Keppel naar Oostenrijk. We arriveerden rond 18u30 ’s avonds en konden direct een hapje meeprikken aan tafel bij verzorger Popko. Na een goed avondmaal en een behandeling bij de al-in-Oostenrijk-aanwezige fysiotherapeut, ging ik linea-recta naar bed om na twee uitputtende dagen een goede nacht slaap te pakken en uit te rusten voor de drukke wedstrijdweek.

Woensdag 23 januari
Na een broodnodige nachtrust stond er vandaag niet bijzonder veel op de planning. Een verplichte materiaalcheck en een stukje schaatsen om het geveegde parcours op de ondergesneeuwde Weissensee te verkennen. Bij de inschrijving in de jurytent was een materiaalcheck zogezegd verplicht. Hierbij wordt de afronding van de bladeinden van de buizen gecheckt. Simpel gezegd hebben we vlijmscherpe messen onder onze voeten. Bij een valpartij of vergelijkbaar incident is het dan belangrijk dat de uiteinden van de messen niet puntvormig zijn. Zou dat wel het geval zijn, dan rijden we met messen onder onze voeten waarvan zowel de voor- als achterzijde steekwapenwaardig te noemen is.


Op de foto zie je de voorzijde van zowel mijn kunstijs- (boven) als mijn natuurijsbuis (onder). Je kunt je voorstellen dat als de scherp-geslepen onderzijde van de schaats aan beide uiteinden niet afgerond is, het bij valpartijen extra risicovol kan zijn. Zodoende de regel dat er zonder afgeronde buizen niet gestart mag worden.

Daarnaast zie je bij de natuurijsbuis dat de voorzijde extra afgerond is. Het lijkt op een soort speedboot, en dat is ook precies de gedachte die erachter zit. Want natuurijs bevat – in tegenstelling tot een luxe kunstijsbaan – scheuren. Die scheuren probeer je koste wat het kost te vermijden. Als je tóch in een scheur trapt – wat meermaals tijdens de wedstrijden voorkomt – en je staat stevig ‘achterop’ je schaatsen, dan wordt de schaats vanzelf weer uit de scheur getild door de extra afgeronde voorzijde. Zou die voorzijde niet afgerond zijn, dan raakt je schaats vast aan het einde van de scheur en staat je been (waarvan je schaats dus in deze scheur staat) ineens stil terwijl je hele lichaam met een snelheid van 40 kilometer per uur door wilt. Hetgeen er dan gebeurt is door iedereen wel in te vullen en op z’n zachtst gezegd niet gewenst. Logischerwijs moeten wij daar al schaatsend niet te veel bij stilstaan en ondanks dat de baan er besneeuwd bij lag, en er veel scheuren onzichtbaar waren, hebben we met het team – na aan de verplichte materiaalcheck te hebben voldaan – nog een heerlijk stukkie geschaatst. Tijd om te koersen. Na vandaag zou de wedstrijdweek starten met zeven dagen lang afgewisseld: koersdag, rustdag, koersdag, rustdag…

Het programma zag er als volgt uit:

Woensdag 24 januari – Eerste koersdag
De eerste wedstrijd begon op een schappelijk tijdstip. Waar de dames in de ochtend moesten starten, kregen wij om 13u00 ons startschot voor 80 kilometer koers. Vlak voor halfweg koers ontsnapte een kopgroep van 10 man. Van deze 10 man bleven er uiteindelijk vier voor het peloton uit tot de finish. Zelf wist ik in de laatste twee vijf-kilometer-lange rondes een plek achter de snelle mannen af te dwingen en te verdedigen. Gezien de meeste grote ploegen een mannetje in de kopgroep hadden, werd er in aanloop naar de pelotonsprint niet hard gerede,n wat voor veel positiewisseling en hectiek zorgde. Desalniettemin reed ik een prima sprint en kwam ik als 13e over de finish. Een prima uitslag tussen de A-rijders voor een eerste koers op de Weissensee, waarmee ik vertrouwen tankte voor de koersen die nog gingen komen.

Zoals eerder genoemd was het om-en-om koersdag, rustdag, koersdag, rustdag… Na elke koers volgde een eenzelfde ‘protocol’ voor de avond van de koersdag en de hieropvolgende rustdag. Dit protocol zag er als volgt uit: nog geen minuut nadat we gefinished waren kregen we van de verzorgers een bidon met hersteldrank in de handen geduwd. Opslurpen, schaatsen uit, warme kleding aan en uitfietsen of losdribbelen en vervolgens terug naar het hotel om op te frissen en een kleine maaltijd te eten. Daarna bij de fysio op de bank, nog even de sauna induiken en met een omgewikkelde handdoek direct het balkon op om bij een temperatuur van -15°C weer af te koelen. Met een beetje mazzel was er dan nog even tijd om op bed te liggen of te bellen met het thuisfront voor het avondeten. Stipt 10 minuten voor klokslag 6 uur stond de ploeg paraat om te vertrekken naar de andere kant van het meer om door de sneeuw naar huize Popko te slenteren voor een altijd goede bak met herstelvoer en de nabespreking van de koers. Afgewisseld verzorgden kamer 302, 304 en 305 de afwas, waarna bij terugkomst in het hotel nog even een bakje yoghurt werd gescoord bij de ploegleiding. Op bed werd nog een hoofdstukje uit de ‘TANK’ (boek van en over Bram Tankink, aanrader!) gelezen alvorens de oordoppen mij isoleerden van het geluid van mijn hout-zagende kamergenoten.

Op de rustdag ging het wekkertje om 7u45 af om ruimschoots de tijd te nemen drie verwerkte borden Popko-voer van de avond daarvoor kwijt te schelden en op tijd aan te kunnen schuiven bij het ontbijt. De eerste bakjes havermout werden vanaf 08u00 geserveerd door chef Bouke, waarna er nog een lading aan warme broodjes en fruit werd opgepeuzeld. Na het ontbijt nam iedereen relaxed de tijd om zes lagen sportkleding aan te trekken en rond een uurtje of 10 de kou te trotseren voor een lostrappel-sessie op de mountainbike. De besneeuwde wandelroute rondom het ‘kleine meer’ werd naar keuze éénmaal, tweemaal of driemaal herhaald – met elke ronde ander gezelschap, gezien zowel het hele dames- als herenpeloton voor dezelfde route koos – en zo waren de beentjes weer doorbloed en een stukje beter hersteld van de inspanning van de dag ervoor.

Geen straf om met zo’n uitzicht een rondje los te fietsen!

Bij terugkomst werden de mountainbikes naast de skilatten in de garage opgehangen, werden de zes lagen aan sportkleding weer uitgetrokken en was het na een warme douche tijd voor de middaglunch, die minimaal verschilde van het ontbijt. De havermout maakte plaats voor een kommetje zoute bouillon of soep en er werd een gekookt of gebakken eitje bij geserveerd. Na de middaglunch even na-koffieën en weer op de tafel bij de fysio om de ruggenwervel nog één laatste keer recht te kraken en lichtjes over de spieren heen te poetsen. Het restant van de middag werd opgevuld met een powernap (die de 20-minuten-regel dikwijls overschreed), het in orde maken van het materiaal voor de volgende koersdag en het drinken van nog maar eens een bak koffie met ploegmaten of sportkameraden. Zoals elke dag werd er weer een puike sportmaaltijd geserveerd in huize Popko en werd in tegenstelling tot de avond ná de koers de wedstrijd nu niet nabesproken, maar werd de koers van de volgende dag voorbesproken. Er stonden welgeteld honderdvijftig kilometers op het menu én er werd om een titel gestreden: tijd voor het Open Nederlands Kampioenschap!

Vrijdag 26 januari – Winst voor Der Panzerwagen!
Even terugkomend op de radiatorfolie, die was bij de start van het ONK van levensbelang. Gezien de schaatsbuizen en de schroefjes, waarmee deze zijn bevestigd aan de schoenen, van metaal zijn en kou geleiden en je graag weer met tien tenen naar huis wilt terugkeren, is het van belang dat je voeten niet bevriezen. We gebruiken radiatorfolie of noppenfolie om de onderkant van de schaatsschoenen mee af te plakken en zodoende te isoleren. Naast de radiatorfolie kreeg ik van natuurijscrack en ploegmakker Jouke Hoogeveen nog een aantal tips-en-tricks mee om de kou de baas te zijn: Het gezicht, de knieën en Casper junior werden goed ingesmeerd met Vaseline. Een extra laag om de voeten: dikke overschoenen over de schaatsen, dubbele handschoenen aan en hittezakjes verstopt in de overschoenen, handschoenen en het pak. Klinkt allemaal overdreven, maar naast alle lagen kleding was dit echt wel noodzaak bij een temperatuur van -16°C.

Een tiental minuten na 5u ging de wekker af. Warm aankleden, even hardlopen en losfietsen (m’n vaste ritueel op een wedstrijddag) en aanschuiven bij het ontbijt om een klein bakje havermout naar binnen te werken en verder zoveel mogelijk pannenkoeken stapelen, want die waren nodig als brandstof voor 150 kilometer koers. Tot slot nog een lading Popko-voer droppen – want daar willen we tijdens zo’n lange koers natuurlijk geen last van hebben – alvorens we om 7u15 naar de rijderstenten vertrokken. Na een goede warm-up en een uitgebreide verkleedpartij werden we om 08u00 weggeschoten voor vijftien ronden van 10 kilometer. Na ruim 80 kilometer koers vertrok de eerste serieuze kopgroep, waaronder twee ploeggenoten. Een drietal ronden later sprong ik zelf met een groepje naar deze kopgroep toe. Dat kostte veel energie, aangezien alleen Gary Hekman, een ploegmakker, en ik kopwerk verricht hadden om aan te sluiten bij de voorste groep. Eenmaal aangesloten gingen we met ongeveer 25 man de laatste ronde in. Zelf klapte ik hard op m’n bek en was de kopgroep al in stukken geslagen op het moment dat ik de aansluiting weer vond. Voorin werd er hard gereden en in de groep waarin ik was aangesloten keken een aantal favorieten vooral naar elkaar, waardoor het stilviel. Geen kans meer om voorin de wedstrijd te komen en uiteindelijk kwam ik behoorlijk uitgeleefd als 19e over de finish. Het eerste wat ik deed was pissen, want onderweg lukte dat niet. Omdat ik koude handen had kreeg ik m’n rits niet open. Het was dan ook een flinke opluchting toen ik na dik 4 uur koers de inhoud van vijf leeggezopen bidons kon lozen. Eenmaal teruggekeerd bij de ploegleiding zag ik dat iedereen compleet van ’t padje was. Ploegmakker Mart Bruggink alias der Panzerwagen aus Tubbergen had zeer onverwachts de titel binnen gesleept! Wat een verrassing: Mart in het rood-wit-blauw! Het eerder genoemde herstelprotocol onderging natuurlijk een kleine wijziging: na het avondmaal bij Popko werd het inmiddels traditioneel geworden bakje yoghurt verruild voor een aantal halve liters Weizenbier en werd de overwinning gevierd. Mart gaf zijn overwinningsfeestje een unieke twist met zijn Tubbergse zendpiraten-playlist. Rond een uurtje of half 12 zocht iedereen – schorgezongen – zijn bed weer op en hervatte het herstelprotocol zich weer als normaal.

Foto 1: Dik ingepakt in de rondte schaatsen. Credits: Flitskabouter
Foto 2: Een kunstig plaatje van de verzorging. Bij een wedstrijd over 150 kilometer is het essentieel dat je voldoende eet en drinkt onderweg. Met 40 kilometer per uur een bidonnetje aanpakken levert kunstige foto’s op. Credits: Eric Homan
Foto 3: Een mooi winters sfeerbeeld met de kerk van Techendorf op de achtergrond. Credits: Ben van Trierum

Maandag 28 januari – Sprintcup
Na veel sneeuwval en het bericht dat ijsmeester Norbert Jank met zijn shovel door het ijs was gezakt, waren we allen zeer nieuwsgierig naar de kwaliteit van het ijs. Door het verschuiven van de sneeuw tijdens het sneeuwvrij maken van de baan komt er veel sneeuw – en dus veel massa – aan de zijkant van de baan te liggen. Gezien de baan zelf geen massa op zich heeft liggen is dit de zwakke plek waar het ijs ‘bol’ gaat staan, waardoor er scheuren ontstaan en bestaande scheuren groter worden. En dat was wel te merken tijdens de koers!

Toen we in de middag het startschot kregen voor 60 kilometer koers, duurde het niet lang voordat de eerste rijders na het raken van een scheur onderuit smakten, met het karakteristieke geluid van schrapende ijzers, al krassend over het ijs, nadien. Zelf kwam ik ongeschonden door de wedstrijd heen, waar ik mij in de finale wederom prima positioneerde achter een aantal favorieten voor de sprint. Ter hoogte van de verzorgingsstraat – met nog een kleine 500 meter te gaan – koos ik ervoor om mijn sprint voort te zetten aan de rechterflank, maar helaas was ik niet de enige en raakte ik ingesloten. Desalniettemin kwam ik tot een keurige 8e plaats, waar ik tevreden mee kan zijn gezien dit mijn eerste koersweek is op de Weissensee.

Het verloop van de hectische eindsprint. Casper in het oranje aan de linkerzijde. Credits: Ben Mobach – AEW

Woensdag 30 januari 2018 – Dè Alternatieve.
Het was zover. Na 3 koersdagen was het tijd voor de grande finale: De Alternatieve Elfstedentocht. Zestien ronden van 12,5 kilometer resulterend in 200 kilometer koers. Na drie prima uitslagen zag ik ook deze helse afstand met vertrouwen tegemoet. Iets voor achten werden we weggeschoten en na een wat rustig begin werd er na 50 kilometer al wel redelijk gekoerst. Net als voorgaande dagen zat ik prima gepositioneerd en kon ik zuinig meespringen met verschillende vluchtpogingen. Ik zorgde ervoor dat ik bijna elke ronde in de verzorgingsstraat een bidon mét versnapering aanpakte, om een eventuele hongerklop naar het einde van de koers te voorkomen. Na twee uur koers steeg het zonnetje boven de bergrug uit en begon de temperatuur wat aangenamer te worden. Druk in de weer met mijn verzorgingstasje, stapte ik in een scheur en ging ik in de finishstraat onderuit. Al glijdend over het ijs sprong ik snel weer overeind en gezien mijn goede positionering sloot ik ergens halverwege het peloton ‘gewoon’ weer aan. Ruim anderhalve ronde later stapte ik weer in een scheur, deze keer viel ik hard op de rechterzijde van m’n heup. Al proberende snel op te krabbelen zakte ik meteen weer door m’n rechterbeen heen. Foute boel, dat wist ik meteen. Ik had weinig kracht meer in m’n rechterbeen en hinkelde terug naar de rijderstent waar ik werd opgevangen door de verzorging. Een abrupt einde en géén klassering op de Alternatieve Elfstedentocht. Als sporter wil je je grenzen verleggen en na een prima Open Nederlands Kampioenschap over 150 kilometer was ik benieuwd hoe ver ik zou kunnen komen tijdens de 200 kilometer. Een enorme tegenvaller als je dan door een harde crash de wedstrijd moet verlaten. Maar desalniettemin kijk ik terug op een prima sportweek, waarvan ik kan zeggen dat ik voor een eerste keer – als beloftenrijder – m’n mannetje heb weten te staan tijdens de harde natuurijskoersen. En als je onderstaand beeld ziet, dan snap je wel waarom ik nu al uitkijk naar volgend jaar…

Het damespeloton tijdens de eerste ronde van de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee. Credits: Vincent Riemersma

Na een gave eerste natuurijsmarathon en een prachtige wedstrijdweek op de Weissensee is naast de al aanwezige liefde voor het skeeleren, ook de liefde voor het schaatsen weer wat meer opgebloeid. Afgelopen weekend heb ik de wedstrijd in Enschede helaas over moeten slaan, aangezien mijn heup nog niet naar behoren functioneerde, maar komend weekend gaan we weer 100 rondjes vol gas op de kunstijsbaan in Dronten. Vervolgens één weekend niets (de A-rijders gaan naar Zweden voor het natuurijs, helaas kunnen wij als beloften niet mee) en het weekend daarna de finale van de KPN marathoncup in Leeuwarden. Nog twee wedstrijden en dan zit het schaatsseizoen er al weer op. En wat ik daarna ga doen? Daar ga ik de komende weken invulling aan geven. Er is goed nieuws op komst, dus stay tuned!

17-01-’19: Nog ééntje te gaan en dan: De Weissensee!

We zijn weer een wedstrijdje verder en hebben er ook nog maar één te gaan voordat heel marathonschaatsend Nederland en alle andere schaatsfanatiekelingen afreizen naar de Weissensee om kilometers te vreten op het Oostenrijkse natuurijs. Voordat ik jullie laat meegenieten van het ultieme wintersportgevoel aldaar, eerst een terug- en vooruitblik op de cupwedstrijden van Heerenveen (afgelopen zaterdag) en Amsterdam (komende zaterdag).

Gezien ik al vijf jaar in Heerenveen woon (eerst voor studie en sport, nu voor werk en sport) kan ik zeggen dat afgelopen cupwedstrijd in Heerenveen als thuiswedstrijd voelde. Deze keer geen autoreis van twee uur en geen middagbesteding aan het voorbereiden van een lunchpakket en een goede bak herstelvoer, maar snel wat pannenkoekjes naar binnen werken en pierewaaiend op ’t fietsje naar de ijsbaan. Ook wel weer eens lekker!

De wedstrijd in Heerenveen is altijd de snelste van het jaar. Beert Boomsma legt een puike ijsvloer neer die ons ook deze keer niet teleurstelde. Het snelle ijs maakte ontsnappen moeilijk, totdat Staphorster talent Ronald Haasjes in z’n ééntje op pad ging. Meter na meter smokkelde hij zijn voorsprong op het peloton bij elkaar, totdat hij zover was dat zijn ploegmaten zich lieten afzakken om hem op te halen en hem een rondje vooruit te loodsen terug naar de staart van het peloton. Echter gebeurde dit – volgens de jury – op een niet reglementaire manier (hij werd volgens de jury geduwd) en werden Ronald en zijn ploegmakkers uit koers gehaald. De dappere attaque werd op een wel heel onverwachte manier tenietgedaan en we reden niet meer voor plek twee, maar weer voor de overwinning.

Het op hol geslagen peloton viel de laatste 20 ronden niet stil en er werd flink doorgesjeesd. Met nog drie ronden te gaan merkte één van de acht Chinezen uit de stal van oud-schaatser Bob de Jong – die op dat moment één positie voor mij in de bocht reed – dat de boarding rondom de ijsbaan er wel heel comfortabel uitzag. Hij ging erbij liggen en op wonderbaarlijke wijze wist ik over hem heen te springen maar leverde ik wel wat cruciale plaatsen in afstevenend op de laatste twee ronden en de eindsprint. Mede gezien ik ver van achteren gepositioneerd was, zette ik mijn sprint vroeger dan normaal in. Ik merkte dat ik nog veel energie in de beentjes had zitten en reed buitenlangs alle sprintende concurrenten. De laatste bocht ging ik op positie drie in, waarbij ik merkte dat ik meer snelheid had dan mijn twee voorgangers. Echter ging het – zoals wel vaker dit jaar – mis in de laatste bocht en maakte ik een grote misslag bij het uitkomen van de bocht. Alsnog kwam ik op kleine afstand als tweede over de finish. In eerste instantie balend van die tweede plek, maar gezien het koersverloop kon ik er achteraf beter mee leven in vergelijking met alle voorgaande tweede en derde plaatsen dit marathonseizoen.

 

*Foto’s: Neeke Smit / TIMSimaging.nl

Komende zaterdag hebben we geen dak boven ons hoofd en gaan we voor – voorlopig – de laatste kunstijswedstrijd naar de Jaap Eden Baan in Amsterdam. De baan waar dit jaar de marathoncup begon en ik op een paar duizendste de winst miste… Tijd voor sportieve revanche dus!

Maar stiekem kijken we allemaal ook al vooruit naar de maandag ná Amsterdam. Komende maandag reizen we namelijk af naar de Weissensee waar we gedurende zeven dagen om de dag gaan koersen! In één grote gecombineerde groep van beloften en A-rijders begint de natuurijscyclus op 24 januari met de Aart Koopmans Memorial, een wedstrijd over 80 kilometer. Respectievelijk gevolgd door het Open Nederlands Kampioenschap over 150 kilometer, de Jumbo Cup over 60 kilometer en de afsluitende Alternatieve Elfstedentocht over 200 kilometer. Zoals vermeld koersen we om de dag en zit tussen elke koersdag een ‘rustdag’. Op deze rustdagen zullen we de beentjes lostrappelen op de mountainbike, gaan we langs de masseur om hopelijk alleen de sportieve belasting (en geen valpartijen, afkloppen!) uit te masseren en liggen we vooral veel op bed om goed uit te rusten van de gereden koersen en energie te sparen voor de koersen die komen gaan!

Ik ga er alles aan doen om een volgende blog goed nieuws te kunnen vermelden over de cupwedstrijd in Amsterdam en de natuurijswedstrijden tussen de A-rijders op de Weissensee. Wie weet inclusief een selectie van grandioos beeldmateriaal!

Tot de volgende keer!

10-01-’19: Een update over de laatste 3 wedstrijden: Van winst, naar verlies, naar hervonden vertrouwen!

In de laatste blog ging het voornamelijk over mijn trainerscursus, maar op sportief gebied is er ook weer veel gebeurd! We beginnen vooraan, bij de laatst gereden koers van 2018: Cupwedstrijd #8 in het altijd-gezellige Breda!

Zaterdag 22 december. Het was de laatste wedstrijd voor het Nederlands Kampioenschap (wat sinds twee jaar ‘traditiegetrouw’ op nieuwjaarsdag wordt verreden) en dus een mooie wedstrijd om de benen nog een laatste keer te kunnen testen! We zaten met de ploeg direct goed in de wedstrijd, in elke kopgroep sprong een mannetje mee. Zo ook in de beslissende kopgroep, waar ploegmakker Rémon één van de 15 mannen was. Eigenlijk wat te weinig, theoretisch een kans van 1 op 15, dus er moest wat gebeuren. Samen met beide klassementsconcurrenten (de nummers 1 en 2, zelf sta ik op de derde plaats in het algemeen klassement) bleven we achter in het peloton. Beide mannen zochten elkaar op voorin het peloton, waarna ik besloot mij langzaam naar achteren te laten zakken om een alles-of-niets poging te wagen. De kopgroep was ongeveer een halve ronde (200 meter) vertrokken en vanaf achter gaf ik vol gas en sprong ik in drie ronden naar de kopgroep toe. Dat gaf een machtig gevoel en beide klassementsconcurrenten zaten er niet bij. Dubbel score dus!

We pakten met de inmiddels 16 man tellende kopgroep een rondje voorsprong op het peloton en uiteindelijk – spijtig genoeg voor mij en mijn klassement –  wist de nummer 1 van het klassement dankzij afgezakte ploeggenoten zich ook bij de 16 man te voegen en ontstond er een situatie waarin 17 man een rondje voorsprong had gepakt op het peloton.

Na het afsprinten van het peloton op ronde tien, was het ploegmakker Rémon die een aantal meters wist te pakken met een kleine groepje andere mannen. Het grootst vertegenwoordigde team in de kopgroep reed deze uitvalspoging gecontroleerd dicht en zorgde ervoor dat het een sprint werd. Na attent positioneren kwam ik met 300 meter te gaan op kop, liep ik een – voor de verandering – foutloze laatste binnenbocht en kwam ik ruimschoots als eerste over de meet! Een keigoe resultaat: WINST!

*Foto’s: 1) Neeke Smit / TIMSimaging.nl, 2 & 3) Hidde Muije / Instaschaats

Deze uitslag resulteerde erin dat ik ben opgeschoven naar de tweede plaats in het algemeen klassement en eerste sta in het jongerenklassement. Ik zal dus in het witte jongerenpak aan de start staan bij cupwedstrijd #10 in Heerenveen, op 12 januari!

