Stel, je woont in een heel klein flatje samen met een hele grote en vooral drukke herdershond en je hebt als hobby het verzamelen van dure Chinese theekopjes gemaakt van het meest fragiele porselein ter wereld en die verzameling staat in een mooie maar ietwat wankele houten kast midden in de kamer. Je hebt jezelf aangeleerd dat als je een avond weggaat je de hond eten en een knuffel geeft en hem daarna in de bench doet zodat je zeker weet dat Wodan de kast met Chinees porselein niet kan omstoten. Je houdt van je hond en van je verzameling en het leven is goed. Op een avond zit je met je vrienden in de kroeg en je voelt je onrustig. Waarom toch? Ben je vergeten het licht uit te doen toen je van huis ging? Zou het gas nog aan staan? Nee, dat kan niet want je hebt patat gehaald. Je drinkt nog een biertje en ineens denk je “GODVERDOMME, WODAN ZIT NIET IN DE BENCH!!” Je fietst als een malle naar huis en je hebt de tranen in de ogen, wat ga je aantreffen straks en hoe moet je de verzekering uitleggen dat er voor duizenden euro’s aan porselein gesloopt is door je herdershond? Je bent eindelijk thuis, doet met een hartslag van 320 de deur open, rent naar binnen en daar zit Wodan je rustig aan te kijken vanaf de bank en de kast met porselein is nog helemaal heel. Je bent blij. Je bent extatisch, je hebt de grootste adrenaline-rush van je hele leven gehad, je kust de hond en zegt dat je van hem houdt en gaat gelukkig naar bed en Wodan mag naast je liggen. Pas ‘s ochtends ruik je dat de hond achter de bank heeft gescheten.
Dat gevoel is precies hetzelfde gevoel als je Hard Shoulder voor het eerst ziet. Kom kijken. Fantastische band. Honden mogen niet naar binnen.