Dinsdag 1 januari 2019. Nieuwjaarsdag: NK Marathon!
Een wedstrijd waar ik kort over kan zijn. Zoals altijd is het NK een andere wedstrijd dan anders. Er staan geen klassementen op het spel, er zijn geen tussensprints en er telt maar één plek. De hele koers probeerde niemand met overtuiging weg te springen. Er werden veel laffe speldenprikjes uitgedeeld, maar daar bleef het ook bij. Al snel werd het bij mijn ploeggenoten, de teamstaf langs de kant en bij mij duidelijk dat we ons gereed gingen maken voor een massasprint totdat…

Ik ineens in de boarding lag. Met nog 19 ronden te gaan stuurde een vermoeide collega-schaatser ondoordacht van de buitenzijde in de bocht naar binnen – waar ik net om het peloton heen versnelden – en schopte tegen mijn schaats aan. Ik lag in de boarding en probeerde zo snel als mogelijk op te staan. De kramp schoot me nog in mijn rechterbovenbeen maar mede door kalm te blijven en gecontroleerd terug te rijden was ik na 2 ronden weer aangesloten bij het peloton waar ik door ploegmakkers meteen naar voren werd geloodst. De sprint ging niet ideaal maar met 300 meter te gaan zat ik in een prima derde positie. Gezien ik dacht dat er een ploegmakker achter mij zat, sneed ik de laatste bocht relatief wijd in om een ideale lijn te kunnen lopen en de bocht hard door te versnellen. Ik versnelde de bocht in maar daar kwam een concurrent met zijn benen stil binnendoor. Hij kon vervolgens in het midden van de bocht zijn lijn niet houden waardoor ik naar buiten werd gebonjourd en geen goede sprint meer kon rijden. Een klotegevoel gezien ik mij – ondanks de late valpartij – wel weer scherp en fris voelde in de finale. Een fout die een goede klassering kostte, waarna ik vervolgens niet noemenswaardig als 5e over de meet kwam. Balen…

Zaterdag 5 januari 2019. Doorstroom naar de A’s!
Na een teleurstellend NK – waar ik overigens nog wel even tijd voor nodig had om het uit m’n koppie te krijgen – was de eerstvolgende koers al snel. De zaterdag na het NK werd de tweede doorstroomwedstrijd verreden in Tilburg. Een wedstrijd waar de beste 20 beloften mee mogen koersen in het A-peloton. De vorige keer in Alkmaar ging mij dit prima af en werd ik 16e. Nu mengde ik mij actief in de koers – miste ik helaas wel de kopgroep – maar reed ik wederom in de punten (top 20 klassering) naar een keurige 19e plek in het 71-koppige peloton. Dat geeft vertrouwen! Dit zal mijn laatste jaar zijn bij de beloften, dus gezien de behaalde resultaten in de laatste twee doorstroomwedstrijden zie ik mijn overstap naar het A-peloton met vertrouwen en veel mogelijkheden tegemoet. Nu is het alleen nog de vraag hoe en waar ik gedurende het komende schaatsseizoen zal rijden in het A-peloton!

Maar met dat laatste zal ik nog niet veel bezig zijn gezien de drukke sportplanning en bijbehorende sportieve ambities. De komende zaterdagen zullen de cupwedstrijden vervolgen en reizen we tussentijds af naar de Weissensee in Oostenrijk voor een serie natuurijswedstrijden (24 tot en met 30 januari).

Koersend tussen de groen-genummerde A-rijders. Casper in het oranje pak met blauw beennummer, links in beeld. 
*Foto’s: 1) Eric Homan. 2) Bert Kool. 

Genoeg wedstrijden in het verschiet en een beloftenklassement wat nog alle kanten op kan gaan. Dus blijven trainen, elke dag beter worden, gefocust blijven maar bovenal: schik hebben! Dat laatste is zelfs van toepassing nu we in het stormachtige herfstweer onze duurritten op de fiets moeten maken ter voorbereiding op de lange natuurijsklassiekers op de Weissensee. Want ondanks dat een echte Elfstedentocht nu ver weg lijkt, rijden wij op de zojuist-genoemde Weissensee de Alternatieve Elfstedentocht! 200 kilometer lang in de barre beukmodus! Maar gelukkig eerst nog een aantal – relatief – korte marathons op kunstijs… 😉

22-12-’18: Terug de studieboeken in!

Vandaag geen uitvoerige terugblik over de onlangs gereden wedstrijden, maar een korte blog over hetgeen waar ik me tussen het trainen, werken en wedstrijden rijden door mee bezig houd! Het zal jullie niet verbazen dat ook dit gerelateerd is aan sport: ik ben namelijk druk bezig met het behalen van mijn eerste trainersdiploma!

Een aantal jaren geleden gaf ik voor het eerst training in de Hessenhal om de jeugdleden van de Hessenrijders nóg enthousiaster te maken voor de prachtige skeelersport! Na de training kreeg ik van de trainer (detail: ook mijn oud-trainer die me van de straten plukte toen ik als skeelerblaag – zónder helm – voor de snackbar langs sprintte) en de jeugd veel positieve reacties. Gelijk kwam daar de vraag of ik ook met de Nationale Sportweek in de Hessenhal wilde helpen. Doel: zoveel mogelijk schooljeugd kennis laten maken met de skeelersport. Wederom had het jeugdige skeelervolk veel schik, net als de trainer trouwens. Dat was mijn eerste kennismaking met het geven van training!

We slaan een aantal jaren over, en gaan precies één jaar terug in de tijd. Tijdens mijn trainingskamp in Colombia en Mexico werd ik benaderd door de trainerscoördinator van Lindenoord om training te geven aan de wedstrijdgroep van de skeelerclub uit Wolvega. Elke dinsdagavond zouden plusminus 25 clubleden naar het 10-kilometer verder gelegen Heerenveen komen om op de overdekte skeelerpiste te trainen. Eigenlijk wist ik het al snel, de skeelerpiste ligt op een steenworp afstand van m’n appartementje, ideaal dus. Het was afwachten of het zou passen tussen of na mijn eigen trainingsmomenten. Gezien ik afgelopen zomer mijn eigen trainingsschema maakte (wat ik nu in samenspraak met mijn trainer nog steeds grotendeels doe), was er geen reden om nee te zeggen. Sinds april 2018 ben ik dus officieel trainer bij een skeelerclub, echter ontbreken de trainersdiploma’s nog…

Nu, bijna een jaar later, vind ik het nog steeds prachtig om de skeelerpassie te mogen delen met de altijd-enthousiaste sportievelingen van de skeelerclub. En net als bij die allereerste training in Hoog-Keppel krijg ik alleen maar positieve reacties van zowel de sporters als de ouders. Toen er via-via een kans kwam om KNSB-trainersopleiding IST-3 – ‘Inline-Skate-Trainercoach niveau 3’ – te volgen was dat ondanks de drukke sportzomer ook een absolute ja! De skeelerclub maakte het financieel mogelijk om de opleiding te volgen en na heel wat cursusmiddagen en het succesvol afronden van de twee vereiste kennistoetsen duik ik nu voornamelijk terug in de readers en studieboeken om mijn trainersportfolio compleet te maken. Als het goed is ben ik dan vanaf midden-januari gecertificeerd trainer. De komende dagen en weken zal mijn vrije tijd voornamelijk opgevuld worden met onderstaand uitzicht:

Zoals gezegd geen terugblik op de laatste wedstrijden (weer één podiumplaats in de pocket), maar wel een korte vooruitblik: De volgende blog zal over twee weken weer online komen met hopelijk goed nieuws! Dan zit het NEDERLANDS KAMPIOENSCHAP MARATHONSCHAATSEN er namelijk op. Net als voorgaande jaren zal dit kampioenschap op nieuwjaarsdag verreden worden, dit jaar in Groningen. Mijn laatste Nederlandse Kampioenschap in de beloftencategorie, wat hopelijk een mooi begin oplevert van wederom een succesvol (sport-)jaar.

En natuurlijk via deze weg iedereen zalige feestdagen en een gezond nieuwjaar gewenst!

06-12-’18: Terugblik op de Trachitol Trophy!

22, 23, 24 en 25 november: de Trachitol Trophy. Vier dagen op rij marathonwedstrijden. In totaal 360 ronden, 720 bochten linksom resulterend in 144 wedstrijdkilometers. Elke dag reizen van en naar achtereenvolgens Breda, Utrecht, Hoorn en Groningen, resulterend in exact 1.012 autokilometers. Drie podiumplaatsen. Eén dagoverwinning. De winst in het algemeen klassement én de winst in het sprintklassement! Dat betekent beide – foeilelijke – leiderspakken verzameld en succesvol verdedigd, de volle buit dus! Het waren vier dagen vol met sportgeluk! Bij deze mijn terugblik, geniet mee!

Dag 1, Breda. Starttijd 18u00: 60 ronden
Dag één van de marathonvierdaagse. Normaal hebben we altijd wedstrijden over 100 ronden, deze keer waren het er maar 60. Van tevoren een oneindig aantal scenario’s over het koersverloop die tijdens de ploegbespreking de revue zijn gepasseerd. Hypothese: het zal een snelle koers worden. Zaak dus om het lichaam goed voor te bereiden voor een flinke opdonder. Na ’s ochtends al fanatiek te hebben ingefietst, was het voorafgaand aan de marathon ook belangrijk warm het ijs te betreden. Iets langer inlopen, een sprintje extra en we stonden met volle focus én een plan aan de start: Zowel tijdens de tussensprints als bij de eindsprint punten vergaren voor het sprint- en het algemeen klassement. Niet genoegen nemen met één van beide prijzen, maar gaan voor beiden. Alles of niks. Risicovol, maar met onze sterke ploeg zeker niet onmogelijk!

Er stond 80 man aan de start, waaronder acht Chinezen en één Deen. Iedereen met frisse beentjes en plannen om één van beide leiderspakken te veroveren. Dat is het mooie aan de eerste wedstrijd, winst staat gelijk aan een leiderspak. Goed, onze hypothese werd bevestigd. Het werd een snelle wedstrijd. Beide tussensprints won ik met overmacht, die punten waren alvast binnen. Niet geheel fris – na beide tussensprints en vaak aanwezig te zijn in potentiële kopgroepen die uiteindelijk weer werden bijgehaald – begon ik aan de finale. Na prima positiespel ging ik als eerste de laatste bocht ik. Helaas maakte ik een flinke misser, waardoor ik de bocht lomp ‘uitwaaierde’ en er nog twee man onderdoor kwamen. Achteraf zouden dit ook de twee mannen zijn met wie ik zou gaan strijden om de eindzege van de Trachitol Trophy. Conclusie na de derde plaats op dag 1: De ploeg is sterk, ik voel me fit en sta dik aan de leiding van het sprintklassement. Daarnaast goede zaken gedaan voor het algemeen klassement. Prima begin!

Snel weer de focus op de volgende dag. Na een cooling-down op de ijsbaan een eiwit-shake en een banaantje naar binnen, in de auto op de terugweg de vooraf-bereidde nasi verorberen en bij terugkomst in Heerenveen meteen de beentjes nog even lostrappen op de fiets. Om 23u in bed.


Na het winnen van beide tussensprints en een 3e plaats in de eindsprint, begon de eerste dag prima met een royale voorsprong in het sprintklassement. En dus het ‘Pillenpak’!
Foto: Neeke Wassenbergh / Timsimaging.nl.

Dag 2, Utrecht. Starttijd 21u15: 80 ronden
Na een prima eerste dag begon dag twee met een lekker lostrapritje op de fiets. Af en toe een vinnig sprintje om de spierspanning te testen: check, deze was prima. Na een stevige bak Brinta nog even de schaatsen vlijmscherp maken, eten maken voor zowel voor als na de wedstrijd, de uitgehangen sportkleding weer inpakken en de overige tijd besteden op bed. Beentjes omhoog en energie sparen: rustmodus aan.

Na een snelle eerste koers in Breda waren al wat eerste signalen van vermoeidheid te bespeuren in het peloton. De snelheid zat er weer goed in, maar hier en daar verloren er wat mensen de controle in de uitgetrapte bochten (het dames- en herenpeloton hebben voor onze koers al de nodige rondjes gereden en het ijs in de bochten flink mishandeld). Op willekeurige momenten vielen er éénlingen midden in het peloton, zaak om scherp te blijven.

Er waren weer veel aanvalspogingen van groepjes. Met nog 20 ronden te gaan maakte ik de inschatting dat de kans klein was dat er nog een groep zou wegsprinten. De tussensprints had ik al overgeslagen, gezien mijn voorsprong in het sprintklassement aanzienlijk was, waardoor ik voor de eerste keer deze winter fris de eindsprint in kon gaan. Check onderstaande video voor de finale (Oranje helm en pak, beennummer 67):

Video: podcast ‘Schaatskoers’

Vanaf de finish tot aan de ploegleiding (die aan de andere zijde van de baan op het ijs staat voor de verzorging) schreeuwde ik het uit. Wát een opluchting! Het hele jaar zat ik al zo dichtbij, en nu was die winst er ein-de-lijk! Onderstaand de finishfoto…


Eén woord: ONTLADING! Foto: Arjen Vervoort, schaatspeloton.nl

Dankzij deze overwinning veroverde ik – naast het pillenpak als leider in het sprintklassement – ook het pijlenpak voor de leider in het algemeen klassement. Volle buit dus! Check in onderstaande video hoe Jaap Dillen (kleding KNSB) er ’s nachts nog voor zorgde dat ik de volgende dag in het leiderspak aan de start kon staan in Hoorn.

Na de koers reed ik samen met de ploegleiding terug naar Heerenveen. Logischerwijs was de sfeer in de auto dikke prima, maar al snel ging de knop om: focus op de volgende dag. Bij terugkomst in Heerenveen – om 00u20 ’s nachts – gelijk weer een stukje losgefietst en snel het bed in.

Dag 3, Hoorn. Starttijd 21u30, 100 ronden
Na het gaan van de wekker was er wederom sprake van hetzelfde ritueel: Beginnen met een bak Brinta, vervolgens losfietsen met wat spierspannings-check-sprintjes, schaatsen slijpen, eten voorbereiden voor zowel voor als na de wedstrijden en weer op bed liggen.

Na twee dagen koers was het weer beter merkbaar dat er vermoeidheid in het peloton zat. Als er vooraan gas werd gegeven ontstonden er al gaten en waren er significant meer beloften die moeite hadden om het peloton bij te houden. Na de eerste tussensprint, die ik door perfect teamwork van een ploeggenoot zuinig kon pakken, ging een concurrent voor het algemeen klassement vol in de aanval. Doordat ik bij de tussensprint – zoals gezegd – zuinig mijn punten kon pakken, had ik nog een flinke aanzet over om de aanval te pareren. Ik sloot aan bij de aanvaller, een aantal andere klassementsmannen gingen ook mee, en voor we het wisten hadden we al 100 meter voorsprong op het peloton. Uiteindelijk pakte ik, samen met één ploeggenoot en acht anderen, een rondje voorsprong op het peloton. Met nog tien ronden te gaan sprintten de overige 70 beloften af en gingen we met tien man de finale in. Na veel ‘gejojo’ kwam het aan op een sprint. Ik zat perfect gepositioneerd en voelde me nog fris, echter kreeg ik in de voorlaatste bocht een fikse duw waardoor ik als 7e de laatste bocht inging. Mede door mijn frisheid kon ik nog naar een tweede plek sprinten, maar baalde ik er enorm van dat er een potentiële overwinning door m’n neus werd geboord. In onderstaande video mijn reactie – in het leiderspak van het algemeen klassement – direct na de finish.

Net als na de tweede dag, wederom erg laat thuis. Om 00:35 zat ik – met een balend gevoel – weer op de fiets voor een kort herstelritje. De frustraties d’r nog even uitgetrapt, maar snel kunnen relativeren. Ik stond nog steeds aan de leiding in zowel het sprint- als het algemeen klassement, dus geen reden tot klagen. Op naar de vierde en laatste dag, de finale in Groningen!

Dag 4, Groningen. Starttijd 17u45, 120 ronden
De Grande Finale! 120 ronden, 20 ronden meer dan we normaal gesproken koersen. Na een voorbespreking met m’n drie goede ploegmaten lag er snel een puik plan klaar. Zowel het sprint- als het algemeen klassement moest en zou verdedigd worden…

Net als de vorige dag viel de beslissing van de kopgroep ná de eerste tussensprint. Hier pakte ik weer de nodige puntjes door hulp van m’n ploegmaten, waarna één van de klassementsconcurrenten mij direct onder druk zette door meteen na de sprint aan te vallen. Zonder twijfel ‘jumpte’ ik naar hem toe en waren we weer los met een groep van elf. Hierbij ook de nummers twee en drie van het algemeen klassement. Op de nummer twee had ik 3 punten voorsprong, op de nummer drie 4 punten. De nummer vier in het klassement stond al op 18 punten achterstand. Ter informatie: De nummers 1, 2 en 3 konden op de finishstreep respectievelijk 35, 29 en 24 punten verdienen. Daarna liep het verschil steeds af met 2 punten verschil. Voor mij was het dus zaak dat beide klassementsconcurrenten niet in de ‘dikke podiumpunten’ terechtkwamen, want dan was ik de eindzege van het klassement kwijt door het puntenverschil.

In de finale – nadat het peloton was afgesprint en we met elf man overbleven – vielen er steeds kleine groepjes aan. Tot mijn verbazing bleven mijn klassementsconcurrenten achter mij zitten en vielen ze mijn leiderspositie niet aan. Ik liet een groepje van zes man met daarin een ploegmakker wegrijden, zodat de dikke podiumpunten weg zouden zijn en ik meer speling had met oog op het klassement. Een perfecte uitgangssituatie dus! Mijn ploegmakker eindigde als derde in de einduitslag, ik won de sprint van het klassementsgroepje wat resulteerde in…

WINST in het algemeen klassement & WINST in het sprintklassement!

Foto 1: Als 7e over de streep komen en toch juichen, een rare beleving, maar beide klassementen in de pocket! De volle buit is binnen! (Foto: Vincent Riemersma)
Foto 2: De ‘Trachitol Trophy’ gewonnen, een coole kerstkrans voor op de voordeur! (Foto: Neeke Wassenbergh / Timsimaging.nl)

100% score dus! Vier prachtige dagen koers op de best mogelijke manier afgesloten. Prachtig om te zien dat we met de ploeg een – toch wel redelijk risicovol – plan maken en er vervolgens dik in slagen en met beide klassementen naar huis gaan! Na de koers werd er een welverdiend biertje gedronken waarna bij thuiskomst de frituur werd aangezwengeld. Een verdiend feestmaal! De eerste dikke vette vis van dit seizoen is binnen. Nu op naar meer hele mooie sportmomenten!

22-11-’18: De Trachitol Trophy!

Eindelijk is het zo ver! De week waar marathonschaatsend Nederland al een tijdje met veel schik (en een heel klein gedeelte van het peloton met minstens evenveel afschuw) naar heeft uitgekeken: de terugkeer van de marathonmeerdaagse! Na een jaar afwezigheid keert de met-vroeger-vergelijkbare Greenery Six – bekend van het foeilelijke spruitenpak gedragen door de klassementsleider van deze 6-daagse – terug in de vorm van een vierdaagse wedstrijd onder de naam Trachitol Trophy. Dat betekent donderdag, vrijdag, zaterdag én zondag koers!

Tijdens de zojuist genoemde dagen rijden we opeenvolgend 60, 80, 100 en 120 ronden waarbij we de ijsbanen van Breda, Utrecht, Hoorn en Groningen aandoen! Veel racen, veel reizen, veel sjeezen en veel prijzen! Want naast de dagoverwinning zijn er ook twee leiderspakken te veroveren.

Elke wedstrijd zijn er op niet afgesproken momenten drie sprints – de eindsprint hierbij meegerekend – voor respectievelijk 5, 4, 3, 2 of 1 punt(en) voor de nummers 1, 2, 3, 4 en 5. De persoon met het hoogste aantal verzamelde sprintpunten start de volgende wedstrijd in een heus pillenpak. De leider van het klassement gaat bij wedstrijd twee van start in een pijlenpak. De overgrote meerderheid van het peloton is niet bijzonder gecharmeerd door de pakken, maar leiderspakken moeten opvallen toch?!? Oordeel zelf ;-):

Links het pillenpak, rechts het pijlenpak. Foto: KNSB

Korte update over de afgelopen twee weekenden
Twee weken terug in Heerenveen (cupwedstrijd #4) zat ploeggenoot Rémon in de kopgroep en sprintte hij naar een derde stek. Zelf won ik de pelotonsprint en werd ik 11e. Een week later – afgelopen weekend – waren we in Haarlem voor cupwedstrijd #5. Iets na halverwege koers ging ik hard op m’n bek, of zoals we dan zeggen als dat in een bocht gebeurt: de kussens in. Ik reed in de tweede lijn en vanuit de eerste lijn (dus vanuit de binnenbocht) viel iemand die mij schepte en meenam in zijn val. Meteen opstaan en vol gas terugrijden naar een op dat moment ontketend peloton. Gelukkig herstelde ik daarna goed, waarna de wedstrijd uitmondde in een massasprint. Drie concurrenten verrasten mij door de massasprint vroeg aan te gaan. Ik zat op een klein gat, reed rap terug en kwam slechts een paar honderdsten van een seconde tekort voor de overwinning: plek 3 als resultaat. Net als in de Amsterdam erg dichtbij. Wel weer een mooi boeketje bloemen voor de trouwe support van vaders en moeders, maar nog steeds ontbreekt die plek op het hoogste schavot! En daar is maar één oplossing voor: keihard knappen tijdens de vierdaagse!

Van keihard op m’n bek, sprintend naar een derde plek! Foto: Hank Prinsen & Flitskabouter

Tot de volgende keer!

08-11-’18: Van topvorm naar totale off-day

Na een valse maar tegelijkertijd prima seizoenstart tijdens de eerste cupwedstrijd in Amsterdam – waar ik op twee honderdste van een seconde naast de winst greep (zie vorige blog hieronder) – zijn inmiddels cupwedstrijd 2 (Deventer) en 3 (Utrecht) ook achter de rug. Tijd voor een korte update!

Op mijn oude thuisbaan De Scheg in Deventer had ik een prima dag! Er sprong een kopgroep van 7 man weg die een rondje pakte op het peloton, met daarin één ploeggenoot van mij. Nét voor het moment van aansluiten van deze kopgroep sprong ik naar een gedemarreerde groep toe waarin een andere ploeggenoot van mij zat. De motor was warm gedraaid en na flink wat rondjes buffelen waren we ook met deze tweede groep van 9 man ‘rond’, zoals we dat in het marathonschaatsen zeggen. Resultaat: 16 man met één ronde voorsprong op het peloton.


De tweede groep meeslepen op weg naar een rondje voorsprong op het peloton. Foto: Neeke Smit / TIMSimaging.nl

Het peloton – zo’n 70 man – kreeg de bel te horen op ronde 11 om af te sprinten voor de voor hen hoogst haalbare plek 17. De overige 16 man, die allen dus een rondje voorsprong hadden gepakt, moesten in de laatste 10 ronden uitmaken wie de winnaar zou worden in Deventer. Zonder dat er een serieuze aanval kwam werd het een sprint waarin ik als 5e over de finish kwam. Er zat meer in, maar dat dwong ik niet af! De laatste ronde begon ik té ver van achteren, waardoor ik in de sprint net te kort kwam voor wederom een podiumplaats. Balen, maar op de eindsprint na ben ik over de gehele wedstrijd tevreden. Ik voelde me goed, fit en sterk, net als de week voor Deventer in Amsterdam. In de koers deed ik precies wat ik moest doen. Alles lukte, op de finale na. Topvorm niet benut, jammer de bammer!

Eén week later – afgelopen weekend – koers in Utrecht. Hier kan ik kort over zijn: ik had een totale off-day. In het begin van de koers actief, springen naar kopgroepen waar achteraf totaal geen potentie in zat, vervolgens door vermoeidheid achter de feitjes aan schaatsen en niet mee kunnen springen tijdens de beslissende kopgroep van 6 man. Resultaat: als 3e van het peloton, dus als 9e in totaal over de finish. Ik zal jullie verder niet vermoeien met technisch gebrabbel en tactisch gezeik, maar deze koers was een schoon voorbeeld van hoe het niet moet! Punt.

Een dosis zondagse zaligheid in de vertrouwde Achterhoek hielp mij bij het vinden van de delete-knop en wiste de off-day weer uit m’n walnootvormige harde schijf. Komende zaterdag hervatten we de competitie in Heerenveen. Op de baan waar ik samen met mijn marathonploeggenoten wekelijks train, starten we zaterdagavond om 22u00 (!) voor 100 rondjes koers. Zoals altijd zal het in Thialf een snelle wedstrijd worden, mooi scheef hangen in de bochtjes! Kijk er nu al naar uit!!!

Tot de volgende keer!

25-10-’18: Allemachtig balen in Amsterdam…

Na een goed trainingskamp in Erfurt is de eerste marathoncupwedstrijd inmiddels verleden tijd. Afgelopen zaterdag werd het seizoen traditiegetrouw geopend op de niet-overdekte Jaap Edenbaan in Amsterdam. Zoals elk jaar waren we als beloftencategorie als laatste aan de beurt. Na een massale valpartij bij de dames en de neutralisatie die volgde werd het nog wat later en kregen we niet om 22u00, maar 22u20 het startschot voor 100 rondjes van 400 meter.

Bij de dames zorgde een valpartij voorin het peloton voor een kettingreactie waarbij zo’n 30 dames – mét vlijmscherpe schaatsmessen aan hun voeten – elkaar als pionnen omkegelden. Geen wonder dat we sinds 3 jaar verplicht snijvaste kleding en een helm moeten dragen in de marathonsport. Foto: Vincent Riemersma.

Er stond zo goed als geen wind en de temperatuur van 14°C deed mij niet direct realiseren dat ik twee uur later een wedstrijd zou moeten schaatsen. Allereerst de jaarlijkse controle: de schaatsen (waarvan de mespunten afgerond moeten zijn), de snijvaste kleding, de helm en de transponderbatterijen werden allemaal gecontroleerd waarna ik een ‘check’ achter m’n naam kreeg en officieel startgerechtigd zou zijn. Zoals altijd werd de warming-up gecombineerd met het weerzien van en bijpraten met veel (sport-)kameraden en concurrenten. Dat is trouwens precies de charme van de marathonschaats- en de skeelersport: Op de baan is iedereen bloedfanatiek en wil iedereen winnen, maar naast de baan leeft die concurrentie niet meer zo en is het net één groot gezellig voetbalteam van fanatieke sportliefhebbers.

Prima, op naar de wedstrijd. Na wat inleidende beschietingen gaf ik met nog 65 ronden te gaan een keer gas. Samen met 4 anderen, waarvan één schaatser uit Denemarken, reden we weg. We werkten prima samen en een tien à vijftien ronden later hadden we het peloton gedubbeld. Vijf man in koers met één ronde voorsprong. Vervolgens was het zaak om attent te blijven en weer mee te springen met potentierijke kopgroepen, want slechts de helft van de koers zat er pas op. Drie van de vier nieuwe uitlooppogingen zat ik bij, de andere uitlooppogingen werden goed onder controle gehouden door mijn ploeggenoten. Het peloton kreeg de bel met nog 6 ronden te gaan en sprintte af, waarna de vijf koplopers het met elkaar moesten uitmaken wie er met de winst aan de haal ging en het eerste oranje leiderspak in ontvangst mocht nemen…

Na een aantal aanvalspogingen van de Deen, die ik stuk voor stuk zelf moest pareren – ze keken immers naar mij als rappe man – wilde ik de sprint, met nog anderhalve ronde te gaan, controleren. Op de bel van de laatste ronde zat ik op kop – nog 400 meter te gaan – en na een gecontroleerde bocht zag ik in de schaduw van de stadionlampen dat de rest mij op het voorlaatste rechte stuk niet zou passeren. Ik hield nog wat in om ervoor te zorgen dat ik mezelf in de laatste bocht naar de finish zou katapulteren. De laatste bocht in – nog 200 meter tot de finish – té onrustig en té gretig. Ik trapte mezelf voorbij en waaierde de bocht veel te veel uit maar vervolgde vol overgave mijn sprint. Nog 80 meter tot de finish, ik hoorde schaatsen achter mij klapperen. Nog 60 meter, ik lag nog steeds op kop. Nog 50… 40… 30… 20… In mijn ooghoeken zag ik links van mij iemand opduiken, vanuit mijn slipstream kwam hij ernaast en stak hij zijn pootje 2 honderdste van een seconde eerder over de finish… Dat ziet er zo uit:

Twee honderdsten van een seconde… (Casper met oranje helm). Foto: Flitskabouter

ALLEMACHTIG BALEN
Na de finish wist ik even niet waar ik het moest zoeken. Ik was enorm teleurgesteld in mezelf en baalde enorm van de slechte laatste bocht en de daardoor weggegeven overwinning. Na het aanpakken van de schaatsbeschermers (hierop loop je van het ijs naar de kleedkamers) van de ploegleider smeet ik ze direct weer weg, evenals mijn sportbril. Het was geen boosheid of agressie, maar juist enorme teleurstelling die zich op dat moment zo uitte. De teleurstelling werd na de gewaardeerde troostende woorden van mijn ploegmakkers, de ploegleiding, familie en vrienden niet direct minder. Wel realiseerde ik me dat het een prima seizoensstart is en er nog heel veel moois gaat komen deze winter!

Komende zaterdag staat de tweede cupwedstrijd op de planning. En dat op de baan waar ik samen met mijn streekgenoten van IJsclub de Hessenrijders uit Laag-Keppel tien jaar geleden mijn eerste rondjes schaatste: ‘thuisbaan’ De Scheg in Deventer. De starttijden zijn als volgt:
– 17u45: Beloften heren.
– 19u15: Topdivisie dames.
– 20u30: Topdivisie heren.

Kom allemaal naar de Scheg in Deventer (Adres: Piet van Donkplein 1, 7422 LW, Deventer)! Samen met ruim 80 andere beloften – waaronder een aantal talentvolle streekgenoten zoals Mart Nijhoff uit Vorden – zal ik om 17u45 starten voor 100 ronden koers!

Tot daar!

12-10-’18: Uren maken!

Na een succesvolle allerlaatste skeelerwedstrijd van afgelopen zomerseizoen in Berlijn – die uitgebreid behandeld en beschreven is in de vorige blog – heb ik inmiddels de wieltjes onder de voeten omgewisseld voor vlijmscherpe messen. Geen skeelerwedstrijden meer, maar elk weekend reizen om alle schaatsbanen in Nederland aan te doen voor de nationale marathoncup (en tussendoor nog een aantal langebaanwedstrijden). Om me goed voor te bereiden op het ijsseizoen zit ik samen met m’n marathonploeg in Duitsland. Berlijn is verruild voor Obernissa, een verlaten gat vlak naast Erfurt waar we bivakkeren in een simpel pension. Effen geen randzaken of gedonder, maar lekker uren maken op de schaatsen en de wielrenfiets!

Ter illustratie, dit is hoe ik een doorsnee dag ervaar tijdens ons trainingskamp in Erfurt:
Elke ochtend zorgt pensionbaas Folkert ervoor dat stipt om 7u45 de vers opgewarmde ovenbroodjes, gekookte eitjes en de vers uit de grootverpakking geschonken jus d’orange paraat staan. Vervolgens gaan we in de personenbus naar de ijsbaan in Erfurt – plusminus 10 minuutjes rijden – en werken we daar een goede ijstraining af. Bij terugkomst eten we de opnieuw opgewarmde, overgebleven ovenbroodjes op en is er in de voormiddag tijd voor een powernap, een studiemomentje of belletje met het thuisfront. In de namiddag zitten we op de fiets waarna we bij terugkomst getrakteerd worden op een grote pan kale rijst of pasta, een bakje sla en een dikke vette kipkluif. Als toetje worden er een aantal kilobakken straciatella-yoghurt op tafel gemikt die binnen de minuut op zijn. ’s Avonds is er nog tijd voor een potje slap ouwehoeren waarna we op bed gaan en de verse ovenbroodjesgeur ons de volgende ochtend weer zal wakker maken.

Check hier de video voor een impressie van de ijstraining van vanochtend:

Zaterdag sluiten we het kamp af met een langebaanwedstrijd. Ik zal zowel op de 500 meter als de 5 kilometer rijden en ben zeer benieuwd welke tijden ik gedurende dit seizoen na twee jaar afwezigheid bij de langebaanwedstrijden op de klokken kan zetten. Na de wedstrijd frissen we ons snel op, werken we nog zo’n dikke vette kipkluif naar binnen en sjeezen we vol gas terug naar Nederland om ’s avonds met een voldaan gevoel op bed neer te ploffen.

Tot de volgende keer!

28-09-’18 – Nederlands record in Berlijn!

Precies 13 dagen geleden rolde ik over de finishlijn van ’s werelds grootste inline wedstrijd van het jaar, de BMW Berlin Marathon. Waar ‘s zondags de hele stad plat ligt voor dik 40-duizend hardlopers, is het steevaste prik dat de zaterdag voorafgaand aan de hardloopmarathon duizenden inline-skaters door Berlijn razen.

Ook dit jaar reisde ik samen met een aantal sportkameraden af naar Berlijn, inmiddels voor het derde jaar op rij. In voorgaande twee edities werd ik in het altijd sterke deelnemersveld respectievelijk 19e (tijd: 1:00:01) en 18e (tijd: 1:00:53). Dit jaar was er een kopgroep weg waarin alle drie de professionele ploegen represent waren. De bekende schaatsbelg en skeelerlegend Bart Swings namens team Powerslide – die de afgelopen 5 edities won – werd vergezeld door twee Fransen: Ewen Fernandez van team Rollerblade en Nolan Beddiaf van team EO-skates. In het peloton achter de drie koplopers bleef een selectieve groep van 35 a 40 internationale toppers over, waar ik mij ook in bevond. We hielden de drie koplopers het grootste gedeelte van de finale in zicht op de lange, brede straten van Berlijn maar kwamen er spijtig genoeg niet meer bij. In de eindsprint van het uitgedunde elitepeloton finishte ik op een 10e plaats, wat resulteerde in een 13e plaats overall. Dit in een tijd van 58:19, wat resulteerde in een gemiddelde snelheid van 43,2 km/h! Een officieus Nederlands Record en progressie ten opzichte van de voorgaande jaren. Een onderonsje met een Fransman in de hectische eindsprint kostte mij een potentiële top-10 plek, maar na een lang en vermoeiend skeelerseizoen was dit een prima afsluiter die me energie geeft voor de toekomst!

Casper sprintend naar stek 13 in de laatste meters van de BMW Berlin Marathon.

Langzamerhand worden de skeelers ingeruild voor de schaatsen. Afgelopen maandag stond ik voor de eerste keer weer op het ijs van Thialf, in Heerenveen. In tegenstelling tot vele schaatsers blijf ik de gehele winter wél skeeleren naast het schaatsen. Een mooie afwisseling ten opzichte van de trainings op het ijs én gegarandeerd plezier, dus waarom niet?

Over een goede week keer ik samen met de marathonschaatsploeg weer terug naar Oost-Duitsland, naar Erfurt om precies te zijn. Daar zullen we zes dagen bivakkeren en veel trainingsuren maken om ons voor te bereiden om het winterseizoen. 20 oktober wordt het marathonseizoen traditioneel getrouw geopend op de Jaap Edenbaan in Amsterdam. Vervolgens zijn we (bijna) elke zaterdag weer zoet met een marathoncupwedstrijd en zal ik na 2 jaar afwezigheid op de langebaan ook weer wat tijden en persoonlijke records gaan zetten om te kijken wat er mogelijk is voor deze winter en alle volgende winters!

Tot snel!

14-09-’18: Terugblik op de Europese Kampioenschappen

Het is alweer een tijdje terug: de Europese Kampioenschappen in Oostende (België). Bijna een maand geleden, van 17 tot en met 23 augustus om precies te zijn. Voordat ik terugblik op het EK allereerst een korte terugblik op de wereldrecordpoging van Mompie (Arjan Mombarg) tijdens de 24-KiKa twee weken geleden.

De dag voordat hij zijn poging waagde, feliciteerde ik hem al met het behalen van zijn wereldrecord (zie vorige blog). En terecht; Mompie heeft in 24 uur tijd 617,7 KILOMETER geskeelerd. Tegelijkertijd heeft de pas 17-jarige (!) Lotte Reintjes uit Didam – eveneens helemaal solo – 448 kilometer geskeelerd. Absurd goede prestaties! Ontzettend veel respect voor beide klasbakken. Samen met alle andere bikkels die hun rondjes skeelerden in Biddinghuizen hebben ze ruim €26.500,- opgehaald voor Stichting KiKa!


*Foto: Vincent Riemersma – 24KiKa

Dan nu de terugblik naar de Europese Kampioenschappen in Oostende, België. In mijn jeugdjaren heb ik al meermaals Europese Kampioenschappen mogen racen, maar dit was m’n eerste kampioenschap in de senioren-categorie. Skeeleren en strijden met skeelerhelden die ik tijdens mijn jeugdjaren bewonderde (en nog steeds doe).

Op de piste (10 kilometer puntenkoers en 15 kilometer afvalkoers), op de weg (10 kilometer puntenkoers) en de afsluitende 42-kilometer-lange marathon mocht ik samen met mijn teammakkers van start. Op alle onderdelen kreeg ik een knechtende rol toebedeeld. Iets waar ik al koersend in Nederland en tijdens de Europa Cups nooit mee te maken heb gehad. Normaal rij ik niet in een (grote) ploeg maar kan ik dankzij de steun van mijn privé-sponsoren veel (Europese) skeelerwedstrijden afgaan. Logischerwijs draag ik hen dus ook graag uit tijdens deze wedstrijden en skeeler ik als éénling in het peloton.

In knechtende rol tijdens de 15 kilometer afvalkoers op de piste. Doel: de koers controleren om de kopman te beschermen en zo fris als mogelijk af te zetten in de finale.
*Foto 2: Hidde Muije – Instaschaats

Het knechtenwerk was voor mij een nieuwe tak van sport, maar ging mij voor een eerste keer op Europees niveau prima af. Op de beide puntenkoersen en de marathon sleepten we bronzen medailles binnen. Geen overwinning, dat niet. Maar naar omstandigheden goede resultaten. Ik heb veel geleerd over koersen op dit niveau, koersen mét teamgenoten en wat ik zelf nou echt wil. Want ondanks dat de resultaten naar omstandigheden goed waren en ik oprecht blij was voor mijn succesvolle teamgenoten, geeft het toch een dubbel gevoel.


Samen met Bart Hoolwerf (oranje pak, links, zwarte helm) het peloton controleren na een bronzen demarrage van teamgenoot Crispijn Ariëns.

Uiteraard was ik het liefste met een compleet eigen plan de koers ingevlogen, net als tijdens de Nederlandse Kampioenschappen. Als je zo’n plan met volle overgave uitvoert en jezelf het snot voor de ogen rijdt, dan kan je jezelf niks verwijten als het niet lukt of is het juist prachtig als het wél lukt. Nu waren mijn opdrachten en doelstellingen gedeeltelijk afhankelijk van koerssituaties en anderen. Soms moest ik anticiperen op momenten dat ik dat eigenlijk niet kon, of moest ik mezelf inhouden op momenten dat ik júíst klaar was voor actie. Die manier van koersen gaat gevoelsmatig tegen mijn natuur en/of instinct in. Het voelde alsof ik steeds een stapje achter liep. Ook al voerde ik naar omstandigheden mijn taken vol overgave en zo goed als mogelijk uit, kreeg ik tevreden reacties van ploeggenoten en staf na de koers en was ik oprecht blij voor het team en de individuen die ik voor een (klein) deel had geholpen bij het behalen van een medaille – eerlijk is eerlijk – het allermooiste en waar ik de meeste voldoening uit haal, blijft vol gas koersen met eigen plan.


Met Gary Hekman in m’n wiel (zwarte helm, #41) de finish-straat indraaien tijdens de afsluitende marathon door Oostende.

Het was voor mij een hele ervaring en een heldere leerschool: In de toekomst wil ik zelf een kopman zijn. Strijden om de trui die een Europees Kampioen om zijn schouders gehangen krijgt. Nu ik geproefd heb aan wedstrijden op Europees en wereldniveau, realiseer ik mij dat ik nog heel wat trainingsuren nodig heb om deze droom te kunnen realiseren. Maar de motivatie is daar. Nu nog een mooi plan maken. Op naar de tekentafel…

* Korte update/vooruitblik omtrent de komende weken: Afgelopen twee weken heb ik vooral rustig aan gedaan en een begin gemaakt aan de na-het-EK-vooruitgeschoven-randzaken-lijst. Ik ben onder andere druk bezig met het behalen van mijn derdegraads trainersdiploma en moet daarnaast weer veel uren werken om een buffer op te kunnen bouwen voor de komende sportzomer om alle trainingsmaterialen in orde te krijgen. Helaas heb ik tijdens de voorbereiding op het EK mijn wielrenfiets kapot getrapt, dus is het voor mij prioriteit alles weer in orde te krijgen en zonder stress weer aan de slag te kunnen en mijn trainingsuren te kunnen maken!

Ook staat komende zaterdag ’s werelds grootste skeelermarathon weer op het programma. De marathon van Berlijn. Net als de vorige twee jaren (met een 16e en 18e plaats twee mooie klasseringen) sta ik samen met een kleine 10.000 andere skaters aan de start. Voor mij de afsluiter van een prachtig skeelerseizoen waar ik met trots op kan terugkijken. Die terugblik zal ongetwijfeld nog wel volgen in één van de komende blogs. Eerst nog even genieten in Berlijn en daarna de eerste voorbereidingen treffen op komend schaatsseizoen!

Tot snel!

30-08-’18: WERELDRECORDPOGING: Een ode aan MOMPIE!

De Europese Kampioenschappen in Oostende (België) zijn finito. Met mixed feelings kijk ik terug op mijn eerste EK bij de senioren, maar daarover vertel ik jullie graag in mijn volgende blog meer!


Foto: Casper (nummer 39, oranje helm) in actie tijdens de afsluitende marathon op het EK.

De reden dat ik graag later terugblik op mijn eerste Europese Kampioenschap is het feit dat er op vrijdag 31 augustus en zaterdag 1 september iets bijzonders gaat gebeuren. Tijdens de 24KiKa, een skate-evenement waarbij geld opgehaald wordt voor Stichting Kinderen Kankervrij, gaat een wereldrecord verpulverd worden. M’n trouwe sponsor Arjan Mombarg –  beter bekend als ‘Mompie’ – gaat tijdens de 24KiKa in Biddinghuizen het wereldrecord aanvallen en proberen meer dan 611 kilometer te skeeleren binnen 24 uur tijd. SOLO! En dat gaat ‘m lukken, zonder twijfel!

Als 12-jarig blaag kwam ik voor het eerst bij Mompie in schaats-en skeelerwinkel Free-Wheel in Vorden. Volgens mijn toenmalige trainer van de Hessenrijders was ik het niveau van de Scapinoskates ontgroeid en werd het tijd om eens serieuze skeelers aan m’n poten te binden. Na een urenlange pas-sessie op de vrijdagse koopavond verliet ik een dik uur na sluitingstijd samen met vaders de winkel met dé schoenen waarop Mompie die zomer tweede werd op het NK. Natuurlijk was ik apetrots en dankbaar dat ik op die schoenen mocht gaan skeeleren en was Mompie blij dat hij die kloteschoenen en de herinnering aan die nare tweede plaats eindelijk kwijt was! 😉

Nu – 9 jaar en vele paren skeelerschoenen later –  ben ik klimmende en is Mompie zo goed als volledig afgedaald van de topsportladder. Ondanks deze transitie is ie nog altijd op zoek naar sportieve uitdaging. Hij wil zichzelf tot het uiterste blijven drijven. En daarbij geldt: Hoe extremer, hoe beter. Mompie heeft chronisch last van sportextremisme. En dat is niet altijd even handig voor een boer, winkeleigenaar en papa die een 80-urige werkweek als rustig omschrijft. Hoe onrealistisch en onmogelijk sommige uitdagingen vooraf ook lijken – hij slaagt er 11 van de 10 keren in. Een gebroken voet, een schots-en-scheve ruggengraat, twee weken in een Zweedse isoleercel, slechts enkele voorbeelden die hem tot op heden nog niet hebben weten te stoppen. Ook tijdens zijn wereldrecordpoging kan niets hem stoppen, want als de altijd-eigenwijze Mompie een doel in z’n kop heeft, dendert hij door. Altijd!

Mompie. Trouwe sponsor, sportmentor, voorbeeld (hoe het wél en hoe het níét moet), kameraad maar bovenal prachtmens. Bij deze feliciteer ik je alvast voor het behalen van je wereldrecord! Proost!

Check onderstaand filmpje voor alle informatie omtrent de wereldrecordpoging. Steun Mompie en Stichting KiKa door hem ter plekke aan te moedigen en te doneren!

Volgende blog de update over het EK, tot dan!

16-08-’18: volg me op de Europese kampioenschappen!

Deze blog schrijf ik al liggend op mijn hotelbedje in het Belgische Oostende. Samen met de Nederlandse Equipe zitten we hier sinds afgelopen dinsdag en kunnen we – genietend van alle luxe – onze batterijen voor de laatste procentjes opladen alvorens het Europees Kampioenschap aanstaande vrijdag begint!

In bovenstaand pak – mét unieke oranje helm dankzij trouwe sponsor Free-Wheel – ben ik te herkennen op de livestream tijdens het EK! Ga jij ook kijken? Lees deze blog verder voor een link naar de livestream!

Na het WK marathon (Arnhem, afgelopen juli) zal het mijn eerste complete internationale toernooi worden in de seniorencategorie. Als blaag heb ik al vaker verschillende onderdelen op een Europees Kampioenschap mogen rijden, maar zoals gezegd is het voor mij in de ‘echte-mannen-categorie’ een primeur. In tegenstelling tot het WK – waar ik alleen de marathon reed – mag ik nu een compleet toernooi rijden. Dat wil zeggen dat ik startgerechtigd ben op zowel de piste (200-meter baan), de weg (een wegparcours verschillend per titeltoernooi) en de marathon. Op elk onderdeel mogen maximaal 3 Nederlanders starten, met uitzondering van de marathon waar er 8 mogen starten. Ter informatie: Voor de piste-onderdelen hebben we 3 lange-afstandsmannen en zal ik zeker starten. Voor de weg hebben we 4 lange-afstandsmannen voor 3 plekken, de invulling van deze 3 namen zal later worden bepaald. De afsluitende marathon zal ik ook zeker starten.

De laatste dagen gaan snel voorbij en worden gevuld met veel rusten, ontspannen en af-en-toe een goede trainingsprikkel op de skeelerpiste om de beentjes en het koppie op scherp te zetten. Hoe dichterbij het toernooi komt, hoe groter de ‘goesting’ wordt om te koersen (om maar in Vlaamse termen te spreken). Samen met mijn teamgenoten zullen wij er alles aan doen om het Hollandse oranje op het juiste moment voorin de koers te laten zien! Op de website http://www.oostende2018.eu/ kan je alle info terugvinden! Naast informatie over de deelnemers en het programma is er ook een link te vinden naar de livestream waar je de wedstrijden kan volgen!

Hieronder staan de koersen die ik rij (piste en marathon) of zou kunnen rijden (weg) gedurende de komende dagen opgesomd, inclusief (geschatte) starttijden voor de livestream-liefhebbers:

PISTE
– 17 augustus – 10.000m puntenkoers (omstreeks 21:45)
– 18 augustus – 15.000m afvalkoers (omstreeks 20:45)

WEG
– 21 augustus 10.000m puntenkoers (starttijd omstreeks 20:00)
– 22 augustus 20.000m afvalkoers (starttijd omstreeks 17:30)

MARATHON
– 23 augustus – 42.195m marathon (starttijd exact om 16:00)

Tijd om grandioos te genieten en keihard te knallen! D’ran!
Tot de volgende keer!

 

 

 

02-08-’18: Van op de Scapino-skates langs de snackbar naar deelname aan het WK

Stunten door de Keppelse straten
Als pa ’s avonds de hond uitliet, ging ik mee op mijn afgeragde Scapino-skates. Ik sprong stoepjes op en af, slalomde tussen nietsvermoedende fietsers door en deed extra goed m’n best om een rap sprintje te trekken voorlangs de altijd-drukke snackbar aan de Rijksweg in Laag-Keppel. Alle kopjes op het terras draaiden mee in de richting waarin ik sprintte, dat vond ik prachtig!

Een schaatstrainer van de Hessenrijders – ook wonend in Laag-Keppel – sprak mij tijdens zo’n avondje op een dringende toon aan: “Eerst een helm op je kop zetten, anders mag je van mij niet verder!”. Zo gezegd, zo gedaan. Een week later skeelerde ik met de andere Hessenrijders m’n eerste echte trainingsrondjes in de inmiddels platgegooide Markthal in Doetinchem. En dat is hoe op 11-jarige leeftijd mijn sportieve avontuur begon!

Van Laag-Keppel naar Heerenveen
Na een jaartje plezier maken in Keppel maakte ik een zomer later mijn trainingsrondjes op de skeelerbaan van Eibergen. ’s Winters gingen we drie keer per week naar Enschede voor de schaatstrainingen. Inderdaad: ‘we’. Want zonder mijn ouders – die altijd zo gek zijn geweest samen met mij overal naartoe te crossen – was het allemaal niet mogelijk geweest. Tijdens deze jeugdjaren behaalde ik meerdere nationale jeugdtitels bij het skeeleren en werd het op 17-jarige leeftijd serieus. Na het behalen van mijn VWO-diploma verhuisde ik voor zowel het sporten als m’n nieuwe studie (Food Technology in Leeuwarden) naar Heerenveen. Daar kon ik met Jong-Oranje gaan meetrainen.

Eerlijk is eerlijk, wil je wat in de skeeler- en schaatssport, dan móét je naar Heerenveen. Dat was voor mij destijds geen echte keuze. Ofwel stoppen met sporten, ofwel doorgaan en naar Heerenveen toe. Daar zijn alle nationale selecties en goede trainingsgroepen en –faciliteiten gevestigd. Inmiddels woon ik er al bijna vijf jaar, is de studie succesvol afgerond en werk ik om m’n sport te kunnen beoefenen.

Wereldkampioenschap
Het wereldkampioenschap is net achter de rug. Als Gelderlander heb ik in mijn thuisprovincie – in Arnhem – mijn WK-debuut mogen maken op de marathonafstand. Dat was een schitterende beleving wat absoluut naar meer smaakt. Resultaat: 34ste van de 205 deelnemers.  Inmiddels zijn alle pijlen gericht op het Europees Kampioenschap in België, waar ik op verschillende afstanden zal mogen starten van 16 tot en met 23 augustus.

Zwarte Cross Talententuin
Het is inmiddels exact 1 jaar geleden dat ik mijn eerste blog schreef voor de Zwarte Cross Talententuin. Ruim 30 blogs verder ervaar ik dat het gaaf is om mijn sportleven op deze manier met iedereen te kunnen delen. Ik merk op dat ik behoorlijk wat volk uit de omgeving bereik en krijg veel positieve reacties van mensen van wie ik het niet verwacht. Dat is natuurlijk erg leuk en motiverend! Daarnaast is de Talententuin een unieke mogelijkheid om meer bekendheid te krijgen wat (hopelijk) gaat helpen bij het vinden van sponsoren. Helaas is de skeelersport (nog) niet Olympisch en zijn er weinig of geen faciliteiten vanuit de bond. Met een handjevol sponsoren kan ik nu prima mijn sport beoefenen maar als ik in de toekomst wil meestrijden op wereldniveau dan is elk zetje in de rug meer dan welkom!

19-07-’18: Terugblik op het WK Marathon!

Zondag 8 juli. Inmiddels al weer bijna twee weken geleden: Mijn WK-debuut op de marathon in het centrum van Arnhem! Na een korte vakantie (uiteraard mét wielrenfiets…;)) en drie zalige dagen op de Zwarte Cross ben ik inmiddels weer volop in survival-modus gedurende de laatste dagen van een zware trainingsweek. Tijd voor een korte terugblik op het WK!

Foto’s: Een dik half uur na de wedstrijd kwam ik terugrijden langs de finish-straat en stond de harde kern van de fanclub nog braaf op me te wachten. Bedankt familie, vrienden en fans die zijn komen kijken in Arnhem! Super tof! Ik hoop dat jullie er net zo van hebben kunnen genieten als ik dat heb gedaan voor, tijdens en na de marathon!

Het was behoorlijk lastig om me de laatste week voor de marathon rustig te houden. Eigenlijk kan je wat betreft training niet bijzonder veel meer doen. Het is even kort op de skeelers staan om flink gas te geven, of een klein rondje lostrappen op de fiets. Maar echt hard trainen is er niet meer bij, juist de batterij 101% opladen is het doel tijdens zo’n week voor een piekmoment. En zoals aangegeven was dat lastig voor mij. Na de openingsceremonie ging ik nog een aantal dagen als toeschouwer naar het piste- en wegtoernooi. Dan hoor je die razende wieltjes, zie je ’s werelds beste skeeleraars met 60 km/u over de piste vliegen, in het heerlijke zomerzonnetje. En dan moet je je inhouden en vooral niet te veel willen doen… Onmogelijk!

Achteraf is dat me wel goed gelukt en stond ik zondag 8 juli om 12:00u fit aan de start van de marathon. Mijn rol: knechten voor de kopmannen. Aan het begin van de koers stoempte ik een gat dicht naar een kopgroep zonder Nederlandse vertegenwoordiging. Daarna moest ik logischerwijs even herstellen. Op dat moment ontstond er een kopgroep met namens ons Ingmar Berga daarbij, terwijl ik nog herstellende was van mijn eerdere inspanning. Dit bleek dé kopgroep te zijn. Ze bleven uiteindelijk weg. Toen ik weer hersteld was, was het taak om niemand meer weg te laten rijden. De kopgroep moest wegblijven. Zo nu en dan wat versnellen voorin het peloton om aanvalspogingen te neutraliseren en voor de rest controleren. Ik finishte mijn eerste WK marathon op plek 34 van de 205 deelnemers. Sportief gezien ben ik niet tevreden, geen Nederlandse wereldkampioen en zelf ook geen bijzondere uitslag. Maar ik heb mijn taak uitgevoerd en gezien het koersverloop kon ik weinig anders ondernemen. Wel heb ik er een enorme dosis motivatie aan over gehouden om vaker op het wereldtoneel te strijden en zelf mooie uitslagen te rijden!

Check hieronder een korte sfeerimpressie van Omroep Gelderland vlak na de wedstrijd:

Voor het volledige interview (2:46), zie onderstaande video:

Back to business, opladen en bijtanken voor de laatste zware trainingen van deze week!

Tot de volgende keer!

05-07-’18: HET IS BIJNA ZO VER: HÉT WK MARATHON!

ZONDAG 8 JULI om 12:00u.
START WERELDKAMPIOENSCHAP MARATHON!
Kom allemaal naar ARNHEM CENTRUM om mij en TeamNL aan te moedigen!

HEY, HO! LET’S GO! Zondag 8 juli gaat ’t gebeuren! De mondiale skeelertop gaat strijden om de felbegeerde wereldtitel op de officiële marathonafstand: 42 kilometer en 195 meter! Naar verwachting zullen er dik 150 man aan de start staan die 7 grote rondes van 6 kilometer gaan rijden (check plattegrond hieronder). Voor het eerst wordt het WERELDKAMPIOENSCHAP georganiseerd in ons mooie Nederland. Mis deze unieke kans niet en kom aanstaande zondag genieten van de prachtige skeelersport in het centrum van de Europese Sportstad van 2018: Arnhem!

Zie hier de plattegrond van het parcours. Start/finish vlakbij station Arnhem Centraal!

We rossen de marathon in een uurtje tijd af (gemiddelde snelheid dik boven de 40 km/u) en zullen topsnelheden bereiken dik boven de 60 km/u! Check ’t programma:
* Om 10u30 starten de vrouwen;
* Om 12u00 start ik samen met de Nederlandse mannen met één doel: de wereldtitel veroveren!

Omroep GLD en Regio8 maakten afgelopen week twee toffe nieuwsitems tijdens mijn laatste voorbereidingen richting mijn WK-debuut in mijn thuisprovincie! Check beide video’s hieronder:

Dus, nog één keer: aanstaande zondag om 12:00 in het centrum van Arnhem! Zie je daar!

21-06-’18: De puntjes op de ‘I’ zetten!

Het WK marathon in hartje Arnhem komt steeds dichterbij. De dag waar het voor mij de hele zomer om te doen is: zondag 8 juli. Dan scheur ik samen met de nationale equipe over het 6 kilometer-lange parcours met één doel: de wereldtitel veroveren! In eigen land welteverstaan!

In voorgaande blogs heb ik al wel eens beschreven hoe je er als topsporter alles aan doet om op een gewenst moment in topvorm te zijn. Ter opfrissing, de Jip-en-Janneke uitleg:
1. Casper – versie 3.1 – gaat een precies uitgekiemde periode donders hard trainen.
2. Vervolgens móét Casper zichzelf de tijd geven volledig (lees: íéts meer dan volledig) te herstellen van de zware trainingsperiode.
3. Na de herstelperiode is Casper in staat de zwaar gedane arbeid een volgende keer íéts makkelijker te verteren en kan hij zichzelf meer trainingsarbeid permitteren. Casper – inmiddels versie 3.2 – is beter geworden!
4. Repeat.

Zo’n cyclus klinkt heel simpel, en vaak moet je het ook niet te moeilijk maken, maar er zijn ontiegelijk veel randvoorwaarden en externe factoren die invloed hebben op dit hele proces. Het blijft een bijzonder interessant spelletje voor elke trainer en sporter om zo veel mogelijk factoren onder controle te houden. Elke (eigenwijze) trainer denk hét programma te hebben om zijn of haar sporter in topconditie aan de start te laten verschijnen op een zogenoemd piekmoment. Maar op wetenschappelijk gebied zijn er nog ontzettend veel vraagtekens over inspanningsfysiologie, hetgeen waar het trainen en beter worden allemaal om gaat. Die onduidelijkheid en onwetendheid is lastig, maar tegelijkertijd bijzonder fascinerend!

Soms stel ik me het volgende wel eens voor:
In de toekomst loopt een topsporter na het ontwaken dagelijks door een soort lichaamsscan, of heeft de sporter een inwendige ‘chip’ die hij/zij laat scannen. De scan geeft alle informatie door aan een computer die tot in detail aangeeft wat je moet doen om op een gewenste dag of periode in topvorm te zijn: de tot-op-de-gram-nauwkeurige samenstelling van je ontbijt, het aantal uren, minuten en seconden dat je in specifieke ‘zones’ moet trainen, welke supplementen je moet innemen, etcetera…

Voor veel sporters zou dit een droomscenario zijn. Scannen, lezen en uitvoeren. Lekker makkelijk toch? Geen twijfels of dilemma’s, maar non-stop op je trainingscomputer kijken en als een robot je programma uitvoeren. Als het ooit zo ver gaat komen, dan zou ik per direct stoppen. Zonder twijfel.

Je zou dan geen trainer meer nodig hebben. De computer is je trainer en trainingsmakker in-één. Dan zou het allerbelangrijkste onderdeel van de sport – plezier maken (!) – toch finaal verdwijnen? Want hoe cool is het om jezelf steeds maar weer in onbekende gebieden te begeven? Jezelf beter, sterker en fitter maken. Nieuwe versies van jezelf creëren. Hoe zorg je er vervolgens voor dat je dat kan blijven herhalen? Dat je jezelf steeds maar weer met minuscule procentjes blijft upgraden? Dan moet je vernieuwen in wat je doet, je lichaam en geest blijven prikkelen. Jezelf blijven motiveren en vooral plezier blijven maken. Juist dat onbekende en onwetende gedeelte wat het trainen en periodiseren zo lastig maakt, vind ik bijzonder fascinerend!

De laatste twee weken van het laatste trainingsblok richting het WK marathon zijn ingegaan. De écht zware arbeid zit erop, kwantiteit is ingeruild voor kwaliteit. Het is geen kwestie meer van onnozel uren maken. Nee, de puntjes moeten op de i worden gezet door middel van korte, kwalitatieve trainingsprikkels. Voelen dat je elke training steeds beter, sterker en fitter wordt. Dat je steeds dichter in de buurt komt van topvorm. Dichter in de buurt van ‘je volgende versie’.

Of ik over ruim twee weken in topvorm aan de start zal staan op het WK? Dat kan ik nu nog niet zeggen. Ik weet wel dat ik er alles aan heb gedaan – en er nog steeds alles aan doe – om op zondag 8 juli zo goed, sterk en fit mogelijk aan het WK marathon te beginnen. Ook weet ik, dat als ik zondag 8 juli 2018 in topvorm aan de start sta, het bij lange na niet vergelijkbaar is met de topvorm die Casper versie 6.4 op maandag 8 juli 2019 kan bereiken! 😉

Nu jullie toch aan het lezen zijn, Schaatsen.nl heeft mij geïnterviewd en deze tekst is vandaag online gekomen. Ze hebben me voor hete vuren gezet met diverse dilemma’s. Klik ff hier!

Tot de volgende keer!

07-06-’18: Een Quickie!

Hèhè! Na het eindeloos lange geschrijf over mijn NK-prestaties, de kwalificatie voor het WERELDKAMPIOENSCHAP in eigen land (!) en de maandenlange (beter gezegd: jarenlange) opbouw om dit te kunnen bereiken, zal ik deze keer het scroll-wieltje van jullie computermuis veel gemartel en slijtage besparen! In deze blog: een hele zalige aftermovie over mijn 2-maanden-durende trainingskamp in Colombia en Mexico en een korte, sportieve update omtrent de laatste 2 weken!

Na een aantal dagen in spanning afgewacht te hebben kwam een kleine twee weken geleden het officiële WK-persbericht van de KNSB. Zoals in de vorige blog al aangegeven, mag ik de Nederlandse driekleur representeren op zowel het wereld- als het Europees kampioenschap! Loon na hard werken, machtig mooi!

Foto: TIMS imaging

Met een trots en waanzinnig gemotiveerd gevoel zijn we inmiddels twee weken en alweer twee nationale wedstrijden verder. Ondanks dat het vormpijl na de belangrijke toernooien en NK’s al weer wat afzwakte, perste ik nog een degelijke 6e plaats uit de beentjes tijdens de marathoncup in Achterveld en was de bovenste podiumtree voor mij gereserveerd na de puntenkoers van de nationale competitiewedstrijd op een prachtig mooi wegparcours in Medemblik!

Voor nu: genoeg geluld en genoeg gescrolld! Met minder dan één-tiende van de woorden gebruikt in de vorige blog laat ik jullie – ondanks dat het alweer een hele tijd geleden is – met bijzonder veel plezier meegenieten van de Colombia-Mexico aftermovie:

Adiós!

24-05-’18: OP NAAR HET WERELDKAMPIOENSCHAP IN MIJN THUISPROVINCIE!!!

Het was gevoelsmatig lang wachten… Na afgelopen maandag had de selectiecommissie van de KNSB ruim drie dagen de tijd om de selectie voor het WK en EK bekend te maken. Met twee maal een zilveren plak in de puntenkoers op de weg en op de marathon en een verdienstelijke vierde plek op de punten/afvalkoers op de piste, heb ik tijdens de Nationale Kampioenschappen laten zien dat ik een flinke stap heb gemaakt en daarmee mijn plekje in de nationale equipe terecht heb veroverd! Ik mag zowel naar het WK als het EK!


Foto: Focusbyhanneke

Op het WK mag ik, ondanks mijn goede prestatie op de marathon én de weg, alleen starten op de marathon. Deze marathon zal 8 juli zijn in het centrum van Arnhem! In mijn thuisprovincie en trainingsgebied! Machtig mooi toch?!? Daarnaast ben ik geselecteerd voor het EK dat van 17 t/m 23 augustus wordt gehouden in Oostende, België. Te zijner tijd wordt nog bepaald wie welke afstanden gaat rijden op de piste, de weg en de marathon. Daarover later meer, nu eerst de focus op het WK!

Alle voorgaande jaren kwam ik niet in de buurt van de EK- of WK-selectie. Dit jaar besloot ik het volledig anders te doen en de touwtjes zelf in handen te nemen! En het resultaat is daar. Als je tijd hebt, lees dan hieronder hoe mijn afgelopen halve jaar eruit zag! En heb je geen tijd? Lees het dan ook!

HET PLAN: TERUG NAAR SEPTEMBER 2017
In september 2017 begon het plan te borrelen: ik wil naar Colombia om mij voor te bereiden op de skeelerzomer van 2018 en te kunnen trainen met de aldaar aanwezige wereldtop. Wil ik wat, dan móét ik daar naartoe. Dat was destijds mijn overtuiging, en dat bleek een juiste te zijn!

Colombia is dé grootmacht in het skeeleren, de sport is daar enorm populair en groots. In Nederland hebben we twee internationaal goedgekeurde, speciaal gecoate skeelerpistes: Één in Heerenveen en één in Heerde. In Colombia hebben ze er ontelbaar veel, in elke grote stad liggen meerdere skeelerpistes en zelfs in kleine plattelandsdorpjes kan je verrast worden door de aanwezigheid van een zeer puike skeeleraccommodatie. Daarbij komt: Colombia ligt op de evenaar. Het is daar altijd zomer! De perfecte vereisten om van januari tot en met maart keihard te trainen! Maar om in Colombia te komen, heb je de financiële middelen nodig om daar te geraken, en dat is voor ons als niet-olympische sporters behoorlijk lastig…

HOE KRIJG IK ’T VOOR ELKAAR?
Het idee was daar, de financiële middelen niet. Tijd voor actie! Het sponsorgeld wat ik momenteel binnenhaal is niet genoeg om mijn skeeler- en schaatsmateriaal te kunnen betalen, laat staan om een trainingskamp naar Colombia te kunnen financieren. Ik was en ben genoodzaakt om naast mijn trainingen parttime te werken. Geen enkel probleem hoor! Dat vind ik zelfs fijn. Na het afronden van mijn studie wilde ik gelijk door, afleiding naast de sport en altijd bewust bezig zijn met de toekomst geven mij mentale rust. Maar alle centjes die ik momenteel verdien, gaan rechtstreeks naar de sport toe. Een uurtje training op het sub-topsport uur in Thialf? 25 euro! Een setje skeelerwielen die in twee wedstrijden op is (we hebben er zo’n 10 tot 15 per seizoen nodig)? 200 euro. Een paar custom schaats- of skeelerschoenen? 800 euro. En zo zijn er nog veel meer onkosten en randzaken die erbij komen kijken.

Nou goed, het actieplan: tijdens de winter geen sportieve topdoelen en extra uren werken, geld opsparen voor mijn trainingskamp in Latijns-Amerika! Drie of vier dagen per week om half 6 uit bed, ontbijten en lunch maken. Vanuit Heerenveen met een oud krakkemikkig Berlingo’tje van de baas naar Thialf om in de krachthal eerst een goed uur af te zien op de spinningfiets of om met gewichten te smijten, snel douchen en in 35 minuutjes doorgassen naar Diever om daar van 8 tot 5 te werken in de schaatsfabriek. Met 100 km/u vol gas over de snelweg terug naar Heerenveen om in mijn appartementje snel een bord avondeten te eten (de voorgaande dag of ochtend al voorbereid) en weer door naar een andere training. Als het haalbaar was de schaatstraining, anders een andere vergelijkbare trainingsvorm. Rond een uurtje of 8 weer thuis, weer een kleine maaltijd, douchen, wat randzaken regelen en snel op bed. Volgende dag: repeat.

KORT ‘OVERWINTEREN’. Z.S.M. NAAR LATIJNS-AMERIKA!
Ik moest maar accepteren dat ik niet meer dan 20 uur per week kón trainen en niet veel op het ijs kon staan. Als je hard en veel traint, moet je ook meer rusten. Die tijd had ik niet, tijdens mijn potentiële rustmomenten moest ik werken. Dus de trainingen die ik deed waren kort maar effectief. Ik was lid van de nationale skeelerselectie, maar het volgen van het schema was met mijn toekomstdoel niet meer haalbaar. Ik moest een stapje terug doen om vervolgens twee stappen vooruit te kunnen zetten. Dat was in het begin moeilijk te accepteren, maar met een doel voor ogen, veel discipline en de steun van een aantal goede sportkameraden was het uiteindelijk prima vol te houden!

Ook het sportieve succes bleef niet uit, ik reed een aantal goede schaatsmarathons en pikte zelfs mijn eerste overwinning in het B-peloton mee tijdens de tweede cupwedstrijd in Leeuwarden! Behoorlijk onverwachts na heel weinig schaatstrainingsuren, maar dat gaf mij aan dat ik in m’n koppie alles op een rijtje had. Ik had een plan, accepteerde de consequenties en ging er vol voor. Dat zorgde voor rust in de kop, waardoor ik alsnog goed presteerde! Een zalig gevoel en een bevestiging dat ik goede keuzes had gemaakt en zo door moest gaan.

Als een machine werkte ik mij een weg door mijn strak geplande train-werk-train ritme. Het beviel prima. Tijd dus om contact op te nemen met een aantal vage skeelerkameraden uit Latijns-Amerika. Op 20 oktober had ik voor het eerst contact met een skeelerkameraad uit Mexico: Mike Paez, Pan-Amerikaans kampioen en medaillewinnaar op de wereldkampioenschappen. Een echte skeelercrack! Hij wilde mij heel graag helpen en voor ik het wist had ik op 16 januari mijn tickets geboekt om een dikke week daarna – op 25 januari – het vliegtuig in te stappen voor drie weken Colombia, gevolgd door 7 weken Mexico. Zoals jullie in mijn blogs hebben kunnen lezen, heb ik daar een schitterende tijd gehad en heb ik daar donders hard kunnen en moeten trainen. 25 tot 32 uur per week afzien op de skeelers, op de fiets, in de krachthal of op de hardloopschoenen. Maar elk uur, elke minuut en elke seconde was het dubbel en dwars waard! Dat kan ik achteraf wel zeggen!

TERUG IN NEDERLAND: WAT NU?
Bij terugkomst in Nederland, eind maart, kwam ik na een kleine week uitrusten weer terug in mijn appartement in Heerenveen. Alle kleding, sportspullen, souvenirs en andere rotzooi weer de gebruikelijke plek gegeven en toen, ja? Wat zou mijn plan worden van eind maart tot en met begin mei? Begin mei stond rood omcirkeld in de sportagenda: het NK baan/weg in Heerde en het NK marathon in Waarland, beiden selectiemomenten voor het WK dat 1 tot en met 8 juli zal plaatsvinden in Heerde en Arnhem, en dus in mijn thuisprovincie Gelderland!

Tijdens mijn trainingsstage in Latijns-Amerika trainde ik op schema’s van Pedro, de vader van Mike en de hoofdcoach aldaar. Ik voelde me erg fit en erg sterk, dus concludeerde ik dat die schema’s mij prima pasten. Nu was ik echter weer terug in Nederland. Ik had nog precies genoeg spaarcentjes om tot en met het NK een goede maand als ‘prof’ door te kunnen leven en het ritme van heel veel trainingsuren maken en heel veel rusten door te zetten. Maar wat ging ik precies doen? Ik had geen groep meer, ik was immers niet meer in Colombia of Mexico en aan het begin van de winter had ik het besluit genomen om uit de nationale skeelertrainingsgroep te stappen en alles op alles te zetten in het kader van de trainingsstage in Latijns-Amerika. Destijds had ik geen rekening gehouden met de 40 dagen die tussen mijn terugkomst in Nederland zouden zitten, tot en met beide NK’s.

Na de opgedane trainingservaring was ik ervan overtuigd dat ik een sterk trainingsplan kon maken voor de periode tot en met beide NK’s. Ik was mijn eigen trainer. Dat was best raar, maar gaf tegelijkertijd veel vrijheid en overtuiging dat ik echt álles kon ‘customizen’ voor mezelf. Een perfecte voorbereiding waarbij ik geen rekening hoefde te houden met anderen. Via alle technische snufjes die we momenteel hebben, waren de mogelijkheden daar om zo nu en dan te sparren met Mike en Pedro of ik bepaalde trainingen toch maar niet effen anders zou moeten invullen, maar over het algemeen zaten we wel op één lijn.

Tijdens deze periode was het niet altijd even leuk om alleen te trainen, vooral omdat ik nog zoveel uren in de week wilde maken. Maar ik had dik twee maanden een bepaalde opbouw gevolgd en ging die niet pardoes weggooien door klakkeloos van het ene schema door te gaan in het andere. Ik had weer een plan en hield daaraan vast. Ook dit besluit gaf mij weer vertrouwen en energie om mijn trainingsplan tot de NK’s gedisciplineerd af te werken. Ik wist zeker dat ik de progressie-lijn door kon zetten en nóg sterker en nóg fitter kon worden om Casper 2.0 aan iedereen te showen tijdens de Nationale Kampioenschappen!

NATIONALE KAMPIOENSCHAPPEN BAAN & WEG, HEERDE
De dagen waar ik al vanaf september 2017 mee bezig was, waren aangebroken: 10, 11 en 12 mei. Voor velen een lang, relaxed Hemelvaartsweekend. Voor mij en de rest van skeelerend Nederland een verre van relaxed weekend. De Nederlandse Kampioenschappen op de piste en weg in Heerde. Tevens dus selectiemoment voor het Wereldkampioenschap in eigen land! Waar een aantal toppers voorgaande jaren verstek lieten gaan, waren ze nu allemaal aanwezig. Het zou een hels toernooi worden van hoog niveau.

Op donderdag 10 mei begon het toernooi met de 15km afvalkoers op de piste. Een hectische bedoeling. Zoals de naam al doet vermoeden, valt óm de ronde een rijder af tot er slechts 5 man overblijft. Het tempo ligt niet bijzonder hoog, het is belangrijk energie te sparen voor de finale. Je moet alleen zorgen dat je niet aan de achterzijde van het peloton belandt, en dat levert veel hectiek op en acties op die op ’t randje zijn. Zo moest ik op een zeer discutabele manier als 11e man de koers verlaten. Ik werd op het rechte stuk voor de finishlijn vol aan mijn heup gegrepen en naar achter getrokken. Helaas werd dit niet opgemerkt door de jury – of werd er gewoon niks mee gedaan – en moest ik inderdaad de koers verlaten. Man, man, man…

Foto: Jannes Wolff

Goed, wat gebeurd is, is gebeurd. Uiteraard baalde ik er enorm van en liet ik dat ook wel even blijken. Maar veranderen kon ik het niet meer. Kop d’r op en op naar de volgende kansen. Ik hield er maar aan vast dat ik relatief ‘fris’ uit de koers werd ‘getrokken’, wat me vertrouwen gaf dat ik wel fit en sterk moest zijn. En dat bleek één dag later, op vrijdag, op de 10km punten/afvalkoers. Een tricky combinatie. De éne ronde worden er punten verdeeld – 2 punten voor de nummer 1 op de finishlijn, en 1 punt voor de nummer 2 op de finishlijn – waar er een ronde later iemand moet afvallen. Dit maal bleven er geen 5 man over in de finale, maar 10 man. Als je aan het begin als een waus punten bij elkaar sprokkelt en vervolgens finaal moet lossen ben je dus alles kwijt. Slim koersen dus!

In het begin van de koers pakte ik 3 punten, waarna ik weer kon herstellen in het peloton, en met een sterke aanval in de finale het gat dichtreed naar de twee koplopers en er vol overheen knalde. Uiteindelijk kwam ik uit op 9 punten, wat slechts 2 punten te kort was voor een tweede of derde plek (beide 11 punten). Crispijn Ariëns – wereldkampioen op de skeelers en winnaar van de Alternatieve Elfstedentocht op de schaatsen – liet er geen twijfel over bestaan dat hij de beste was met 21 punten. Een redelijke race die resulteerde in een zure 4e plek. Ik kreeg de bevestiging: ik was sterk en wist dat er meer in zat!


Foto: Wim van Hof

Op de afsluitende zaterdag verplaatste het strijdtoneel zich van de 200-meter-lange piste naar het omliggende wegparcours van 395 meter. Een puntenkoers van 10 kilometer. Elke ronde punten. Ik voelde me sterk en durfde te gokken, spaarde al mijn energie op voor één sterke ataque. Met 6 ronden te gaan VOL GAS! Ik kaapte veel punten weg en op het einde kon alleen de uiteindelijke winnaar, Bart Hoolwerf, het laatste punt voor mijn neus wegkapen. Een tweede plaats! Mijn eerste senioren-NK medaille in een deelnemersveld waar alle toppers aanwezig zijn. Bij het zien van mijn trotse ouders was ik na de koers zelf enorm dankbaar en enorm trots dat ik dit in voor elkaar heb weten te boksen. Uiteraard dankzij de altijd-aanwezige steun en support van pa en ma! Een bijzonder moment!

*Let op: tekst gaat door onder foto’s

Foto’s: 1) Berlinda Kers, 2) Jannes Wolff

Na een bitter begin een prima afsluiter van het NK baan- en wegtoernooi in Heerde! Ten opzichte van vorig jaar – waar ik in een nadrukkelijk minder deelnemersveld 4e, 6e en 7e werd op dezelfde afstanden – een hele flinke sprong voorwaarts! Maar er stond nog één onderdeel op het programma. Nog één kans om te strijden voor de nationale titel: 8 dagen later, op de tweede pinskterdagmaandag van 21 mei, werd het NK Marathon verreden in het Noord-Hollandse Waarland. Geen tijd om te ontspannen en de touwtjes te laten vieren, maar gelijk de focus d’r weer op!

HÉT NK MARATHON, WAARLAND
De 42195-meter-lange marathon is een schitterend en eerlijk onderdeel. De beuk erin en vaak wint de sterkste. Het parcours in Waarland was een kleine 2-kilometer lang met aan één zijde een lang recht stuk waar de wind van de zijkant kwam. Alle ingrediënten voor een beuk-koers dus. In de beginfase was ik zelf actief. Twee maal probeerde ik met een aanval een kopgroep te creëren, maar er werd nog niet of lafjes overgenomen. Iedereen was voorzichtig, het was immers een NK en niet zomaar een landelijke wedstrijd. Er stond veel op het spel. Mede hierdoor, en gezien het een selectiemoment was voor het WK in eigen land, stonden weer alle toppers aan de start, inclusief een aantal olympische profschaatsers als Koen Verweij en Bob de Vries en een goed pak aan sterke marathonschaatsers. Na mijn aanvallen was ik vervolgens aanwezig in alle potentieel gevaarlijke kopgroepen. Ik zat er steeds makkelijk bij en koerste attent, voelde me goed. Uiteindelijk sprong uit een kopgroep van 6, waar ik ook deel van uitmaakte, Crispijn Ariëns weg. Dezelfde man die domineerde op de puntenkoers op de piste een week eerder en de vooraf getipte favoriet. Ik wist dat ik op hem moest letten en zat vaak in zijn wiel bij zijn voorgaande aanvallen. Deze keer zat ik er een plek of 4 achter en kon ik niet direct reageren. Crispijn reed vooruit en bouwde elke ronde zijn voorsprong uit met een aantal seconden. Hij had de brommer aangezet…

Achter in het peloton reed Gary Hekman veel op kop om het gat te dichten met Crispijn. Samen met twee of drie anderen reed ik ook mijn kopbeurten, maar er kwam geen goed georganiseerde achtervolging op gang, mede doordat ploeggenoten van Crispijn de achtervolging dwarsboomden en het een zware koers was met de harde wind. Iets na halverwege koers was het mij wel duidelijk dat we zouden strijden om plek twee. Als peloton kregen we de bel voor de laatste ronde, nog een kleine twee kilometer te gaan. Ik twijfelde geen moment en gaf VOL GAS! Het laatste 1500-meter-lange rondje steeg mijn hartslag naar 204 maar bleef ik tot aan de streep hele fikse klappen maken!


Foto: Hidde Muije, instaschaats

De Gier was gevlogen! Niemand kwam er meer bij en ik finishte vóór het afsprintende peloton. Na de tweede plaats op de puntenkoers, acht dagen daarvoor, dus weer een zeer mooie tweede plaats op het NK marathon! Wederom een bevestiging dat ik enorm sterk ben en zelfs de grote mannen nu rekening met mij moeten houden!


Foto: Hidde Muije, instaschaats

Voor plaatsing op het WK is de nummer 1 uit het gecombineerde klassement van de puntenkoers op de weg en de marathon 100% zeker geplaatst. Ik heb twee maal een 2e plaats. Een totaal van 4 punten dus. Crispijn Ariëns was 3e op de puntenkoers en 1e op de marathon. In totaal ook 4 punten, een gedeelde eerste plaats dus. Maar Crispijn heeft één 1e plaats. Die is doorslaggevend. Dus voor mij op een haar na geen directe plaatsing voor het WK. De overige plekken worden door de selectiecommissie ingevuld, een soort jury die alle prestaties beoordeelt en de overige plekken invult. Deze jury heeft besloten dat ik ondanks mijn prestatie op de weg, alleen op de marathon mag starten. Ik ben geen onderdeel van de wegselectie en heb geen kans mij in de trainingen te bewijzen of daarin de mannen te helpen met hun voorbereiding. Mixed feelings voor nu, maar bovenal heel trots en vooral dankbaar naar iedereen die mij hierbij heeft geholpen dat ik mijn WK-debuut mag maken in mijn thuisprovincie en trainingsgebied! Vol zelfvertrouwen en donders veel goesting een mooi trainingsplan schrijven voor de rest van de zomer en DEURDONDEREN!

10-05-’18: Het moment is daar: de NK’s beginnen!

Het lange hemelvaartsweekend staat voor skeelerend Nederland in het teken van de Nationale Kampioenschappen die worden verreden op de piste en het omliggende wegparcours van skeelerclub SKOV in Heerde. 10, 11 en 12 mei worden de Nationale Titels op de piste en op de weg verdeeld – zoals gezegd in Heerde – waarna we de 4-wiels frames weer inruilen voor de 3-wiels marathonframes en op maandag 21 mei de exacte marathonafstand van 42,195 kilometer betwisten in de straten van het Noord-Hollandse Waarland!

Voor mij dus twee zeer drukke weken op het programma, een korte blog-update dus! Elk kilocalorietje aan energie moet opgespaard worden in de benen. En die benen mogen vanavond laten zien wat ze waard zijn! Donderdagavond 10 mei rond een uur of 6 a 7 staat de 15km afvalkoers voorgeschoteld, vrijdagmiddag rond 5 a 6 uur strijden we op de 10 kilometer puntenkoers op de piste en we sluiten het weekend zaterdagmiddag af op het wegparcours met wederom een 10 kilometer puntenkoers. Dit weekend focus ik me zoals het gehele seizoen wederom op de lange afstanden!

! GOED NIEUWS ! Voor iedereen die het wil volgen, de toegang is het hele weekend gratis! Kom allemaal naar de skeelerpiste te vinden op de Kommerseweg 2a in Heerde. En kan je er niet bij zijn? No problemo! Dit jaar hebben we de luxe van een livestream, deze is te vinden op: http://live.speedskate.tv/

Spandoeken worden gewaardeerd en beloond! Tot de volgende keer! 😉

26-04-’18: Hemels vertoeven op ’s werelds snelste skeelerpiste!

Na mijn twee-maanden-lange skeeleravontuur in Latijns-Amerika had ik krap aan twee weekjes de tijd om alle spullen en kleding weer te organiseren in het appartementje in Heerenveen en m’n familie in het Achterhoekse Laag-Keppel weer bij te praten van alles wat ik aldaar heb meegemaakt. En nog steeds ben ik er niet over uitgepraat… Slechts twee weekjes, want er stond direct weer een nieuw trainingskamp op de planning! Ditmaal niet in het zonnige Zuid-Amerika, maar in het wunderschöne Deutschland. In het kleine bergdorpje Geisingen om precies te zijn.

Geisingen is een klein plaatsje in Zuid-Duitsland, gelegen ten oosten van het Zwarte Woud en dichtbij de Zwitserse grens. Een prachtig plekje om in de frisse berglucht de zen-modus aan te zetten en te genieten van de rust en de eenvoudig schone natuur. Maar dat is absoluut niet de reden waarom ik hier zit (al is het wel een hele fijne ‘bonus’ natuurlijk!). Dé reden waarom ik hier gedurende twee weken verblijf met een aantal skeelervrienden is de volgende: In Geisingen ligt de mooiste, snelste, maar bovenal meest hemelse skeelerpiste van de hele wereld!

Als een van de weinige of misschien wel de enige skeelerpiste op onze gehele aardbol – kan me er zo geen tweede bedenken – is de piste volledig overdekt en afgesloten met zijwanden. Als de hemelsluizen open worden gezet en het als een malle regent, onweert, hagelt of wat dan ook, dan luidt het: “kein problem!” en kunnen we gewoon onze training afwerken! Zalig toch?

Deze onbezorgde trainingsgarantie, gecombineerd met de kwaliteit van de piste en een wedstrijd van heel hoog niveau, stimuleert jaarlijks weer duizenden skeeleraars om naar Geisingen en omgeving af te reizen gedurende een van de laatste weekenden van april. Ze komen werkelijk waar overal vandaag. Ter illustratie een kleine opsomming van een aantal deelnemende niet-Europese landen: Guatemala, Colombia, Venezuela, Ecuador, Amerika, Nieuw-Zeeland, Australië, China, Korea, Indonesië en zelfs landen als Kameroen en Kenya waren present! Indrukwekkend en inspirerend hoe een relatief onbekende sport mensen van over de hele wereld met elkaar in contact kan brengen in een klein Duits bergdorpje…

De resultaten van het wedstrijdweekend vielen me ook niet tegen! In een veld met om-en-nabij de 100 senioren heb ik een top-20 plek uit de benen geperst op de puntenkoers, waar ik me tijdens voorgaande edities van deze wedstrijd niet eens wist te plaatsen voor de A-finale (beste 38 rijders). Nog genoeg punten voor verbetering, maar voor nu progressie waar ik zeker verder mee kan!

En waar ik nu mee verder ga? Eat, sleep, train, repeat! Beetje cliché misschien, maar dat is wel een hele accurate beschrijving van mijn huidige dagbesteding. Hard trainen kan niet zonder goed eten en veel rusten. Voor en na de trainingen verorberen wij ons zelf-geprepareerde en uitgebalanceerde herstelvoer en tussen de middag slapen we nog een uurtje (of twee) extra. Zodoende zijn we in staat om deze week HE-LE-MAAL WAUS te gaan tijdens elke training om het lichaam nog een aantal fikse opdonders te geven. Nu kan én moet dat nog, om over precies twee weken topfit aan de start te verschijnen van een van de belangrijkste wedstrijden van dit skeelerseizoen: het Nationaal Kampioenschap skeeleren in Heerde. En dat is zeker de moeite waard om te komen bekijken! De data 10/11/12 mei staan vetgedrukt in de agenda van alle Nederlandse skeeleraars geprent. En ook in die van mij! Back to work!

12-04-’18: Back in town! Terug in Holanda!

Vrijdagochtend 30 maart, zo rond een uurtje of half 9, zette de piloot van de nog altijd even indrukwekkende grote stalen transportvogel een mix van nationaliteiten veilig en wel op Nederlandse bodem. Een lange maar voorspoedige reis – zonder vertragingen – en een fijn ontvangstcomité bestaande uit m’n twee trouwste fans en sponsoren: m’n lieve ouders! Na een aantal daagjes acclimatiseren is het ‘normale’ Nederlandse leven weer begonnen… Maar dan wel met een flinke scheut van de zorgeloze en relaxte Latijns-Amerikaanse vibe die in de koffer is meegesmokkeld!

Zonder enige twijfel had ik nog wel een aantal maanden kunnen vertoeven in zowel Colombia als Mexico. Zomerse temperaturen, zeer vriendelijk en gastvrij volk en een ultiem relaxte atmosfeer. Maar de wedstrijdjes hier in Europa beginnen langzaam aan weer en er komt een moment dat je weer een keertje terug moet. Van die Europese wedstrijdjes die langzaam aan weer gaan beginnen zijn er een aantal donders belangrijk. Het meest belangrijke ‘wedstrijdje’ is op 10, 11 en 12 mei. Dan worden er gedurende drie dagen op zowel de piste als de weg nationale skeelertitels verdeeld. Niet onbelangrijk, al helemaal niet gezien deze data ook gelden als belangrijk selectiemoment voor het WK skeeleren, wat 1 t/m 8 juli plaatsvindt in Heerde en Arnhem. De pijlen zijn dus al een tijdje op de roos gericht specifiek voor deze drie dagen!

Om zo veel mogelijk pijlen in die holster te krijgen heb ik de afgelopen maanden hard getraind in Colombia en Mexico. Dat hebben jullie in voorgaande blogs uitgebreid kunnen lezen en zien. Spreekwoordelijk uitgedrukt heb ik dus meer pijlen als ooit te voren om op die roos te mikken en af te vuren. Nu – gedurende de laatste 4 weken – is het zaak om al deze pijlen te voorzien van vlijm-, vlijm- en vlijmscherpe pijlpunten!



Foto: Terug op het Nederlandse asfalt

De puntjes zullen dus op de i gezet worden de komende 4 weken: de benen worden scherper en scherper en het koppie wordt meer en meer gefocust en alert. Maar tegelijkertijd niet té gefocust en té alert. En juist daarvoor heb ik die flinke scheut van de zorgeloze en relaxte Latijns-Amerikaanse vibe meegesmokkeld in de koffer. Of eigenlijk meegesmokkeld in het koppie. Een mindset die mij bewust doet blijven om niet te vergeten te genieten van elke training en elk momentje dat ik weer lekker zorgeloos met een noodvaart door een bocht scheur met m’n trainingsmakkers. Want uiteindelijk is het het plezier en de liefde en passie voor de sport waar alle dromen en doelen uit voortkomen. En dat is precies de manier hoe de Latijns-Amerikaanse skeelerwereld mij heeft geïnspireerd de sport en het leven te benaderen. De zorgeloze en relaxte manier hoe iedereen daar met elkaar en met alle situaties omgaat. De manier waarop iedereen elkaar stimuleert alles te geven in elke milliseconde van de training. Zodanig dat je het laatste beetje lactaat zelfs tot in je kleine teen weet te persen tijdens een hele fikse intervalsessie. Dat je met elkaar – ondanks dat je die loeizware trainingen eigenlijk helemaal niet leuk vindt – alsnóg schik maakt. En dat je elkaar na die loeizware trainingen – ongeacht elkanders niveau – een oprechte schouderklop geeft na het harde werk: “Buen trabajo, amigo!” luidt het dan. Eigenlijk de Spaanse versie van: “Lekker gewerkt, pik!”.

Dat zijn slechts een paar simpele voorbeeldjes van die positieve en zorgeloze vibe die ik als gelukkig mens heb mogen ervaren onder het Latijns-Amerikaanse volk. En juist in die zalige vibe ga ik de komende 4 weken (en uiteraard ook daarna!) verder om de puntjes op de i te zetten!

30-03-’18: Met een gouden plak op zak zeg ik: Adiós México!

Het is zover! De koffers zijn gepakt en tot op de gram nauwkeurig volgeramd met Sombreros, Jalapeños en liters Tequila! Op het moment dat jullie deze blog kunnen lezen, land ik weer op Schiphol en na een dikke maand niet één drupje regen gevoeld te hebben zal ik weer moeten wennen aan het typisch Nederlandse voorjaarsweer. Voorlopig zijn dus de laatste voetstappen op Latijns-Amerikaanse ondergrond gezet… voorlopig!

Groepsfoto met de naar de nationale wedstrijd afgevaardigde rijders van de trainingsgroep in Guadalajara!

Na dik twee maanden vertoeven in Colombia en Mexico heb ik mijn lange ‘trainingskamp’ afgesloten met een belangrijke wedstrijd hier in Mexico, genaamd ‘Campeonato Nacional Interasociaciones 2018’. De wedstrijd vond plaats in Monterrey, oostelijk gelegen van mijn ‘Mexicaanse thuishaven’ Guadalajara. Voor de Mexicaanse skeeleraars is dit de meest belangrijke wedstrijd van het seizoen. Het geldt namelijk als plaatsing voor de Centraal-Amerikaanse spelen, waar de Mexicanen de strijd aangaan met andere Latijns-Amerikaanse landen. Aldaar kunnen ze door middel van goede resultaten een plek bemachtigen om namens het nationale team te strijden op het wereldkampioenschap dat 1 t/m 8 juli in Heerde en Arnhem wordt georganiseerd!

Na wat enkelprobleempjes besloot ik alleen te starten op de lange afstanden en zowel de 300 meter als de 500 meter te laten voor wat het is. De 4-dagen-durende competitie startte voor mij ’s avonds laat op dag 2 met een 10 kilometer lange puntos/eliminación. Een in de skeelerwereld gebruikelijke combinatie van een punten- en een afvalkoers zoals deze ook bekend zijn in de baanwielrensport. 5 ‘loze ronden’ en vervolgens om en om puntensprints en afvallingen. Samen met dik 20 andere gekwalificeerde hombres sprintte ik de ene ronde dus voor punten, terwijl de volgende ronde de laatste rijder van het peloton de koers moest verlaten. Je moet je krachten dus goed verdelen over de koers en zuinig punten proberen te kapen. Een derde plaats was het resultaat van mijn eerste wedstrijd van skeelerseizoen 2018. Na een vlucht van 2 andere rijders, die alle punten verzamelden, was dat het hoogst haalbare.

Op dag 3 een slordige 1000 meter – die resulteerde in een 5e plaats – en ’s avonds een dikke prima op de 10 kilometer lange puntenkoers (geen punten-/afvalkoers deze keer!). Na een aantal goed geplaatste aanvallen en slimme puntensprints leek het erop dat ik de koers gewonnen had, maar achteraf bleek dat trainingsmakker en Pan-Amerikaans kampioen Mike me nét op één puntje had verslagen. 19 om 18 punten. Zonde, maar na een bronzen medaille op dag 2 wel progressie met bijna-winst en een tweede plek op dag 3!

Foto 1: Tweede plek op de 10km puntenkoers op de piste. Eerste plek voor trainingsmakker en Pan-Amerikaans kampioen Mike (Mexico), derde plek Gwendal le Pivert (Frankrijk). Foto 2: Overleg met coach Pedro na de koers. Foto 3: Podium met een klein aantal Mexicaanse fans.

De laatste dag van de competitie – dag 4 – was op het wegparcours, een 400-meter lange gecoate atletiekbaan elders in Monterrey. Wederom liet ik de sprintafstand voor wat het was en startte ik alleen op de puntenkoers op de weg. Op het heetst van de dag, graadje of 35 in de brandende zon, gingen we van start voor slechts 5 kilometer, met welgeteld 11 puntensprints onderweg. De eerste 3 a 4 sprints liet ik de Mexicanen lekker om de punten strijden, waarna ik er met nog 7 ronden te gaan als een malle voorbij stoof! Een fuga oftewel een vluchtpoging! En het bleek een zeer geslaagde aanval te zijn. ORO! Een gouden plak! De eerste winst van het seizoen is een feit! En daar ben ik uiteraard dik tevreden mee!

Het feit dat ik de afgelopen dagen met een echte wereldtopper om de gouden plak kon strijden op de lange afstanden geeft me veel vertrouwen voor de komende zomer. Het is voor mij een bevestiging dat ik de afgelopen maanden veel progressie heb gemaakt en een juiste keuze heb gemaakt te trainen in Latijns-Amerika! Zaterdag a.s. start de Nederlandse competitie met een eerste wedstrijd op de skeelerpiste in Heerenveen. Daar zal ik met een flinke jetlag en een lange reis in de benen aan de start verschijnen. Logischerwijs verwacht ik niet bijzonder veel van mezelf, maar is het wel belangrijk om te starten en de noodzakelijke puntjes te sprokkelen om 10, 11 en 12 mei reglementair te mogen starten op het NK. Hét selectiemoment voor het WK in thuisland Nederland. Hét doel en hoogtepunt van deze skeelerzomer!

Afgelopen twee maanden zijn voorbij gevlogen en ondanks dat mijn Mexicaanse en Colombiaanse kameraden geen woord Nederlands spreken (verder dan ‘stroopwafel’ zal het niet gaan) wil ik hier toch even aankaarten dat ik iedereen enorm dankbaar ben voor twee onvergetelijk zalige maanden. Speciale dank aan Mike en de familie Paez waar ik een dikke maand bij in huis heb mogen wonen en Alex Cujavante bij wie ik de eerste drie weken in Colombia heb mogen verblijven. Beiden twee grote kampioenen waar ik veel respect voor heb en van wie ik veel heb mogen leren! Bedankt voor de inspiratie mannen! Ik ga er mijn uiterste best voor doen om het jullie in de toekomst donders moeilijk te maken op de skeelers!

15-03-’18: Zondagse zaligheid op de Colima Vulkaan! (Viviendo en Mexico #2)

Inmiddels ben ik wederom twee weken verder hier in Mexico. Twee weken die in essentie erg simpel te omschrijven zijn: “Eat, sleep, train – repeat”. Wellicht een beetje cliché, maar het is wel waar. In de ochtend trainen we van 7 tot 11 en in de avond van 6 tot 8. Tussendoor goed eten en vooral heel veel slapen overdag. Raak je afgeleid en wil je overdag de toerist uithangen, dan krijg je de eerstvolgende training een flinke uppercut en word je met de neus op de feiten gedrukt dat je tussentijds te weinig rust hebt genomen. Eigenlijk is het leven hier dan ook best wel saai te noemen, maar juist dát maakt het zo uitermate geschikt als ‘topsportklimaat’. Alle energie die je hebt wordt in de trainingen gestoken en gaat niet verloren aan randzaken. En dat kan ik merken, samen met mijn compañeros raggen we hier als een malle over de piste heen. De trainingen gaan super!!!


Een rustmomentje tijdens een training op de weg, even de hartslagmeter inspecteren!

 


Meeleven en ervaren hoe de temperaturen waren tijdens de natuurijsperiode in Holanda! (herstel-ijsbad na een zware training 😉 )

Om de week hebben we géén of twee rustdagen. In het laatste geval zijn het de maandag en de hieropvolgende zondag waarop we rusten en tijd hebben voor onszelf. We hebben dus trainingsweken van 5 en 7 dagen die elkaar omwisselen. Zo zijn we – naar mijn wens – afgelopen zondag in goed 3 uurtjes naar de voet van de Colima-vulkaan gereden, naar het plaatsje Ciudad Guzman om precies te zijn. Ciudad Guzman ligt – evenals mijn bivakkeerplaats Guadalajara – op 1550m hoogte. Vanuit daar zijn we met een gewone 2-wiel-aangedreven sedan over rally-waardige wegen gebanjerd en na een groot aantal tricky obstakels reden we ons dood op een hoogte van 2700m. Uitgestapt, veters gestrikt, klein zakkie met voedsel en drinken op de rugge, en… VAMOS!

De klim begon makkelijk op normale paden. Procentje of 2 a 3 omhoog, dus niet al te veeleisend voor ons als fanatieke sporters. Via het speciaal aangelegde hoogtestagekamp voor topsporters uit de provincie Jalisco klauterden we langzaam maar zeker omhoog, totdat onze gids (een avonturistische broer van een trainingsgenootje) zei dat we de top niet meer zouden kunnen halen vóór half 3. Dit was de tijd waarop we als laatste onze afdaling in moesten zetten, om niet per ongeluk in het donker met de auto’s in een ravijn te belanden (ben al eens met de wielrenfiets een ravijn in gedonderd, niet voor herhaling vatbaar). Na meerdere pogingen de gids en de groep te enthousiasmeren en het tempo op te voeren bleek ik de enige met de échte spirit om de top te behalen. Immers, het was voor mij de enige en tevens laatste kans gezien ik over goed twee weken Mexico weer verruil voor Holanda…

Ik was eigenwijs – de gids adviseerde (lees: verplichtte) mij niet alleen verder te klimmen – en liet de laatste restanten van de groep achter me om solo en als een bezetene naar de top te klimmen. 14u30 was de limiet en raad eens hoe laat ik boven op de top stond? Juist ja, 14u28! Stiekem wat minuutjes boven op de top erbij gesprokkeld en immens genoten van het oorverdovend stille geluid van moeder natuur. Wat kan dat energiek maar tegelijkertijd rustgevend zijn, een bizar mooi en onbeschrijflijk gevoel. Ik ben nog nooit onder invloed van drugs geweest, maar ik kan me voorstellen dat het ongeveer zo moet voelen als hoe ik me voelde na het bereiken van de top van de vulkaan. Luttele seconden voor het behalen van de top slenterde ik als een met zout bestrooide slak naar boven, maar eenmaal de top bereikt voelde ik mij een vers herboren ADHD-patiënt! De energie die door zoiets vrijkomt in je lichaam maakt je in staat alle impulsen, geluiden, het mooie uitzicht en de rest zo puur in jezelf op te nemen! Een soort van hard-reset voor de geest, alsof je voor het eerst in je leven een geluid hoort, voor het eerst in je leven kan zien, wat een machtig en zalig gevoel. Wat mij betreft zijn zulke slentersessies en prachtige uitdagingen in de verlaten natuur de meest pure variant van échte zondagse zaligheid!

Geniet lekker mee in onderstaand filmpje:

Ik ga zogezegd als herboren ADHD-patiënt nog twee weken flink doorbikkelen hier in het warme Guadalajara. Over twee weken nog een update omtrent mijn laatste ervaringen hier in Mexico. De 29ste zal ik weer terugvliegen om na dik twee maanden weer voetstappen te zetten op de vertrouwde Nederlandse ondergrond!

Hasta luego!

01-03-’18: Viviendo en Mexico #1!

Precies twee weken geleden arriveerde ik na een 26-uur-lang-durende reis in Guadalajara, Mexico. Na dik 3 weken genoten te hebben in het prachtige Colombia, zit inmiddels de helft van mijn reis erop en verblijf ik tot en met 29 maart in deze Mexicaanse miljoenenstad om nog een aantal weken flink te buffelen op de skeelers!

Tijdens het schrijven van deze blog geniet ik mee van de ijskoorts in Nederland: de livestream van de eerste natuurijsmarathon in Haaksbergen staat op (ik was startgerechtigd, dus stiekem vind ik het wel een beetje jammer dat ik er niet bij ben!) en de foto’s en video’s van op natuurijs schaatsende sportmakkers gaan als een malle op de social media. Maar tegelijkertijd denk ik niet eens aan ijs, althans, niet aan ijs waarop je kan schaatsen. Het is hier in Guadalajara 25 tot 30 graden en in plaats van rondjes op een (natuur-)ijsbaan van 400 meter, rijd ik mijn rondje op de 200-meter-lange skeelerpiste in het sportcomplex ‘Polideportivo CODE Revolución’. Rijd in onderstaande video een langzaam rondje mee over de piste:

Vergeleken met het aantal trainingsuren verschilt het hier in Mexico niet zoveel van Colombia: we maken nog altijd rond de 25 uur per week. We fietsen iets minder (de wegen zijn van erg slechte kwaliteit) en skeeleren iets meer. Elke week staan we zo’n 9 a 10 keer op de skeelers om – afhankelijk van de training – tussen de 100 en 200 rondjes te draaien op de skeelerpiste. Daarnaast doen we 2 a 3 keer per week kracht- en plyometrie-training, fietsen we 2 a 3 keer per week en doen we elke zaterdag een hardloopklimtraining waarbij we eerst voorzichtig afdalen naar het door de ‘Rio Grande de Santiago’-rivier uitgesleten dal om vervolgens de vers afgedaalde 500 hoogtemeters weer als bezetenen omhoog te klauteren tijdens een lange en slopende sprint bergop. Om de week zijn de zondag of de maandag de rustdagen.

1) Trainer Pedro met op de achtergrond de Puente Arcediane-brug waar de hardloopklautertraining start. 2) Twee-derde deel van de skeelergroep van trainer Pedro voorafgaand aan een snelwegtraining. 3) El Catedral de Guadalajara. 4) Een toeristisch herstelrondje op de fiets door Zapopan.

In het grote sportcomplex in Guadalajara (Polideportivo CODE Revolución) is alles zeer puik geregeld. Het sportcomplex is door de overheid gefinancierd en bijna alle sporters kunnen hier terecht voor hun training. Er is een atletiekbaan, een krachthal, een zwembad, een judo/taekwondo-hal, een schermhal, meerdere tennisbanen, een voetbal- en rugbyveld, squashbanen, een groot hockeystadion, een complex voor pijl- en boogschieten, (beach)volleybalvelden en als klap op de vuurpijl is er zelfs een startbaan voor bobsleeërs en skeletonners. Als ik zie hoe simpel maar efficiënt en toegankelijk alles hier is geregeld, verbaast het me niks dat – ondanks dat wij kwalitatief veel betere faciliteiten hebben in Nederland – we toch nog verrassend ver achterlopen in verschillende sporten. In Nederland betaal je als entree al rap 5 euro voor één training. “Solo uno entrenamiento?!?!?” was de reactie van de verbaasde Mexicanen. Ja, helaas wel. En daarbovenop komen nog alle kosten van het materiaal en alle setten wielen die je slijt (10 a 20 per seizoen a €200,- per set). Geen wonder dat ouders in Nederland liever hebben dat hun kids lekker een balletje trappen op het voetbalveld in plaats van skeeleren… Hier betaal ik slechts 12 euro en kan ik een heel jaar lang van 7 uur ’s ochtends tot 9 uur ’s avonds van het hele sportcomplex gebruikmaken (inclusief faciliteiten als een sportdiëtist, vetmetingen, sportkeuringen, etc.) mits ik mee train met een groep en de trainer van de groep mij hier toestemming voor geeft. Wat een contrast met Nederland waar alle sportfaciliteiten achter sloten en grendels verborgen zijn en je je scheel betaalt voor de entree… Enfin, genoeg negativiteit voor nu! 😉

Afgelopen zondag hadden we een heerlijke skeelersessie op de snelweg nabij het mooie en dondersgrote Lago de Chapala ofwel in Nederlandse termen: het Chapalameer. Dit is Mexico’s  grootste meer en heeft een oppervlakte van dik 54,000 voetbalvelden! Muy impresionante! Met uitzicht op het meer en autobegeleiding achter het skeelerpelotonnetje konden we veilig onze kilometers maken en na die tijd een frisse duik nemen in het meer. Check in onderstaande video een korte impressie van deze snelwegsessie op wieltjes!

Tot zover mijn eerste update uit Mexico!

Hasta luego amigos!

15-02-’18: Viviendo en Colombia #2!

Na de geslaagde skeelertraining bij Club PAEN in Medellín konden we overnachten bij een oom van Alex, de Colombiaanse wereldkampioen bij wie ik logeer gedurende mijn verblijf in Guarne, Colombia. Na een korte nachtrust ging de wekker om een uurtje of 4, ontbeten we met verjaardagstaart, hotdogs en cola (restanten van de verjaardag van het zojuist 4-jaar-oud geworden neefje van Alex) en verzamelden we bij het nog altijd even indrukwekkende skeelercomplex van de skeelerclub. Hier stond een grote touringcar gereed om plusminus 40 atleten en bijbehorende begeleiding naar Buga te transporteren, waar de eerste belangrijke nationale wedstrijd van het jaar georganiseerd werd. Een busritje van ongeveer 6 uur, bleek ik achteraf verkeerd opgevangen te hebben…

We vertrokken uiteindelijk rond half 7 ’s ochtends. Na een uitgebreide preek van een moeder van één van de atleten (in Colombia is het heel gebruikelijk om God te bedanken voor praktisch alles) manoeuvreerde de buschauffeur de lange touringcar met een noodgang over verschillende bergpassen. Effen lekker rustig slapen was er om deze reden niet bij. Daarnaast waren de stoelen gemaakt voor een doorsnee Colombiaan (plm. 1m60) en stak mijn hoofd een flink end boven de hoofdsteun uit. Zodoende bleef ik wakker en beleefde ik het eerste gedeelte van de busreis over de kronkelige bergwegen alsof ik meereed in de bolide van Max Verstappen.

Heel wat piepende-banden-geluiden en nekhernia’s later arriveerden we in een vlakker gedeelte van Colombia en reden we in 2 a 3 uurtjes relatief rustig naar de eindbestemming: de skeelerpiste van Buga, provincie Valle del Cauca. Na het doormailen van de officiële brief van de KNSB (Koninklijke Nationale Schaats/Skeeler Bond) naar de Colombiaanse organisatie van de wedstrijd, zouden we de inschrijving de volgende ochtend afronden. Het was heerlijk om na de lange busreis van uiteindelijk 12 (!!!) uur de beentjes te strekken en even los te skeeleren op de piste en het omliggende wegparcours. De komende vijf dagen zouden hier wedstrijden zijn, dus het was van belang bekend te raken met beide parcoursen. Na een korte trainingssessie snel met de taxi terug naar het hotel (voor omgerekend slechts 30 eurocentjes), opgefrist met een koude douche, een kort rondje door de stad gebanjerd en snel weer in bed gekropen om wat uit te rusten voor de wedstrijden die de volgende dag zouden beginnen.

  
Basílica Señor de Los Milagros

De volgende ochtend ging de wekker om half 7. Op naar de baan om te ontbijten en de verdere inschrijving te regelen. Met een roerbak-ei en een traditionele bak suikerrietkoffie in de pens ging ik samen met mijn Mexicaanse kameraden naar de jury voor de inschrijving. Eenmaal daar aangekomen bleek het tot onze grote verbazing niet meer mogelijk mee te doen aan de races, zelfs niet na een belletje met de president van de Colombiaanse skeelerfederatie. Dit gold ook voor mijn Mexicaanse kameraden, ‘gelukkig’ was ik dus niet de enige van de groep die niet kon racen. We besloten diezelfde avond weer terug te vliegen naar Medellín (vliegreis van een goed half uurtje, vergeleken met een 12-uur-durende-busreis zeeeeer comfortabel) vanaf het dichtbij Buga gelegen vliegveld van Cali.

Ik baalde er in eerste instantie enorm van dat ik niet mee kon racen in ’s werelds moeilijkste en grootste skeelercompetitie, maar heb nog wel ‘live’ de sfeer van een belangrijke Colombiaanse skeelerwedstrijd kunnen proeven gezien we pas ’s avonds laat terugvlogen. Achteraf was het ook wel verstandig niet te racen, gezien het lichaam nog wat vermoeid was van het reizen en het verblijf op hoogte. Eenmaal teruggekomen in Guarne heb ik de volgende ochtend m’n Spaanse ballen over de schouder geworpen en ben met volle moed alleen in een willekeurige bus gestapt met de hoop te arriveren bij een fietswinkel in Medellín. Wonder boven wonder kwam ik – na een aantal taalprobleempjes opgelost te hebben – aan op de gewenste bestemming waar ‘mi nueva bicicleta’ klaar stond. Samen met Mike (een van de Mexicanen die met de fiets was afgedaald van Guarne naar de desbetreffende fietswinkel in Medellín) zijn we in de hete middagzon, mét een zware tas op de rugge teruggeklommen naar Guarne. Een mooie test die mijn nieuwe tweewielige trainingscompaan puik heeft doorstaan!

1. Mi nueva bicicleta    2. Zwaar bepakt de Medellín-Bogotá klim betwisten     3. Klimgeiten op de Yolombal met wereldkampioen Alex en Pan-Amerikaans kampioen Mike

Eenmaal weer gesetteld in het vertrouwde Guarne  zijn we inmiddels een donders zwaar trainingblok gestart die tot en met mijn vertrek naar Mexico (14 februari) duurt. We zitten dinsdag t/m zondag elke ochtend tussen 05:45 en 07:00 op de fiets voor een training variërend van 2u tot 4u. Gelukkig vind ik fietsen zeer plezant en gaat het mij prima af, maar fietsen in heuvelachtig gebied, op hoogte, strijdend tegen o.a. twee groot skeelerkampioenen met het gewicht van typische Colombiaanse pocketklimmers (om en nabij de 62 kg) is een serieuze uitdaging! Tot dusver hebben ze de 73-kilogram-zware ‘papi blanco’ nog niet kunnen lossen en voel ik mij elke dag sterker worden. Afwisselend doen we zeer intensieve duurblokken, in de vorm van klimtijdritjes, en rustige lange duurritten waar we zoveel mogelijk van de omgeving rondom Guarne proberen te bezichtigen. Voor de insiders en belangstellenden, hieronder wat trainingsgegevens van de Las Palmas-klim die we afgelopen dinsdag betwist hebben:

1. Hoogte & hartslag tijdens Las Palmas-klim.     2. Bovenop Las Palmas met Peter en Mike.

De Las Palmas klim is de meest bekende en meest betwiste klim in de omgeving van de miljoenenstad Medellín. Tijdens verschillende Colombiaanse rittenkoersen wordt deze klim vaak aangedaan. Tijdens de 15,7 kilometer lange klim worden dik 1000 hoogtemeters overtroffen met een gemiddeld percentage van 7% (met pieken van 15%!). Voor mij betekende deze klim 57 minuten en 37 seconden afzien met een gemiddelde hartslag van 185 en een maximale hartslag van 195. De Garmin (hartslagmeter) gaf een hersteltijd aan van 72 uur, ofwel 3 dagen. Na de klimtijdrit was ik dan ook compleet gesloopt. Kaput. Naar de gruzelementen. Finito. Maar desalniettemin ben ik momenteel zeer tevreden met het niveau en de inspanningen die ik kan doen tijdens alle zware trainingen, ik voel me sterker dan ooit tevoren!

Uiteindelijk ben ik hier natuurlijk voor het skeeleren en ook op de skeelers trainen we hard. Het verschil met Nederland is dat we hier prima twee keer per dag hard kunnen trainen zonder té veel te doen en overtraind te geraken. In Nederland trainen we (vooral in de winter) 9u ’s ochtends en 4u ’s middags. De hersteltijd tussen beide trainingen is dan niet bijzonder lang. Hier – in Zuid-Amerika – is het vanzelfsprekend om heel vroeg te beginnen en vervolgens ’s avonds laat weer een tweede training te beleggen. Zoals al eerder genoemd beginnen we ’s ochtends al erg vroeg met een fietstraining, waarna we rond 11u ’s ochtends weer thuis arriveren. Daarna is het goed eten (lees: flink bunkeren), slapen we in de middag 2 a 3 uurtjes en kunnen we ’s avonds om stipt 19u weer uitgerust aan een zware skeelertraining beginnen. Een dagritme die mij prima bevalt!

Je hoeft geen medelijden te hebben hoor, want tussen alle trainingen door is er ook heus nog wel wat tijd over voor ontspanning. Zo hebben we een aantal mooie Colombiaanse plekjes bezocht, variërend van illegaal hiken en genieten van de ‘stilte’ in een nationaal natuurpark naar verzuipen tussen alle temperamentvolle Zuid-Amerikanen bij een aantal toeristische ‘must-see’ hotspots. Afgelopen zondag hebben we ‘El Piedra Del Peñol’ beklommen, van een magnifiek uitzicht genoten en vervolgens het bijzonder kleurrijke stadje Guatapé bezocht. Enkele foto’s:

Tot zover een (hopelijk niet té) uitgebreide update vanuit Colombia! Elke dag is het voor mij weer een verrassing wat ik ga zien en beleven en graag laat ik jullie meegenieten van mijn belevenissen in het skeelermekka Colombia. Uiteraard heb ik nog veel meer zalige belevenissen waarover ik graag wil schrijven, maar voor nu is ’t ‘goed ewes’. Over een aantal uurtjes (blog is woensdagochtend geschreven) stap ik in het vliegtuig en vervolg ik mijn reis naar Guadalajara, Mexico. Hier zal ik gedurende 5 weken nog eens flink afzien met mijn Mexicaanse kameraden, maar bovenal: donders veel schik maken!!!

Hasta luego, oftewel, tot de volgende keer!

01-02-’18: Viviendo en Colombia #1!

Het leven in Colombia! Sinds 26 januari bevind ik mij op Zuid-Amerikaanse ondergrond. Na een lange reis van welgeteld 28 uur met 2 tussenstops in Houston (USA) en Bogotá (COL) arriveerde ik 26 januari ’s ochtends vroeg in Medellín. Eenmaal de koffers van de band gepikt werd ik in het Spaans aangesproken door een kennis van mijn contactpersoon en deze kennis bracht mij naar de uiteindelijke locatie in Guarne, een voor Colombiaanse begrippen klein dorpje ten oosten van de miljoenenstad Medellín. Hier begint mijn twee-maanden-durende skeeleravontuur!

De uiteindelijke locatie was het huis van Alex Cujavante, Colombiaans wereldkampioen skeeleren. Via een Mexicaanse kameraad ben ik hier terechtgekomen en samen met 4 andere Mexicanen, 1 andere Colombiaan en de zus van Alex verblijf ik in een heel simpel maar degelijk huis. Sinds twee en een half jaar woont Alex hier om op hoogte te trainen, wat zeer wenselijk is voor sporters van de lange adem. Zodoende past het mij dus perfect om me aan te sluiten bij Alex en zijn sportmakkers! Ik werd zeer familiair en vriendelijk ontvangen en na m’n eerste Colombiaanse middaglunch heb ik mijn eerste rondjes geskeelerd op de piste van Guarne en pfoe… die hoogte… dat is me wel effen wat!


De skeelerpiste in Guarne.

 


Het straatbeeld in het dorpje Guarne.

Na een paar ‘tranquilo’ rondjes op de skeelerpiste voelde het alsof m’n beide longen waren gekrompen naar het formaat van een boterhamzakje. Ik moest snakken naar adem en deed het al snel nóg rustiger aan. Kalm an, zoals we in de Achterhoek zouden zeggen. Flink wennen dus! Ook op de terugweg van de piste op weg naar huis moesten we met de benenwagen een klimmetje van 50 hoogtemeters betwisten. Aan het begin nergens last van, maar na een aantal stappen bergop was iedereen wel erg stil… Kortom: Flink acclimatiseren en m’n lichaam de tijd geven te wennen aan de ijle lucht en het lage zuurstofgehalte. Enfin, eenmaal weer thuis gekomen snel een bordje eten naar binnen gekieperd, m’n eigen tweepersoonsluchtbed opgeblazen en als een comazuiper neergeploft en in een diepe slaap gevallen.

De volgende ochtend ging de wekker weer om 06:00. Maar zelf had ik ‘m niet gezet. Het was ‘ACL’ – de hond des huizes, een zware Duitse herder – die met volle overgave de trap af kwam banjeren. En laat ik met mijn luchtbedje nou nét naast die trap liggen…

Na een typisch Nederlands havermoutje heb ik onder begeleiding van een aantal Mexicaanse kameraden het stadje Guarne verkend en de eerste echte lokale lekkernijen geproefd. En die zijn spotgoedkoop (zoals bijna alles hier is, wat achteraf blijkt)! Ter illustratie: Een dikke bladerdeegstaaf gevuld met Guave (soort fruit) kostte mij samen met een bak koffie ruim gerekend slechts €0,30. Een dik avondmaal kostte mij later op de dag inclusief drinken €3,50. Donders goedkoop! Waanzin!

Na de ochtendtraining, die al een stuk minder heftig op de longen sloeg vergeleken met de vorige dag, hebben we plannen gemaakt om naar Medellín te gaan. Daar zouden we trainen met ’s wereld grootste skeelerclub: Club PAEN.


Piste Medellín.

Wat een accommodatie en wat een belevenis om hier te trainen! Ik geniet van elke seconde en voel me als een kind die voor het eerst in een ballenbak mag ronddwalen. Tijdens de training met Club PAEN stonden we met een groep van dik 100 man op de piste. En dit was dan slechts één van de vele groepen die dagelijks op de piste trainen. De hele club en de hele atmosfeer is magisch. Het ademt één en al sport, liefhebberij en passie. Nu snap ik wel waarom iedereen in Colombia zo gek is van en op het skeeleren! Check hier het filmpje van m’n skeelertraining:

Casper in 3de positie in het oranje pak met de zwarte helm.

Voor nu de eerste korte update vanuit Colombia. Over twee weken volgt er weer een update! Bedankt voor het lezen!

Buenos noches!

18-01-’18: Dik twee maanden naar zonnig Zuid-Amerika!

Het is definitief! De tickets zijn geboekt! Donderdag 25 januari vertrek ik voor dik twee maanden naar Colombia en Mexico om mij daar voor te bereiden op het komende skeelerseizoen! Ik heb er donders veel zin an, vanzelfsprekend. En waarom dan Zuid-Amerika (én Noord-Amerika natuurlijk, gezien Mexico daar ligt, maar gevoelsmatig toch meer bij Zuid-Amerika hoort…), vraag je je vast en zeker af? Heel simpel: goed weer, goede faciliteiten en de belangrijkste reden: de sport leeft daar enorm.

Als we in Nederland zeggen of melden dat we het druk hebben met training en vervolgens vertellen dat het gaat om skeeleren, dan hebben weinig mensen daar echt een idee bij. Ze denken natuurlijk meteen aan schaatsen op wieltjes, echter is het volkomen anders. In Colombia is het skeeleren immens groot en na voetbal één van de grootste sporten van het land. Ben je daar Colombiaans Kampioen? Dan ben je vijf jaar binnen. Ben je hier in Nederland Nationaal Kampioen? Dan verdien je nog niet eens je eigen setje wielen terug… Je hoeft daar alleen maar het woordje ‘patinaje’ te zeggen en vervolgens lacht men je vrolijk en respectvol toe en weten ze precies waar je ’t over hebt. Das toch prachtig!?!

Goed, ik ga daar dus heen om twee maanden hard te trainen met andere wereldkampioenen. Daarnaast zijn er al een aantal wedstrijden van hoog niveau in de maanden januari, februari en maart, waar in Nederland de competitie pas 31 maart begint. Via deze weg hoop ik twee of drie stappen vooruit te zetten in plaats van één stap vooruit. Naar mijns inziens heb ik er veel voordeel van vroeg te beginnen op de skeelers en al veel uren te maken en wedstrijden te rijden. Dit alles met als doel mij te plaatsen voor het Wereldkampioenschap wat 1 tot en met 8 juli in Nederland wordt gehouden in Arnhem en Heerde (nogmaals: noteer het in je agenda! Donders gaaf!). Kwalificeren is moeilijk, maar ik ben enorm gemotiveerd er alles aan te doen om op de kwalificatiemomenten een nieuwe Casper te showen en iedereen af te laten zien!

De komende blogs zal ik jullie op de hoogte houden van mijn reis en belevenissen in Colombia en Mexico! Nu ga ik snel verder met het treffen van de laatste voorbereidingen.

Adios amigos!

04-01-’18: Omgaan met teleurstelling: Achterhoeks relativeren!

“Zucht… Al heb ik zelf een hekel aan zuchtende mensen. Je werkt ergens keihard voor en als dit de uitkomst is, is dat wel effen pijnlijk ja…”

Aldus een flink teleurgestelde Bram Tankink in zijn eigen documentaire genaamd: “Bram Tankink: stoppen of doorgaan” (kijktip!). Maak je geen zorgen, ik sta nog (lang) niet voorgesorteerd bij de T-splitsing van stoppen of doorgaan, maar kon me maandagmiddag wel erg goed inleven in boven geciteerde uitspraak van de altijd goedlachse wielerheld Bram Tankink.

Afgelopen maandag – nieuwjaarsdag – was voor mij een belangrijke dag. Het NK marathonschaatsen stond al een aantal maandjes dik gedrukt en rood omcirkeld in mijn chaotische agenda. Eigenlijk deden de meeste overige wedstrijden dit seizoen er niet écht toe, al wil je elke wedstrijd waar je aan de start staat je beste zelf laten zien natuurlijk. Mijn beste zelf, gepaard met een gezonde dosis zelfvertrouwen en egoïsme, veroorzaakt voorafgaande aan elke marathonschaatswedstrijd de gedachte dat ik met de winst naar huis kan gaan. Zo dacht ik dat ook voorafgaand aan het NK marathon van afgelopen maandag. Helaas pindakaas, ik kwam niet eens in de buurt van winst…

Stap 1 als je kans wilt maken op de winst: ga mee met de beslissende kopgroep. Het lastige hieraan is, dat je niet van te voren weet of een ontsnappende groep de uiteindelijke kopgroep gaat zijn of dat het slechts een losse flodder is waar je energie aan verspilt. Tijdens een wedstrijd rijden we op de schaatsbaan 100 ronden van 400 meter. Gemiddeld probeert elke 3 ronden wel iemand te ontsnappen uit het peloton en jumpen er een aantal medevluchters naartoe. Het peloton is een groot gulzig beest wat keer op keer op jacht gaat naar deze ontsnappende groepjes, maar op een gegeven moment kan het grote gulzige beest niet alwéér de sprint naar de kopgroep inzetten en blijft de kopgroep weg. Dit kan bij de eerste vluchtpoging al raak zijn, soms pas bij de allerlaatste vluchtpoging en alle mogelijke vluchtpogingen die daar weer tussenin zitten.

Als rijder screen je alle kopgroepen die weg proberen te springen en als je denkt dat er een goede kans op slagen is, spring je mee. Dit deed ik in Utrecht ook. Ik reed een actieve wedstrijd en was in de openingsronden vaak onderdeel van kopgroepjes met potentie. Na een aantal keer raak je wat vermoeid en verstop je je weer uit de wind in het peloton om weer een klein beetje te kunnen herstellen voor de volgende demarrages. Juist op dat moment ging er weer een kopgroep met potentie weg, maar zat ik wat te ver van achter verstopt om er direct naartoe te rijden. Ze pakten al snel wat meters en terwijl ik nog wat vermoeid was van de vorige poging wist ik het eigenlijk al: “Slag gemist. Niet opgelet. Klote. K*t. Verdomme.”

In zulke gevallen dwing je voor een groot gedeelte ook gewoon af of je mee zit in zo’n kopgroep, ook al ben je vermoeid. Blijf je ondanks je vermoeidheid voorin het peloton zitten, dan is de kans groot dat je direct in de slipstream van een andere schaatser de aansluiting kan maken met de kopgroep. Zit je wat té ver achterin, dan mis je ook die kans om zuinig mee te springen naar een kopgroep en lukt het je zelf hoogstwaarschijnlijk niet meer. Dat overkwam mij en vervolgens had ik dik 40 ronden de tijd om als pelotonvulling rond te schaatsen en te piekeren, janken, schreeuwen, schoppen en wat dan ook. Je ziet dan de kopgroep stukje bij beetje wegrijden en bent zelf al te laat, je kan er niet zo veel meer aan doen. Als overmaat van ramp vergiste ik mij ook nog in het rondenbord en sprintte ik één ronde te vroeg af in het resterende peloton (gelukkig ging het ‘nergens’ meer om, plek 8 was het hoogst haalbare gezien er een kopgroep weg was).

Vorig jaar zat ik tijdens mijn debuutjaar in de kopgroep tijdens het NK en werd ik 5de. Toen was de teleurstelling vergeleken met deze keer wellicht nog wel groter, gezien ik stiekem al aan de winst kon ruiken. In zo’n situatie mag je de finale rijden en strijden om de felbegeerde Nederlandse driekleur. Dit keer mocht ik niet eens de finale rijden en hoorde ik bij het peloton der kanslozen.

(tekst loopt door onder foto)

Otterlo, zomer 2011. Als 15-jarig blaag ervaarde ik al eens – met wieltjes in plaats van ijzers onder mijn voeten – hoe het is om het NK marathon te winnen en de Nederlandse driekleur te veroveren. Een machtig mooi gevoel!

Maar goed, ik leefde toe naar dit moment en als het dan zo afloopt is het een oprechte teleurstelling. En daar moet je als sporter best vaak mee omgaan. Dan is het sporten even helemaal niet meer zo leuk. Op zo’n moment moet je even Achterhoeks relativeren. Laat je inspireren door de typische nuchterheid van buurman Henk: Geen gejank, gelul of gezeik. Gewoon effen normaal doen! Het is niet gelukt, jammer. Verander je niks meer an. Leer je les en ga weer verder, nog genoeg andere kansen dit jaar!

En zo is het met heel veel dingen. Kijk weer lekker vooruit, dat doe ik nu ook weer. Nog genoeg mooie kansen en leuke dingen op de planning. Allereerst gaat de marathonschaatscompetitie gewoon weer door en mag ik mijn debuut maken bij de A-rijders in een doorstroomwedstrijd! Daarnaast ga ik aan het einde van deze maand ieders grote vriendelijke vriend het zonnetje weer opzoeken, maar deze keer buiten Europa! Benieuwd waar ik naartoe zal gaan? Blijf m’n blog lezen!!!

Adios!

14-12-’17: Zomerse wintervibes in Lagos!

Deze blog schrijf ik vanuit het zonnige zuiden van Europa. Vanuit Lagos, een niet al te groot strandstadje gelegen in de Portugese Algarve. We verblijven hier gedurende een week om op een van de meest zuidelijk gelegen (en dus zonnige) skeelerpistes van Europa te trainen. We gaan donders hard jagen over de skeelerpiste, als een bezetene de gehuurde mountainbikes aan gort trappen en het kilometers lange strand van Lagos tot op de laatste vierkante centimeter omploegen. En dat allemaal met één doel (op korte termijn althans…) in ons achterhoofd: De rood-wit-blauwe trui die 1 januari a.s. te veroveren is tijdens het NK marathonschaatsen in Utrecht.

Zo’n NK is altijd een bizarre wedstrijd. Er staat geen klassement op het spel. Premiesprints, leidersprijzen of ereplaatsen zijn er niet of tellen niet mee. Mensen durven en doen meer dan normaal. Ze zetten hun verstand niet op 0, maar op -3. Ze kunnen niet alleen het laatste beetje energie uit de kleine teen persen; Nee, zelfs uit de oorlel worden wat bruikbare koolhydraatjes gevist om wat extra gas te kunnen geven. Het NK staat bij elke schaatser rood omcirkeld in zijn of haar agenda. Het maakt niet uit welk type rijder je bent. Het maakt niet uit of je het hele seizoen nog geen wedstrijd hebt uitgereden. Het maakt zelfs niet uit of je slechts op één schaats of op twee schaatsen aan de start verschijnt. Ook al ben je op papier een volkomen kansloze knasterd, dan heb je tijdens het NK evenveel kans om te winnen als de vijfsterren-favoriet.

Oké, genoeg over die altijd gekke NK-wedstrijd. Nu eerst een goede week focussen op drie simpele taken: goed eten, goed trainen en goed rusten. Dat zijn de enige taken en zorgen die je hebt tijdens een trainingskamp. Je kan als het ware een weekje lang leven als een “prof”. En dat maakt een trainingskamp zo verfrissend, vooral mentaal gezien. En dat mentale gedeelte is zoooooooooo belangrijk. Want ook al ben je fysiek 100% in orde, als die kronkelige grijze massa in je schedelpan om een of andere reden vindt dat je geen 100% bent, dan ben je dat niet. Punt. Dat heb ik zelf ook al vaak genoeg ervaren en betrap ik mezelf soms nog steeds op, dat je veel te veel nadenkt en uren piekert over de kleinste details. Wat ten koste gaat van wat altijd op nummer één moet staan: schik maken en plezier hebben! Want als je schik hebt en oprecht geniet van wat je doet, dan gaat alles vanzelf. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat ‘schik’ of plezier de meest onuitputtelijke en efficiënte brandstof is die er bestaat. En die onuitputbare brandstofvoorraad ga ik nu maar weer eens goed benutten samen met mijn sportkameraden. Verstand op -3 en onmeunig afzien in het Portugese zonnetje… In de blote bast! Dat is pas plezier hebben, dat is pas genieten!

Groetjes vanuit Portugal,
Tot de volgende keer!

02-12-’17: Zware sessies en moeizame marathons…

Als fanatiek sporter wil je non-stop goed presteren. Wil je fit zijn. Wil je zo veel en vaak als mogelijk in topvorm steken. Wil je winnen. Als je in topvorm steekt zijn je lichaam en geest er meer dan 101% klaar voor om het allerlaatste beetje energie uit je kleine teen te persen. Dat je voor de zóveelste keer kan demarreren. Dat je je je opponenten compleet kan slopen en helemaal naar de gruzelementen kan rijden. Je benen schreeuwen dan niet van de pijn, nee, die genieten dan juist van de pijn. Ze willen meer en meer pijn! Het is alsof je in een soort van sporters-high zit: je voelt niks, je blik staat op oneindig en kan alles doen wat je wilt zonder écht moe te worden. Dat gevoel dat je alles en iedereen aan kan. Dat geen wedstrijd of training te zwaar is. Dát is het gevoel waar iedere sporter naar zoekt; op het juiste moment. Pieken heet dat, op het juiste moment in topvorm steken, en dat is niet zo simpel als dat het lijkt…

Op korte termijn moeten voor mij op 1 januari a.s. alle puzzelstukjes in elkaar vallen, dan moet ik tijdens het NK marathonschaatsen in Utrecht in topvorm aan de start verschijnen. Dat lijkt simpel: hard trainen, goed uitrusten en… voilá! Helaas. Het is net iets complexer dan dat. In deze blog ga ik jullie in simpele woorden uitleggen hoe belangrijk een trainingsperiodisering is voor mij – en andere sporters – om op bepaalde momenten (proberen!) te kunnen pieken.

Onze periodisering is onderverdeeld in trainingsblokken. Tijdens zo’n trainingsblok (doorgaans 4 a 5 weken) bouwen de intensiteit van de trainingen en de vermoeidheid van het lichaam zich op. Je begint een blok na een rustweek van het vorige blok met een fit gevoel en bent aan het einde van zo’n blok vaak compleet gesloopt en wilt niets liever dan op je bedje liggen. Als je na zo’n zwaar trainingsblok je lichaam voldoende tijd en rust geeft om zich te repareren, dan doet je lichaam dat op dusdanige wijze dat het een volgende zware prikkel kan counteren. Je lichaam zal alle beschadigde spieren, weefsels en lichaamsfuncties weer repareren én versterken om voorbereid te zijn voor een vergelijkbare, volgende zware prikkel. Eigenlijk upgrade je je lichaam en bepaalde spieren of lichaamsfuncties, zodat het nét weer een stapje beter is dan voor aanvang van het trainingsblok. Als je dit blijft herhalen, en je je lichaam en lichaamsfuncties steeds weer weet te prikkelen om zichzelf te upgraden, word je steeds beter en fitter. Ik zal er even vier simpele illustraties bij pikken om dit toe te lichten:

  1. Op de Y-as, ofwel de verticale schaal, zien we de fitheid van de sporter. Op de x-as, ofwel de horizontale schaal, zien we de tijd. Door een langdurig trainingsblok raakt je lichaam vermoeid en uitgeput en zal je fitheid verliezen (onderin de grafiek, vermoeid). Hiervan herstel je en bij voldoende rust gaat je lichaam zichzelf en haar functies upgraden naar een niveau hoger dan het beginniveau voor aanvang van het trainingsblok. Dit noemen we supercompensatie. In de piek van de hiernaast staande grafiek ben je als het ware in ‘topvorm’. Wacht je té lang of rust je té lang uit, dat zal je je oude fitheidsniveau weer bereiken.
  2. Als je dit proces herhaalt, en keer op keer bijzonder goed weet te timen, kan je een steeds beter en hoger niveau bereiken. Hierbij kan je je trainingsblok niet steeds copy-pasten. Je lichaam went immers aan de inspanning en zal een zware trainingsprikkel van 2 trainingsblokken terug niet meer als even zwaar ervaren. Je lichaam gaat zich dus niet extra wapenen en upgraden voor een volgende, nóg heftigere trainingsprikkel. In onderstaande plaatje zien we meerdere trainingsblokken achter elkaar. Door steeds nét genoeg rust te pakken, en je lichaam steeds opnieuw weer te prikkelen met zware trainingsarbeid (maar ook weer niet te veel of te weinig), kan je zo steeds blijven upgraden en een steeds hoger niveau bereiken:
  3. Als je dit proces herhaalt, maar je rust niet voldoende uit en geeft je lichaam niet voldoende tijd zich te repareren, dan spreek je van overreaching wat kan leiden tot overtraining. Dit hoor je wel eens bij topsporters. Die moeten er dan vaak een hele periode uit om hun lichaam voldoende rust en tijd te geven zich volledig te repareren. In een illustratie ziet dit er zo uit:
  4. Rust je té veel en té lang uit, dan zal je je gedane arbeid niet meenemen in een volgende blok en zul je steeds op hetzelfde niveau blijven hangen:

Uiteraard verschilt de benodigde hersteltijd naar gelang de duur of de intensiteit van de trainingen en het trainingsblok veranderen. En verschilt het in hoeverre je er mentaal klaar voor bent om zwaar te trainen en je lichaam te prikkelen. En of je wel het juiste en goede herstelvoer tot je neemt. Het is dus de kunst om goed naar je lichaam te luisteren en steeds naar dat niet meetbare punt te zoeken wanneer je weer kan beginnen met een volgende zwaar trainingsblok.

Dit is de tien-duizend-keer vereenvoudigde theorie. In werkelijkheid ligt het heel complex en zijn er ontzettend veel factoren van invloed op je sportprestaties, je herstel en het al dan niet bereiken van het zo graag-gewilde maar vaak onbereikbare gevoel van topvorm.

Zo heb ik afgelopen twee marathons niet top kunnen presteren. Ik zat in de laatste twee weken van een zwaar 6-weeks trainingsblok en kon tijdens beide marathons niet lekker herstellen nadat ik een gat had dichtgereden of pittig moest versnellen. Mijn lichaam en geest waren té vermoeid om een goede prestatie te leveren. En dat is soms best lastig… Dan weet je voor die tijd al dat je aan het einde van een zwaar trainingsblok zit en dat je eigenlijk al weet dat je niet de beste Casper kan laten zien. Dat je niet zodanig kan presteren als dat je wilt presteren. Maar desalniettemin wil je er wel voor de volle 100% voor gaan en het beste eruit halen wat er op dat moment in zit. Soms is dat wel moeilijk en elke seconde knokken, maar je weet dat je dat bewust doet voor een nóg belangrijker doel of moment. En met die overtuiging en discipline werk je je trainingsblokken af om er later dubbel en dwars van te kunnen genieten.

Momenteel zit ik in een welverdiende herstelweek na een lang en zwaar trainingsblok en merk ik dat ik elke dag weer frisser en fruitiger opsta. En week na week, dag na dag blijf ik zoveel mogelijk beïnvloedbare factoren managen om steeds maar weer een hoger niveau te bereiken en op dat ene gewenste moment donders goed te zijn. Want dat ene gevoel, het in topvorm zijn, wat ik zelf slechts een aantal keer heb mogen meemaken, dat is wel zo magisch… En dat probeer ik keer op keer weer te bereiken… op het juiste moment!

Tot over twee weken!

16-11-’17: Materiaal #2 – Bezoek van een Koreaanse schoenenprofessor!

In mijn 6de blog, die begin september te lezen was (en nu nog steeds te lezen is trouwens, scroll maar een stukkie naar onder!), hebben jullie het een en ander kunnen lezen én zien over skeelermateriaal. Wieldiameters, de hardheid van de wielcompound, skeelerschoenen… Van alles en nog wat passeerde de revue. Vandaag komt daar een vervolg aan! Mijn oude afgeragde skeelerpantoffels zijn na 4 trouwe dienstjaren namelijk aan vervanging toe. En speciaal daarvoor kwam een Koreaanse schoenenprofessor overgevlogen naar Heerenveen om mij nieuwe skeelerschoenen aan te meten!

Check in onderstaand filmpje hoe kunstig het aanmeten van skeelerschoenen kan zijn:

Zoals je in de film kan zien ben ik op een bijzonder precieze manier met gebruik van lasers in een volgens de Koreaanse schoenenprofessor perfecte skeelerhouding gezet. Verplaatste ik slechts één millimeter, dan kreeg ik een typisch Koreaanse corrigerende tik en werd mijn knie, mijn heup, of wat dan ook weer in juiste houding teruggezet. Mooie uitdaging om thuis te proberen voor de TV: 15 minuten lang in geforceerd correcte houding gaan zitten… Ik verklap je alvast: best moeilijk!

Maar goed, als laatste shot zie je hoe de schoenenprofessor de gemaakte mallen volgiet met gips. Als dit gips is uitgehard heeft hij gipsvoeten die identiek zijn aan mijn voeten. Om deze gipsvoeten gaat hij een stevige carbonnen kuip bouwen die de basis is voor de skeelerschoen. De door mij gewenste eigenschappen voor deze carbon kuip gaat hij hierin verwerken. Denk hierbij aan stijfheid, torsie van de zool, dikte van de gebruikte materialen op specifieke plaatsen, enzovoorts. Deze carbon-kuip wordt afgemaakt en aangekleed met een comfortabele binnenvoering en een strak stukje leer aan de buitenzijde, waarna hij naar Nederland wordt gestuurd. Helaas doet hij dit in Korea en is het niet mogelijk dit in beeld te brengen. Over een dikke 2 maanden verwacht ik mijn nieuwe skeelerschoenen in Nederland. En zoals altijd met nieuw materiaal kan ik niet wachten tot ze arriveren!

Maar nu eerst nog even de focus op het schaatsen. Komende weken staan er weer marathons en massa-startwedstrijden op de planning. Tot nu toe gaat het dikke prima met winst in de tweede cupwedstrijd en een 7e en 9e plek in de derde en vierde cupwedstrijden. Laatste twee races waren niet super – wat in de verwachting lag gezien ze samenvielen met een intensief trainingsblok – maar alsnog degelijke resultaten die aangeven dat ik prima op de route lig om op 1 januari 2018 in topvorm te steken tijdens het NK!

Tot over twee weken!

Tijdens de derde cupwedstrijd in Heerenveen mocht ik van start gaan in het witte pak. Deze wordt gedragen door de beste jongere (U23) in de competitie. Net als de voorgaande week in Leeuwarden wist ik de sprint van het peloton te winnen, maar helaas was er deze keer een kopgroep vooruit van 6 man.

02-11-’17: YYYEEEEEAAAAAAHHHHH, WINST!!!

Inmiddels is het marathonschaatsseizoen voor mij dik twee weken bezig. Na een teleurstellende eerste cupwedstrijd in Amsterdam (twee zaterdagen terug, 21 oktober) waar ik na het missen van de kopgroep op een 11e plaats finishte, ging het mij afgelopen zaterdagavond (28 oktober) in Leeuwarden beter af!

Zaterdagavond om kwart voor 6 stonden er 82 beloften aan de startstreep om 100 ronden te koersen in de 11stedenhal te Leeuwarden. In Amsterdam ging ik wat wild om met mijn energievoorraad en sprong ik met veel kopgroepen mee (helaas niet de beslissende…). Ik had me voorgenomen om in Leeuwarden wat zuiniger te koersen en dus energie te sparen om een van mijn sterke wapens in te zetten in de finale: mijn snelheid en acceleratie tijdens het eindschot van de race. In de finale, met nog 3 ronden te gaan, kwamen er twee man van dezelfde ploeg buitenom die verrassend vroeg aan de eindsprint begonnen. Ik aarzelde geen moment, sprong uit het peloton en punchte in een kleine ronde het gat dicht. Met nog twee ronden te gaan bleef ik nog één ronde achter deze twee man zitten, waarna ik er op de bel van de laatste ronde vol voorbij klapte. De laatste uitgetrapte bocht was het een kwestie van blijven staan, ‘de deur dichthouden’ en vol uitversnellen om naar de finishstreep te rammen, want er zat nog één rappe man in mijn slipstream. Ik keek tijdens het sprinten langs mijn schouders door naar achteren en zag dat het niet meer mis kon gaan, en vervolgens…

YYYYEEEEEEEEEEAAAAAAAAAAAAAAAAAHHHHHHHHHHHHH!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

Na de finish heb ik wel een halve ronde lang de longen uit mijn lijf geschreeuwd… Zoiets heb je dan simpelweg niet meer onder controle. Bij het winnen van een belangrijke wedstrijd, al helemaal als je een aantal keer zo dichtbij de overwinning bent geweest en gewoon weet dat het kan, dan is die ontlading zó groot. Net alsof je een kneitersdikke lawinepeil afvuurt die je al een aantal maanden hebt bewaard voor die ene avond. Je steekt hem aan, hij stijgt op, je ziet langzaam de vonkjes verdwijnen in de lucht en je wacht op dat ene moment waarvan je weet dat ie gaat komen… BBBAAAAMMMM!!! En dat gevoel wat je dan hebt als je wint op zo’n moment hé, dat is zo een onbeschrijflijk zalig gevoel!

Nieuwe olympische afstand: de mass-start!
Na de voor mij zeer plezierige zaterdag moest ik mij zondag nog opladen voor de mass-start finalewedstrijd, waarvoor ik mij een week eerder had geplaatst tijdens de heats. Deze finalewedstrijd werd vlak na het NK afstanden verreden. Er bleef dus nog redelijk wat publiek staan om deze nieuwe, spectaculaire en sinds dit jaar olympische afstand te aanschouwen.
Een mass-start gaat er als volgt aan toe: de wedstrijd duurt 16 ronden. Op ronde 12, 8 en 4 is er een tussensprint, waarbij per keer 5, 3 en 1 punten worden vergeven aan respectievelijk de nummers 1, 2 en 3. De eindsprint is goed voor 60, 40 en 20 punten. Een simpele rekensom wijst uit dat de nummers 1, 2 en 3 van de eindsprint ook de nummers 1, 2 en 3 van de einduitslag zijn. De tussensprints zijn dus als het ware bedoeld voor de ereplaatsen.

Zelf heb ik na slechts twee weken ijs (nog) niet de snelheid om mannen als Koen Verweij, Gary Hekman en Arjan Stroetinga te evenaren in een eindsprint. Vooraf was ik al van plan om onderweg punten te kapen. Hoe mijn mass-start race verliep? Wellicht hebben jullie het al wel gezien op de livestream van de NOS afgelopen zondag. Zo niet? Check ‘m hierrrrr:

  

19-10-’17: Machtig Mooi Madeira (en op naar het schaatsseizoen!)

Woensdag arriveerden we als drie bleke Nederlandse kaaskoppen in Funchal, de grootste stad op Madeira gelegen aan de zonnige zuidkust. We werden in een krakkemikkig Hyundai-busje gepropt waarmee Alfonso (een niet-Engels-sprekende maar goedlachse en vitale local van ongeveer 60 jaar) ons na 2 pogingen naar het juiste hotel bracht in Santana, een stadje aan de noordzijde van het eiland.

We hadden een boven verwachting goed stekkie in het hotel en hoefden maar een appje of een belletje te doen naar de Alípio (de organisator van de Biosfera Roller Skate) en Alfonso of een van zijn kompanen stond in no-time klaar om ons naar de skeelerpiste in Faial te brengen, 5 minuten verderop. Ontbijten deden we in het hotel, middaglunch en avondeten was geregeld bij een restaurant op loopafstand van de skeelerbaan. Kortom; alles was geregeld en het enige waar wij ons mee bezig hoefden te houden was: tijdloos genieten!

Vrijdag en zaterdag waren er wedstrijden op de piste in Faial. Het oppervlak van de piste is te vergelijken met een met split bestrooide landweg. Voor de looks zijn ze daar met een blauwe spuitbus overheen gegaan. Een zeer grove en technische piste waar je ronde wielen na één wedstrijd pizzapuntvormig afgesleten waren. De eerste competitiedag was het dan ook erg wennen aan de piste. Het vermogen wat je normaliter in je afzet kan pompen kan je niet kwijt door gebrek aan grip waardoor je als een malle wegdrift, vooral in de bochten. Voor het idee: alsof je in een auto met een dik Ferrari-motorblok rondcrosst met een chassis van een Renault Twingo eronder… Na een dikke maand getraind te hebben op drie grote 125mm wielen (check de blog van 07-09-’17 over skeelermateriaal!) was het ook weer effe omschakelen naar 4x110mm wielen. De eerste dag greep ik op de flylap (één vliegende ronde van 200m met anderhalve ronde om op snelheid te geraken) op 0,12 seconden naast een plek in de finale. Tijdens de 10 km puntenkoers waren mijn wielen halverwege koers volledig opgerookt en werd de tweede waaier iets na halverwege koers eruit gehaald. Spijtig.

De tweede dag ging het een stuk beter! Op de 500 meter strandde ik na 3 rondes in de halve finale, wat resulteerde in een 6de plek. Op de 10 km afvalkoers kon ik mooi van voren meekoersen. In de finale verschillende keren aangevallen. Uiteindelijk moe maar voldaan wederom naar een 6de plek op de afvalkoers gereden.

Het baantoernooi zat erop en de laatste dag was de 100 meter sprint en de marathon in de vliegveldstad Funchal. De 100 meter sprint is voor mij geen serieus onderdeel, gezien ik geen pure sprinter ben. Op de marathon ging het prima! Keer op keer was ik present in de ontsnappende groep die bij poging 3 wegbleef van het peloton. Tezamen met 3 WK-podiumrijders uit respectievelijk Portugal, Duitsland en Mexico zat ik in de vroege vlucht. In de eindsprint ging de Mexicaan aan, hij kreeg 10 meter die ik vervolgens dichtpunchte. Daarna raakte ik wat ingesloten gezien de Duitser en Portugees aan de linker zijde naast mij sprintten en aan de rechterzijde geen mogelijkheid tot passeren was vanwege de hoge stoeprand. Helaas had ik geen tweede versnelling meer, maar desalniettemin ben ik zeer tevree met een 4de plek tussen deze mondiale toppers op de lange afstand!
(tekst loopt door onder foto’s)

 

De maandag na het toernooi hebben we genoten van het overweldigend mooie eiland. We hebben ons door Alfonso naar de Pico do Arieiro laten brengen en zijn noordwaarts via de Pico Ruivo in zeven-en-een-half uur terug naar het hotel gebanjerd. We hebben slechts een klein gedeelte van het eiland gezien, maar wat we hebben gezien zal ons voor altijd bij blijven. Het leek wel alsof we in een tijdloze mindfulness-sessie waren beland. Het landschap is zo surreëel prachtig en de rustige atmosfeer was zo bijzonder zalig. Een soort mentale hard-reset waarbij je alle onnodige hersenspinsels uitschakelt en zo opgaat in de natuur dat je even helemaal nergens meer aan denkt maar slechts puur aan het genieten bent. We zijn voor volgend jaar weer uitgenodigd om te komen skeeleren op dit schitterende eiland en ik weet voor 110% zeker dat ik er volgend jaar weer bij ben!

Zowel als sporter en als mens was dit een machtig mooie afsluiter van een prima skeelerseizoen. Na een aantal rustdagen is de korte boks inmiddels weer ingewisseld voor een thermobroek en klappen de schaatsijzers weer open op de ijsvloer van Thialf. Zaterdag a.s. (21 oktober) gaan we weer los tijdens de eerste marathoncupwedstrijd op de Jaap Edenbaan in Amsterdam. Na een korte voorbereidingsperiode op het ijs ben ik benieuwd hoe het zaterdag zal gaan, al weet ik wel zeker dat ik het gemis aan ijs-uren kan compenseren met een heerlijk opgefrist koppie! Een mooi potje schik maken op de ijsbaan met alle andere marathoneurs, let’s go!

Tot over twee weken!

05-10-’17: Jammende banjoboeren en zalige zonnestralen!

Deze blog schrijf ik al achteroverhangend in een loungebank op een gezellig en knus terrasje met op de achtergrond het geluid van een aantal jammende Portugese banjoboeren in de nazomerse zon. Prachtig, maar bovenal zalig. Nog even wat zonnestralen en D-vitamientjes vangen voordat het schaatsseizoen weer begint…

Morgen (vrijdag) begint op Madeira de Biosfera Roller Skate driedaagse. De laatste skeelerwedstrijd van het seizoen met een aantal internationale toppers aan de start. De locatie van de baan is prachtig en nog veel mooier dan de foto’s deden vermoeden (zie foto van de piste in de vorige blog). Ik heb niets te verliezen en heb donders veel zin om me te meten met een aantal internationale toppers op de technische piste van Faial.

Check in onderstaand filmpje de laatste voorbereidende trainingssessie van afgelopen maandag!

28-09-’17: Vamos para Portugal

Met een niet geheel tevreden gevoel dacht ik mijn skeelerseizoen afgesloten te hebben na een hectische ‘citycross’ door Berlijn. Echter is het skeelerseizoen sinds eergisteren op zeer spontane wijze nog twee weken verlengd! Over precies een week zit ik namelijk op Madeira voor een internationaal wedstrijdweekend. Daarover later meer. Eerst even een korte update over Berlijn!

Na afgelopen jaar een goede koers te hebben gereden, was ik vastberaden weer goed te presteren bij de Berlijnse marathon die als finalewedstrijd fungeert voor de wereldbekercyclus. Vroeg in de koers ontstond er een kopgroep van 7 man, waarbij alle favorieten uit de 3 koersbepalende grote ploegen vertegenwoordigd waren. In de tweede groep werd het tempo dusdanig gecontroleerd dat wegrijden lastig was, maar volgen relatief makkelijk. De tweede groep was dan ook lomp groot en bestond uit zo’n 60 tot 70 man.

In een hectische eindsprint, waarin ik me tot twee keer toe nét staande wist te houden, kon ik bij de derde poging eindelijk het gaspedaal aanstampen en schoof ik nog een plek of 10 a 15 op. Uiteindelijk sprintte ik in de tweede groep naar een 12e plek, wat een 19e plek in de eindklassering betekende. Gezien het koersverloop had ik geen voldaan gevoel. Ik kwam niet heel vermoeid over de streep en de sprint was zo donders hectisch dat ik niet al mijn opgespaarde energie eruit kon rammen. Al met al is de uitslag niet slecht. Van de 18 man voor mij zijn er 10 (ex-)wereldkampioen, maar gevoelsmatig zat er veel meer in!

Gelukkig hoef ik mijn skeelerseizoen dus niet met deze ‘domper’ af te sluiten. De organisatie van de Biosfera International Roller Skate – een 3-daagse wedstrijd op het Portugese eiland Madeira -viert haar 5e editie en had nog geen Hollandse kaaskoppen op haar deelnemerslijst staan. In oktober hebben we normaal gesproken de wieltjes al ingewisseld voor vlijmscherpe ijzers en denderen we in de rondte over een 400-meter-lange ijsvloer, maar voor deze ene keer maken we een uitzondering! Samen met twee trainingsmakkers vliegen we op uitnodiging op 4 oktober naar Portugal om daar op 6, 7 en 8 oktober mee te strijden om de prijzen en het skeelerseizoen toch nog goed af te sluiten!

Daarna heb ik nog anderhalve week om mij voor te bereiden op de eerste ijsmarathon van de winter; 21 oktober gaan we los op de Jaap Edenbaan in Amsterdam! Vorig jaar was ik gedurende de winter een aantal keer heel dichtbij een overwinning, ik ben benieuwd of ik mijn fysieke vooruitgang van deze zomer ondanks een zeer korte periode van ijsgewenning gelijk kan omzetten in resultaat! Maar nu eerst focus op de Biosfera International Roller Skate en al skeelerend genieten van de Portugese zonnestralen op de prachtig gelegen skeelerpiste in Faial (zie foto! Prachtig toch?!?). Daar gaan we het skeelerseizoen met een klapper afsluiten! LET’S GO!!!

21-09-’17: jetzt geht’s los

Aanstaande zaterdag mogen we lossss! De oplettende lezer heeft in de vorige twee blogs ook al wat subtiels opgevangen over Berlijn, maar zaterdag is het dan eindelijk zo ver! Ruim achtduizend skaters gaan met elkaar en met zichzelf de strijd aan over een precies uitgemeten parcours van 42,195 kilometer door hartje Berlijn.
Vorig jaar sprintte ik al debuterend als 18e over de meet in een tijd van 1:00:01. Twee seconden achter winnaar Bart Swings. Destijds bestond de voorste groep uit 35 man, waaronder ongeveer 10 wereldkampioenen. Ik finishte als tweede Nederlander achter Gary Hekman en was dik tevreden.
Dit jaar sta ik er weer heel goed voor! Deze week zetten we – zoals elke sporter dat zo clichématig zegt – ‘de puntjes op de i’. In de praktijk houdt dat in dat de lange zware trainingen achter de rug zijn en het lichaam nog op scherp wordt gezet door korte, intensieve, maar bovenal snelle trainingsprikkels! Afgelopen dinsdag hadden we zo’n korte maar pittige training. In beknopte trainingsschema-taal was de kern van de training als volgt: 2x (4x(2’E – 1’M – 2’H)) [10’R] Huh, Watte?!? Ja precies… Eigenlijk is het heel simpel. We hebben 4 setjes van 2 minuten easy – 1 minuut medium – 2 minuten hard. Na 4 setjes 10 minuten rust, en weer een serie van 4 setjes. Simpel gezegd: 2 minuten toeren, 1 minuutje lekker doortrappen en 2 minuten vol gas! Tijdens 2 minuten gas geven skeeleren we gemiddeld 45 km/u en stijgt mijn hartslag naar 196. Na de training ben je niet geheel naar de gallemiezen, maar je voelt zeker wel dat je wat hebt gedaan.
Benieuwd? Jaag samen met mij en m’n trainingsmakkers door de Friese polders. Bekijk onderstaand filmpje!

Heerlijk meegenoten van ACDC op de achtergrond? Deze klassieker is heel bewust gekozen! Nét voor de start draait de organisatie de volumeknop volle bak naar rechts en galmen de kerkklokken van Hells Bells door heel Berlijn. Een heel bijzonder kippenvel momentje zo vlak voor de start. Bij het horen van het nummer denk ik altijd terug aan de goede herinneringen van Berlijn van vorig jaar. Die verzameling aan goede herinneringen gaan we aankomend weekend eens even flink overtreffen! Jehtzt geht’s loooossssss!!!

Tot volgende week!

PS. Credits naar Goofy voor het filmwerk vanaf de wielrenfiets! Thanks!

14-09-’17: Back to my roots!

Zo’n 9 jaar geleden werd ik als 11-jarig jochie aangesproken op straat: “Doe niet zo gevaarlijk jongen! Zet eens effen een helm op je kop!”. Mijn vader liet de hond uit en als een mafketel crosste ik mee over drempels en stoepjes in Laag-Keppel en probeerde ik de vetste tricks op de inmiddels gesloopte halfpipe in Hoog-Keppel. Ik had donders veel schik met wieltjes onder m’n voeten. En dat heb ik nu nog steeds!

De voorzitter van de Hessenrijders zag me in de rondte crossen, sprak me aan en gaf me een helm. Al snel deed ik de eerste trainingen mee in de – óók inmiddels gesloopte – Markthal in Doetinchem. Daar stond ik elke donderdagavond braaf en vol bewondering te kijken hoe de trainer snel en behendig alle oefeningen voordeed, om later zelf ook een poging te wagen. Na drie-en-zeventig keer op m’n bek te klappen mocht ik promoveren naar de gevorderden-groep! Eindelijk! Ik mocht buiten over de Doetinchemse fietspaden jagen met de échte skeeleraars!

Dat is hoe het allemaal begon. Daar moest ik afgelopen zaterdag weer aan terug denken, toen er dik 50 enthousiaste blagen voor me stonden op skeelers. De Nationale Sportweek werd ingeluid in de Hessenhal in Hoog-Keppel en m’n oude cluppie stond daar ook paraat om te showen hoe cool het is om te skeeleren. Het plezier en de tijdloze vrijheid wat de kids uitstraalden terwijl ze hun oefeningen deden en hun rondjes crossten door de Hessenhal… Of ik ook vroeger met zo veel overgave en plezier in de rondte jaagde? Zonder twijfel!!!

07-09-’17: Materiaal #1

Voor de trouwe blogvolger is het al duidelijk dat we tijdens verschillende (weers-)situaties verschillende wielen kunnen steken. Zo stak ik een kleine vier weken geleden bij het ONK in Hallum regenwielen, waar de meeste anderen kozen voor meer allround wielen. Dat was op die dag zeer bepalend voor mijn resultaat. In deze blog een kleine introductie in de mogelijkheden die wij hebben om ons materiaal fine te tunen!

Zoals jullie in het filmpje kunnen zien rijd ik op oude afgeragde schoenen. Ze zien er afgeragd uit – en om eerlijk te zijn, zijn ze ook bijna ‘op’ – maar ze zitten nog als pantoffeltjes om m’n voeten! Deze schoenen zijn custom made. Dat wil zeggen: er is een gipsafdruk van mijn voeten gemaakt. Deze gipsafdrukken zijn met donders hard gerei volgegoten tot mallen. Vervolgens heeft een Italiaanse schoenenprofessor mijn inmiddels oude vertrouwde schoentjes om deze mallen heen gebouwd. Dit heeft hij hoofdzakelijk gedaan met carbon. Zo krijg je dus een uniek paar skeelerschoenen die precies passend zijn voor mijn voeten!

Over naar de wielen. We hebben momenteel keuze uit twee verschillende wieldiameters:

  • 110 millimeter &
  • 125 millimeter.

Op nationale en internationale wedstrijden op de piste en op de weg is een maximale wieldiameter van 110 millimeter toegestaan. Tijdens marathonwedstrijden is een maximale wieldiameter van 125 millimeter toegestaan. In de praktijk trainen we dus bijna altijd op 110mm, tenzij we ons voorbereiden voor een belangrijke marathon (zoals 23 september in Berlijn), dan switchen de trainingsperiode voor die tijd over naar 125mm.

Naast wieldiameter hebben we ook legio keuze in wielmerk en wielhardheid. Elk merk wielen heeft zijn eigen wielseries met elk unieke eigenschappen: een stijve of juist flexibele kern (als het ware de ‘spaken’ en de opbouw/basis van het wiel), gebaseerd op juist sprintafstanden of lange afstanden. Elk wiel heeft verschillende hardheden met een hardere of juist zachtere compound om het wiel heen (dit is het gedeelte wat in contact is met de grond, waar je dus letterlijk op skeelert). Als rijder heb je ook nog keuze om wielen te mixen, zoals in het filmpje: hardere wielen in het midden en zachtere wielen voor en achter voor de grip in de bochten.

Ook niet onbelangrijk: er is ook nog keuze in skeelerframes. De meeste frames zijn gemaakt van aluminium, slechts één merk heeft een goed carbon frame doorontwikkeld waar een aantal toppers op rijdt. Elk frame en elk materiaal heeft ook weer z’n eigen stijfheid en stuureigenschappen. Zelf geef ik voorkeur aan een aluminium frame. De frames kunnen we in zowel lengte- als breedterichting afstellen. Zo richt je beide frames voor pistewedstrijden lichtjes de bocht in, waar je ze voor marathonwedstrijden meer neutraal onder de schoen plaatst.

Al met al kunnen we dus op heel wat verschillende manieren ons materiaal personaliseren en finetunen. Logischerwijs is er tijdens een wedstrijd geen tijd om een pitstop te maken en materiaal te wisselen, dus moet je alles van te voren goed in orde hebben. Voor nu ga ik mijn kilometers vreten op de trekkerbanden van 125 millimeter! Tot volgende week!

31-08-’17: Nem effe ow gemak!

Na een klein weekje vakantie zijn de batterijen weer opgeladen en klaar voor het laatste trainingsblok van het zomerseizoen, ofwel het skeelerseizoen. Afgelopen week kon het vaste ‘sportritme’ even compleet losgelaten worden. Een doorsnee dag uit dat ‘sportritme’ ziet er gemiddeld genomen zo uit:

De wekker gaat rond een uurtje of 7, gevolgd door een stevige bak Brinta. Rond half 9 begint dan de ochtendtraining die anderhalf a twee uur duurt (hangt af van de soort training). Na die tijd snel opfrissen, middageten maken en een eventueel noodzakelijk powernapje inlassen, waarna er tijd is om voor school te werken of andere belangrijke dingen te doen. De middagtraining begint om 4 uur of half 5, ook deze duurt gemiddeld anderhalf a twee uur. Na terugkomst wederom een puike maaltijd in elkaar flatsen en ’s avonds weer tijd om ofwel de uitgestelde schoolzaken alsnog te doen, ofwel te relaxen.

Tijdens de middagpauze en na het avondeten wordt de helft van de tijd ook – bewust en onbewust – besteed aan sport of zaken die ermee te maken hebben. Je materiaal voorbereiden voor de eerstvolgende training, het trainingslogboek bijwerken, alvast zaken prepareren voor de avondmaaltijd, een sportkledingwasje draaien of nog effen snel een potje FIFA met m’n huisgenoot…

Eigenlijk gaat elke dag gewoon op de automatische piloot in een rush voorbij. Het is dan ook echt heerlijk om alles even los te laten. Natuurlijk heb ik afgelopen week tijdens de vakantie in de Duitse Eifel ook m’n hardloopschoenen en wielrenfiets meegenomen, want uiteindelijk is sporten iets waar ik donders veel plezier aan beleef en heel veel ontspanning uit haal. Praktisch gezien heb ik elke dag ook wel 4 of 5 uur gesport, maar deze keer geen gefixeerde trainingstijden, geen orders van de trainer en geen intervalblokken die gefocust bijgehouden moeten worden op de hartslaghorloge. Nee, afgelopen week deed ik lekker waar ik zin in had.

De vakantieweek werd afgesloten met een tijdloze toersessie op de wielrenfiets. Met de zon vol op de bakkes en rustgevende tunes in de oren dwalend door de Achterhoek. Échte zondagse zaligheid, als je het mij vraagt. Op de terugweg, bijna thuis, kwam ik langs een bankje waar ik al duizenden keren voorbij ben gefietst. Deze keer dacht ik: “Ja! Waarom ook niet?” Ik heb de hele afgelopen week effkes mien gemak enommen, nu kan het nog!

Vanaf afgelopen maandag staat de automatische piloot weer ingeschakeld. Nog een laatste trainingsblok flink gas geven om 23 september tijdens de 44e BMW Berlin Marathon de straatstenen eruit te knallen! Let’s go!

25-08-’17: Van de ‘hel’ van Hallum, naar lekker kallum…

Afgelopen zaterdag had ik mezelf compleet naar de gruzelementen moeten skeeleren. Zoals voorgaande zin al doet vermoeden, is dat dus niet gebeurd. Vlak voor halverwege koers voelde het alsof ik met m’n skeelers op een ijsbaan stond, ik zal even uit leggen hoe dat kan…

Om stipt 14u00 werden we weggeschoten voor 100 kilometer koers. Iedereen stond braaf maar nerveus opgesteld voor de start-/finishlijn waar even zo stipt om 13u59 een moddervette regenbui zijn hele blaasinhoud op ons leegde. In no-time was het hele parcours zeikesnat.

Als skeeleraars hebben wij de keuze om verschillende type wielen te steken, waaronder ook regenwielen. Hiermee heb je op nat wegdek verhoudingsgewijs veel grip. Ik had vooraf de buienradar gecheckt en had – als enige – gegokt op regenwielen. Vlak voor de start kreeg ik nog schouderklopjes en jaloerse blikken, maar na goed 40 kilometer koers was deze jaloerse blik precies andersom gericht.

Tijdens de eerste omloop van plusminus 30 kilometer bleken mijn regenwielen een zeer puike keuze! Waar anderen als schaatsende Bambi’s over het asfalt glibberden, kon ik mij op een zeer ontspannen manier in de voorste groep handhaven.

Stormachtige omstandigheden vlak na het startschot, het peloton op één lang lint. Casper in het oranje pak op 5e positie. (Foto: Glenn & Neeke Wassenbergh)

Aan het einde van de eerste ronde begon het op een aantal wegen behoorlijk rap droog te worden, mede door de fikse wind die er stond. Het gaspedaal werd ingetrapt en ik voelde mijn zachte regenwielen op de droge stukken asfalt wegsmelten als een klont roomboter in een hete koekepan. Na enkele kilometers kon ik mét mijn zachte regenwielen op uitgerekend de natte wegen he-le-maal niks meer. De rollen waren omgedraaid, nu was ik de glibberende Bambi in de voorste groep. Een aantal kilometers lang heb ik achteraan de voorste groep nog een poging gedaan mee te rollen, maar dit bleek al snel een mission impossible.

Eenmaal gelost uit de voorste groep ben ik – enorm balend – linea recta terug naar Hallum gereden. Onder de douche het slechte humeur afgespoeld en snel teruggeknapt naar de Achterhoek. Volgend jaar revanche!

De volgende en tevens laatste wedstrijd van het skeelerseizoen is 23 september in Berlijn. Na een lang skeelerseizoen is er nu weer even tijd om er kort tussenuit te piepen en de batterijen op te laden. Ik verdwijn een kort weekje volkomen van de radar en dwaal sinds afgelopen dinsdag door de bossen van de Duitse Eifel. Ik goa d’r hen! Auf Wiederschnitzel!

17-08-’17: Het Open Nederlands Kampioenschap Afzien

We jakkeren niet met de fiets over de kasseien van Parijs naar Roubaix, of roeien in noordoostelijke richting over het Eemskanaal nabij Groningen, of rennen op blitse gympen van Den Helder naar Schagen. Nee, als wij skeeleraars de spreuk ‘De Hel van het Noorden’ horen, denken wij aan 100 kilometer afzien in het noordelijkste noorden van Nederland.

Zaterdag a.s. zal ik mijn debuut maken in wat de meest vreselijke skeelerwedstrijd ter wereld moet zijn. 100 kilometer koers, slalommend tussen de koeienvlaaien door, over klinkers en met split bestrooide wegen. Non-stop windkracht 5 vol in je bakkes. Voeten die plotseling 3 maten groter zijn dan je skeelerschoenen en een gevoel in je onderrug alsof 5 ruggenwervels zijn ingewisseld voor vastgemetselde bakstenen.

Gek genoeg heb ik donders veel zin in zaterdag. Afgelopen weekend zijn de beentjes in goede vorm getrild op de Vlaamse klinkers tijdens de Flanders Grand Prix in Oostende. Benieuwd waar toe ze zaterdag in staat zijn tijdens de Nationale Titelstrijd in Hallum!

Voor alle liefhebbers en belangstellenden: check onderstaande promo en geniet mee van deze waanzin op wieltjes!

10-08-’17: Vlieg mee tijdens een Flylap!

Afgelopen week hebben we tijdens ons trainingskamp in Heerde als een stel malloten rondjes geskeelerd. Een aantal rondjes zo traag als dikke stront, maar ook heel wat rondjes donders hard!

Zo’n donders hard rondje noemen we een Flylap, letterlijk vertaald: een vliegende ronde. Tijdens een Flylap gebruiken we ongeveer een ronde om op volle snelheid te geraken, om vervolgens één ronde op topsnelheid door te jekkeren.

Trek een strak pakkie aan, zet een helm op je kop en scheur met dik 50 km/u mee over de skeelerbaan!

03-08-’17: Aj moar schik hebt!

Schik hebben we zeker, als we eindeloos rondjes draaien in het pittoreske Heerde. Wat doen we daar? Skeeleren!

Rolschaatsen, inline-skaten, skeeleren… hoe je het ook noemen wilt, wat mij betreft is het een van de meest zalige sporten op deze even zo zalige aardbol! Je bindt een paar stevige schoenen met wieltjes onder je voeten en je kan overal in de rondte rossen. Of dat nu op de straat is, op een skeelerpiste of door een volgedrekt weiland, schik heb je met wielen onder je voeten!

Mensen vragen vaak: “Wa’s dat dan? Dat skeeleren?”
In een notendop: We racen met een peloton over een 200-meter-lange piste met oplopende bochten of een willekeurig wegparcours en tikken op volle snelheid de 60 km/u aan!

Ben je nieuwsgierig? Kijk dan naar dit gave filmpje (Credits voor Franse concullega Patrick Lausdat):

Hou deze blog in de gaten voor mijn (en jullie) wekelijkse dosis schik!

Ajuu en tot volgende week!

Casper

PS. Kom ook effen spieken op mijn Instagram-account als je meer wilt zien!